Plotseling ging het om de knikkers. Als macht en geld aan de orde zijn, schakelt de politiek altijd meteen twee versnellingen hoger. Eerst was er de Europese top over financiële aspecten van de uitbreiding van de Unie met tien nieuwe leden. Vervolgens stelde voorzitter Valéry Giscard d'Estaing van de Europese Conventie het raamwerk voor van wat volgend jaar een Europese grondwet kan worden. Een Unie met 25 lidstaten werd ineens heel concreet, en dat joeg de koorts in de Brusselse paleizen van Europa met een ruk omhoog.
...

Plotseling ging het om de knikkers. Als macht en geld aan de orde zijn, schakelt de politiek altijd meteen twee versnellingen hoger. Eerst was er de Europese top over financiële aspecten van de uitbreiding van de Unie met tien nieuwe leden. Vervolgens stelde voorzitter Valéry Giscard d'Estaing van de Europese Conventie het raamwerk voor van wat volgend jaar een Europese grondwet kan worden. Een Unie met 25 lidstaten werd ineens heel concreet, en dat joeg de koorts in de Brusselse paleizen van Europa met een ruk omhoog. Zo eindigde de top tien dagen geleden wel met een akkoord, maar desalniettemin toch in mineur. Sinds hij zes maanden geleden met een overweldigende meerderheid voor een tweede keer tot president van Frankrijk werd verkozen, is Jacques Chirac weer helemaal zichzelf. Hij moet de macht en het aanzien van zijn functie niet meer delen met een eerste minister van socialistische signatuur - zoals dat de voorbije jaren met Lionel Jospin het geval was. De presidentiële diplomatie kan weer voluit spelen. In New York vaart Frankrijk in de Veiligheidsraad een eigen koers, tot ergernis van de Amerikaanse regering. In Brussel manoeuvreerde Chirac de Britse premier Tony Blair handig in de gracht. Dat leidde tot een bitse woordentwist tussen de heren en het afblazen van een aanstaande bilaterale ontmoeting tussen het Franse staatshoofd en de Britse regeringsleider. De top in Brussel moest onder meer nieuwe afspraken maken over de landbouwpolitiek van de Unie: hoe zouden de centen worden verdeeld, als nieuwe landen straks aansluiten? Wat zou dat betekenen voor de boeren in de huidige lidstaten? In de landbouw gaat 45 procent van de totale Europese begroting om - een bedrag van 41 miljard euro. De manier waarop de Europese landbouw wordt ondersteund, is onder meer de Britten al jaren een doorn in het oog. De Fransen van hun kant willen de zaken zo lang mogelijk houden zoals ze zijn: in 2001 ging 22 procent van het Europese landbouwgeld naar Franse boeren. Slechts 9,6 procent ging over het Kanaal naar het Verenigd Koninkrijk. Blair dacht dat hij een stevige coalitie in elkaar had getimmerd, met Nederland, Zweden en Duitsland die met hem voor een hervorming zouden pleiten. Tot zijn verbijstering stelde hij in Brussel vast dat de Duitse kanselier Gerhard Schröder en Chirac het net vóór de top op een akkoordje hadden gegooid om alvast de komende jaren weinig te veranderen. Ze plaatsten de tegenstand daarmee van bij de aanvang voor een voldongen feit. Aan de nieuwe as tussen Berlijn en Parijs kon nauwelijks nog worden getornd. Voor Blair was het een klap in zijn gezicht, en een deuk in het imago van Europees leider dat hij zorgvuldig had opgebouwd. Twee dagen na het incident tussen Blair en Chirac presenteerde Valéry Giscard d'Estaing de eerste tekst van de Europese Conventie. Tot het samenroepen van zo'n Conventie werd een jaar geleden op de top in Laken beslist: vertegenwoordigers van de Europese Commissie en het Europees parlement, van de nationale regeringen en parlementen, van de kandidaat-lidstaten en uit het sociale middenveld bespreken er hoe Europa binnenkort met zoveel meer lidstaten toch nog efficiënt kan werken. Er wordt nagedacht over een nieuw, alomvattend verdrag - de tekst van een heuse Europese grondwet. De Franse oud-president Valéry Giscard d'Estaing zit de Conventie voor, onze Jean-Luc Dehaene en de Italiaan Giuliano Amato zijn er de ondervoorzitters van. Het was uitkijken naar die eerste tekst, omdat niemand wist welke richting Giscard uit wil. De strijd tussen enerzijds de voorstanders van een versterking van de Europese instellingen zoals ze nu bestaan - vooral de Commissie en het parlement - en anderzijds de verdedigers van de rol die de nationale regeringen spelen, kwam de voorbije weken steeds nadrukkelijker aan de oppervlakte. Het ene kamp ziet Europa langzaam uitgroeien tot een politieke entiteit met alles erop en eraan. Het andere wil niet verder gaan dan een unie, die als een samenwerkingsverband van soevereine staten functioneert. Giscard koos in het dispuut op het eerste gezicht voor een intergouvernementele aanpak, dat wil zeggen voor het tweede kamp. Zo pleit hij onder meer voor de aanstelling van een heuse voorzitter van de Europese Raad. Die wordt nu om beurten voor zes maanden voorgezeten door telkens altijd een andere lidstaat. Dat systeem wordt straks, met 25 lidstaten, onwerkzaam geacht. Daarom willen sommigen dat de Raad iemand kiest, die dan voor langere tijd voorzitter kan zijn. Maar zo iemand zal zeker de autoriteit van de voorzitter van de Commissie ondergraven. Daarnaast zou Giscard graag een nieuwe instelling introduceren, een congres van de Europese volkeren, waarin leden van het Europees parlement en van de nationale parlementen elkaar zouden ontmoeten. Het kan niet anders of zo'n congres zal onvermijdelijk aan de bevoegdheden van het huidige Europees parlement vreten. 'Pak me nu nog niet op mijn woorden', suste de voorzitter van de Conventie, toen de kritiek op zijn tekst snel kwam. 'Het is inderdaad goed dat het raamwerk er is', beaamt Anne Van Lancker (SP.A). Ze vertegenwoordigt het Europees parlement in de Conventie. 'Het is belangrijk dat er nu op basis van teksten kan worden gewerkt', vindt ook Europees parlementslid Marianne Thyssen (CD&V). 'Anders hangt het toch allemaal in de lucht.'Het raamwerk van Giscard bevat, volgens de beide dames, goede en minder goede voorstellen. 'Het is om te beginnen duidelijk een ontwerp voor een grondwettelijke tekst', vindt Van Lancker. 'Europa krijgt één rechtspersoonlijkheid. Het charter van de fundamentele rechten zal ook volledig in de tekst worden opgenomen. De idee van een dubbele nationaliteit biedt perspectieven.''Maar er staan ook paragrafen in, waarvan ik kippenvel krijg. Het woord solidariteit komt er niet in voor. Bovendien neigt het hele concept naar een unie van lidstaten. De nadruk ligt helemaal op de Europese Raad, waarin de regeringsleiders de dienst uitmaken - een instelling die in de jaren zeventig nog door Giscard werd uitgevonden, toen hij president van Frankrijk was. Ik heb grote vragen bij de idee dat de Raad een permanente voorzitter moet krijgen, die door de Raad wordt verkozen. Is die figuur verantwoording verschuldigd? Wie oefent er controle op uit? Wij blijven denken dat de Commissie het algemeen belang in de Unie vertegenwoordigt. Zij zou ons na aan het hart moeten liggen, zij moet versterkt uit de Conventie komen.' 'Over die voorzitter heeft de Europese Volkspartij (EVP) zich op haar congres in Estoril uitgesproken', herinnert Marianne Thyssen zich. 'Daar is beslist dat, integendeel, het gewicht van de voorzitter van de Commissie groter moet worden. We zijn nog niet van mening veranderd: onze groep heeft volgende week een seminarie, waarop ons standpunt over de tekst van Giscard wordt bepaald. Neem dat congres van volkeren, bijvoorbeeld. Het kan niet de bedoeling zijn dat het bevoegdheden van andere instellingen inpikt. De structuur moet niet nog zwaarder worden. De besluitvorming duurt zo al lang genoeg.''Dat congres van volkeren is een natte droom van Giscard', weet Anne Van Lancker. 'Maar wat moet het doen? Als ik de vertegenwoordiger van de Franse regering, Pierre Moscovici, hier hoor spreken, rijzen de haren me ten berge. Het moet de voorzitter van de Commissie verkiezen, een politiek programma goedkeuren, enzovoort. Wat blijft er dan nog over voor het Europees parlement? Ik heb de indruk dat ze geen controle willen, maar een weinig democratische applausmachine.'Heeft Giscard de oren iets te veel naar de regeringsleiders van enkele grote lidstaten laten hangen? Het zou voor een deel de zenuwachtige reactie in kringen van het Europees parlement en in de kleinere lidstaten kunnen verklaren. 'Het belangrijkste bij de eenmaking was dat er met elk land rekening werd gehouden. Anders werkt het niet', zegt Van Lancker. Kop van Jut in dat opzicht is het diplomatieke offensief dat de voorbije weken door de Britten werd ontplooid. Londen is geen groot voorstander van een politieke eenmaking van Europa. Het was aanvankelijk ook tegen de installatie van een Conventie gekant, maar het probeert in die kring nu actief andere landen van zijn standpunt te overtuigen. Er werd in Brussel zelfs gemord dat, onder meer, de Belgen te weinig aanwezig waren om op de discussie in de Conventie te kunnen wegen. 'Laten de Belgen het afweten? Ik weet het niet. Ik weet wel dat de regering verstek liet gaan voor de voorbereiding van de Europese top in Kopenhagen', zegt Marianne Thyssen. 'Louis Michel was te zeer in beslag genomen door de Nepalcrisis. België was op die vergadering vertegenwoordigd door een diplomaat. Dat is niet goed: een minister moet keuzes maken. Maar, over het algemeen: pleiten voor allianties en blokvorming is geen goede ontwikkeling.''Andere landen zouden moeten doen zoals de Britten', gelooft Anne Van Lancker. 'Zoeken naar medestanders. De vertegenwoordigers van de regeringen die er anders over denken, moeten actiever worden. Niet meer luisteren, maar naar de telefoon grijpen. Vooral Duitsland zou zijn volle gewicht in de schaal moeten werpen. Je hoort dat verschillende landen klaar zijn voor een alternatief geluid, maar het geraakt niet geformuleerd. Guy Verhofstadt heeft in de ministerraad beloofd dat hij het voortouw zal nemen: hij wil een alliantie opbouwen die een meer communautaire kijk op Europa verdedigt.'Toeval of niet, maar begin deze week stond er in Berlijn een gesprek tussen Gerhard Schröder en Guy Verhofstadt op de agenda. Het werd als gevolg van het fietsongeluk van Verhofstadt voorlopig uitgesteld. In ieder geval kan het werk om en rond de Conventie nu echt beginnen. Hubert van Humbeeck'In Europa vertegenwoordigt de Commissie het algemeen belang: zij moet sterker worden.'