Agalev heeft twintig jaar parlementair werk achter de rug. De groenen vieren dat niet op een strak geregisseerd applauscongres, maar met kritische referaten over 'de groei van groen' en met prikkelende, curieuze gedachten van politiek secretaris Jos Geysels. In die referaten en gedachten vormt de tandem democratie (behalve het parlementaire proces ook het debat met het middenveld en de civiele maatschappij) en duurzaamheid (dat veel ruimer is dan het milieuthema) een fundamentele hefboom. Hij slaat voor de groenen een brug, niet naar anti-gl...

Agalev heeft twintig jaar parlementair werk achter de rug. De groenen vieren dat niet op een strak geregisseerd applauscongres, maar met kritische referaten over 'de groei van groen' en met prikkelende, curieuze gedachten van politiek secretaris Jos Geysels. In die referaten en gedachten vormt de tandem democratie (behalve het parlementaire proces ook het debat met het middenveld en de civiele maatschappij) en duurzaamheid (dat veel ruimer is dan het milieuthema) een fundamentele hefboom. Hij slaat voor de groenen een brug, niet naar anti-globalisering, maar naar een andere globalisering. En die brug ligt voor Agalev niet op de Derde Weg of in de actieve welvaartsstaat. Volgens Geysels en co biedt dat compromis tussen liberalen en socialisten 'geen adequaat antwoord op de uitdagingen van onder meer de wijzigende rol van arbeid, de kloof tussen Noord en Zuid, het ecologische vraagstuk en de uitholling van de democratie'. In spiegelbeeld moeten precies deze thema's van sociale rechtvaardigheid, internationale solidariteit, ecologie en meer democratie het groene surplus vormen. Ondertussen zijn dat ook de elementen die de positie van de groenen moeten bepalen in de discussies over het antwoord op de aanslagen van 11 september: het terrorisme moet worden aangepakt, maar er moet ook iets worden gedaan aan de armoede en de internationale conflicten die er de voedingsbodem van zijn. Dit soort beschouwingen zijn waardevol om de strategische lijnen in 'de concrete utopie' van Agalev te ontdekken. Hun tactische bruikbaarheid in de beleidspraxis van een paars-groene coalitie is een andere zaak. Eén voorbeeld maar: zal Agalev bestand zijn tegen de interne en externe kritiek wanneer zou worden besloten om Belgische troepen mee in te schakelen in acties tegen Osama Bin Laden in Afghanistan? Agalev heeft door moeizame processen van basisdemocratie de stappen gezet van beweging over politieke zweepfactor naar regeringspartij. In die laatste rol wordt ze nu geconfronteerd met het compromitterende van compromissen en met de traagheid van trendbreuken. Zaventem, Doel, het witte-woedeakkoord, de ecoboni, de regularisatie van mensen zonder papieren, het depenaliseren van softdrugs: het lijstje is intussen bijna klassiek te noemen. Daartegenover vergt een gemediatiseerd politiek bedrijf dat vaak drijft op de waan van de dag, ook een zeer hoge reactiesnelheid en een slimme communicatie van de groene boegbeelden. Die vaardigheden bepalen mee de perceptie van het regeringswerk van Agalev. 'We creëren te veel symbooldossiers en leggen het accent op het eigen verlies' geeft Vera Dua toe. En de perceptie wordt dan werkelijkheid, zoals Geysels dat zegt. Maar ze is er nu eenmaal, ook bij kiezers. Politicoloog Jo Buelens waarschuwt Agalev niet ten onrechte dat de toekomst groen, maar voor Agalev daarom nog niet rooskleurig is.Patrick Martens