Het is een veel geziene reactie op columns en opiniestukken:'Ik ben het niet altijd met hem eens, maar deze keer...' Een soort standaardformule is het. Op het eerste gezicht wellevend. Het lijkt ook te getuigen van een zekere openheid. Kijk eens hoe flink, ik kan toegeven dat iemand gelijk heeft. Uiteraard voorafgegaan door een duidelijke mededeling, eigenlijk een waarschuwing, dat dit zeer uitzonderlijk is: opgelet, ik wil niet dat u denkt dat ik deze persoon in alles gelijk geef.
...

Het is een veel geziene reactie op columns en opiniestukken:'Ik ben het niet altijd met hem eens, maar deze keer...' Een soort standaardformule is het. Op het eerste gezicht wellevend. Het lijkt ook te getuigen van een zekere openheid. Kijk eens hoe flink, ik kan toegeven dat iemand gelijk heeft. Uiteraard voorafgegaan door een duidelijke mededeling, eigenlijk een waarschuwing, dat dit zeer uitzonderlijk is: opgelet, ik wil niet dat u denkt dat ik deze persoon in alles gelijk geef. Dat gelijk, dat schijnt iets heel belangrijks geworden te zijn in onze hedendaagse samenleving. Debatten en discussies zijn er niet meer om van elkaar te leren, maar om gelijk te halen. Met publiek erbij. Wat een verstandig gesprek zou kunnen zijn tussen twee mensen die ideeën hebben over hoe je de samenleving het best organiseert, wordt een match tussen twee politici, aangemoedigd door een stadion supporters. De tegenstrever gelijk geven wordt weggefloten als een trap in eigen doel. Het eigen gelijk is de nieuwe godsdienst geworden. In de eerste plaats omring je jezelf met mensen die je gelijk delen. De rest wordt ontvriend en ontvolgd. Je gaat naar cafés en bijeenkomsten waar gelijkgestemden rondhangen en je mijdt plaatsen waar gedachten heersen die in strijd zijn met de jouwe. Zo creëer je een gelijksbubbel. Daarbinnen is het heerlijk toeven. Het is er gezellig, er vallen nooit woorden en iedereen heeft het goed voor met de wereld. Binnen je gelijksbubbel ben je gelukkig, zolang er niemand in prikt. Maar ook daar heb je een middel tegen: de geloofwaardigheid van de doorprikker ondermijnen. Als je, bij wijze van voorbeeld, een aanhanger bent van alternatieve geneeskunde, dan zul je elk kritisch woord het gevolg noemen van het gelobby van de geneesmiddelenindustrie. Ben je een verwoed aanhanger van de officieel aanvaarde geneeskunde en je hoort een argument uit de alternatieve sector, dan maak je grapjes over wie met het argument op de proppen kwam. Zo gaat dat. Politicoloog Dave Sinardet merkte twee weken geleden op dat CDH de informateursnota van De Wever wél zou hebben goedgekeurd als ze niet van de N-VA-voorzitter was gekomen maar van Di Rupo. En dat De Wever dezelfde nota ook nooit aanvaard zou hebben als ze door Di Rupo was geschreven. Het argument van CDH-voorzitter Benoît Lutgen klonk: 'De Wever gedraagt zich als een lam, maar hij is nog steeds een wolf.' Met andere woorden, met die nota is niks mis. Ze komt gewoon uit de verkeerde gelijksbubbel. Rechts kan volgens links niets goeds doen, want het 'heeft geen moreel kompas'. Links kan volgens rechts niets goeds doen, want het 'beschikt niet over gezond verstand'. Dat zowel links als rechts misschien wel lang en grondig heeft nagedacht over zijn ideeën is niet aan de orde. Foute bubbel, fout verhaal. Het eigen gelijk wordt stilaan het nieuwe statussymbool. Geld, gezondheid en geluk hebben afgedaan als uiterlijke tekenen van succes. Veel te makkelijk te verwerven. Geld krijg je ook als je werkloos bent of stopt met baas zijn. Gezond zijn en er stralend uitzien, daar bestaan middelen voor. En in een land waar mensen al blij zijn met een hoesje over hun buitenspiegels kan het geluk niet ver te vinden zijn. Mensen die veel gelijk krijgen, schoppen het verder, dat is de gangbare gedachte. Dat lokt. Maar intelligenter maakt het ons niet, zo'n gelijksbubbel. Intelligentie, dat is het vermogen ook te werken met gedachten die niet van jezelf komen. Iets heel anders dan verstand. Met verstand word je geboren. Intelligentie moet je verwerven. Verstand is verstaand. Het is wat het zegt. Het staat ver van alles. Het staat heel alleen. Je mag de slimste van de klas zijn, als al die slimme waarheden van je niet getoetst worden aan die van anderen, dan komt er geen intelligentie. Doorgaans hebben mensen geen moeite om op gedachten van anderen te bouwen. Zolang die anderen al eeuwen dood zijn. Maar binnentreden in de gedachtegang van een tijdgenoot of, erger nog, van iemand uit een ander kamp, dat vergt moed. De angst om het eigen gelijk te loochenen zit diep. Onlangs verscheen in dit tijdschrift een gesprek tussen Abou Jahjah, die maar boe! hoeft te roepen om de Staatsveiligheid uit haar bed te schudden, en Bart Somers, die de orde probeert te handhaven in een stad met honderdtwintig nationaliteiten. Heel verfrissend in dat gesprek was dat de heren oor hadden naar elkaars gedachten. Er werd niet alleen gepraat, er werd ook geluisterd. Achteraf gaven ze toe dat ze veel hadden geleerd uit dit gesprek. Wel, wij ook. Al moet ik er absoluut bij vermelden dat ik het niet met alles eens was wat er gezegd werd. Guillaume Van der Stighelen, ex-reclamemaker en medeoprichter van Duval Guillaume, schrijft columns en cursiefjes, maakte met Canvas de tweedelige documentaire President Te Koop over de verkiezingscampagnes in de VS en werkt momenteel aan een hernieuwde uitgave van zijn boek Echt.Guillaume Van der StighelenIntelligentie, dat is het vermogen ook te werken met gedachten die niet van jezelf komen.