De ondernemers schrijven nog geen orderboeken vol.
...

De ondernemers schrijven nog geen orderboeken vol.Tony Vandeputte, gedelegeerd bestuurder van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO), heeft er goeie moed op. ?In juli wezen allerlei tekenen op nakend economisch herstel. Nu bevestigen de indicatoren onze impressies. De klim van de conjunctuurbarometer van de Nationale Bank verwondert ons niet. Deautoverkoop ligt beter, de uitzendarbeid gaat licht vooruit, de woningbouw hervat in de sector van de openbare bouwwerken blijft het natuurlijk dramatisch.? Hoe intens de economische heropleving wel zal zijn, kan de werkgeversvertegenwoordiger niet voorspellen. Maar de hervatting is meer dan welkom, na de zwakke eerste jaarhelft. ?Tot enkele maanden geleden waren we ronduit pessimistisch, nu niet meer,? aldus Vandeputte, die ook regent is van de Nationale Bank. Volgens VBO-gegevens blijven textiel, kleding en voeding het moeilijk hebben. De distributie (detailverkoop) verkeert in een scherpe terugval. De scheikunde doet het goed, maar die had het eigenlijk nooit erg moeilijk ; de toestand in de belangrijke tak van de metaalverwerking verbetert en de bouw gaat weer aan de slag. Voor het gehele jaar zal de economische groei, met niet veel meer dan één procentje, zeker niet schitterend zijn, weet Tony Vandeputte. De negatieve groei (waarmee economisten achteruitgang bedoelen) van het eerste semester weegt te zwaar door. Maar het VBO gaat ervan uit dat de Belgische economie volgend jaar twee tot drie procent groeit. Dat schept nog geen werkgelegenheid, maar volgens Vandeputte helpt het toch. ?Nieuwe gegevens bewijzen dat er vanaf twee procent economische groei jobschepping ontstaat. Een groei van 1,8 procent zou al volstaan om de werkgelegenheid te stabiliseren, zij het niet in alle bedrijfstakken.? ROZE BRIL.Gedelegeerd bestuurder Paul Verhaeghe van LNV, de werkgeversvereniging van de voedingsnijverheid, twijfelt eraan of zijn leden het economisch optimisme dat de diensten van Alfons Verplaetse (de gouverneur van de Nationale Bank) rondstrooien, wel delen. Uit zijn juni-enquête naar het sociaal-economisch klimaat onder de ondernemers in de sector blijkt weliswaar iets meer optimisme. ?Maar de helft van de bedrijfsleiders bekijkt de economische activiteit nog altijd niet door een roze bril.? De bestellingen op de binnenlandse markt blijven een grote kopzorg, de export gaat vaag beter. De meerderheid van de ondernemers gelooft dat de vraag blijft stagneren en ze klagen over de druk op de verkoopprijzen. Ruim 80 procent van de werkgevers denkt niet te zullen aanwerven of weet het nog niet. Maar de investeringen trekken aan. De textielbedrijven herademen (nog) niet. De werkgevers in de sector zien geen tekenen van herstel. Fa Quix, directeur economie van de werkgeversvereniging Febeltex is formeel. ?De consumptie herstelt zich niet,? zegt Quix. ?Zowel in mode (kleding), als in interieur (tapijt, meubelstoffen, huishoudlinnen...) blijft de vraag uit. Dat geldt zowel voor de binnenlandse markt als voor de uitvoer. Driekwart van onze productie exporteren wij in de Europese Unie. Daar is geen beterschap. Vooral de vraag in Duitsland blijft slabakken, en dat land staat voor een kwart van onze uitvoer.? Febeltex weet dat de bedrijfsleiders zich ergeren aan het goede economische nieuws dat opgang maakt. De ondernemers verwijten de boodschappers van het conjunctuurherstel dat ze de werkelijkheid ?verbloemen?. De macro-economische cijfers vinden ze verre van goed een economische groei die daalt van twee naar één procent , maar de officiële voorstelling ervan klinkt goed. ?De aankondiging van de gouverneur van de Nationale Bank dat we door het economisch dal zijn, is voorbarig.? Puur pessimisme in de textielsector ? Zegt Fa Quix : ?Wij hadden gehoopt dat het herstel zich nu zou voordoen. Wij rekenen al niet meer op het vierde kwartaal. Eind van het jaar misschien.? G.D.