Ondanks de vijf jaar geleden hervormde familiewetgeving is het in Marokko nog steeds mogelijk met een minderjarig meisje te trouwen. Zeker, officieel moet ze nu achttien jaar zijn in plaats van vijftien, maar bij de rechter kan dispensatie worden aangevraagd. En in ruim tachtig procent van de gevallen wordt die ook verkregen. Nog altijd is bij grofweg één op de tien Marokkaanse huwelijken een minderjarig meisje betrokken.
...

Ondanks de vijf jaar geleden hervormde familiewetgeving is het in Marokko nog steeds mogelijk met een minderjarig meisje te trouwen. Zeker, officieel moet ze nu achttien jaar zijn in plaats van vijftien, maar bij de rechter kan dispensatie worden aangevraagd. En in ruim tachtig procent van de gevallen wordt die ook verkregen. Nog altijd is bij grofweg één op de tien Marokkaanse huwelijken een minderjarig meisje betrokken. Met de vernieuwing van de Moudawwana, zoals het familierecht heet, werd de ongelijkheid voor de wet tussen man en vrouw voor een groot deel opgeheven. Zo is polygamie - een doorn in het oog van feministes - nog altijd niet verboden, maar wel een stuk moeilijker gemaakt. Een man die er een tweede vrouw bij wil nemen, moet volgens de nieuwe wet de goedkeuring van de rechter hebben. Hij heeft bovendien de toestemming van zijn eerste vrouw nodig. En die heeft op haar beurt het recht gekregen in zo'n geval van haar man te scheiden. De Moudawwana, die van kracht werd op 5 februari 2004, maakt het vrouwen sowieso een stuk gemakkelijker te scheiden. Voorheen was dat alleen maar mogelijk als de echtgenoot ernstig in gebreke bleef - absent was, geen geld in het laatje bracht, zijn seksuele plichten niet vervulde, altijd ziek was of haar mishandelde. De nieuwe wetgeving stelt vrouwen in staat al een scheiding aan te vragen op grond van 'onenigheid' (met haar man). Een andere belangrijke wetswijziging maakt het de huwelijkspartners mogelijk sámen een scheiding aan te vragen, en alimentatiekwesties onderling te regelen. Huwelijken kunnen sowieso alleen nog door de rechter worden ontbonden, wat het traditionele 'verstoten' van een vrouw onmogelijk heeft gemaakt. Verder hebben vrouwen de handtekening van hun vader niet meer nodig om te trouwen. Ze zijn sinds vijf jaar ook samen met hun man verantwoordelijk voor het onderhouden van het gezin. Voorheen was dat louter zijn verantwoordelijkheid, waar zij haar trouw, gehoorzaamheid en respect tegenoverstelde. En een laatste belangrijke verbetering in de positie van vrouwen voor de wet is de bepaling dat de echtgenote na een scheiding het recht heeft op de helft van de tijdens het huwelijk vergaarde inkomsten of goederen. In het verleden bleef zij maar al te vaak met lege handen achter. Marokkaanse feministes zijn het erover eens dat de nieuwe wetgeving 'de geest van gelijkheid ademt', maar nog lang niet perfect is. Ze wijzen erop dat het erfdeel van een zoon, bijvoorbeeld, nog altijd twee keer zo groot is als dat van een dochter. En dat vrouwen niet het recht hebben met meerdere mannen te trouwen. Frustrerender dan de deels in stand gehouden ongelijkheid achten ze de gebrekkige toepassing van de nieuwe Moudawwana: dat het op papier veroverde terrein in de praktijk al te vaak weer moet worden prijsgegeven - zoals in het geval van een huwelijk met een minderjarig meisje. Ook juriste en feministe Malika Benradi, docente privaatrecht aan de Universiteit Mohammed V te Rabat, stoort zich aan de kloof die nog altijd gaapt tussen de wet en de Marokkaanse praktijk. 'De Moudawwana stelt een minimumleeftijd voor een huwelijk maar geeft de rechter de mogelijkheid naar omstandigheden te beslissen. Als een meisje zeventien is, de indruk maakt rijp te zijn voor een huwelijk, en er zelf voor honderd procent achter staat, dan zou ik er ook niet moeilijk over doen. Maar vaak betreft het jongere meisjes.' Om die reden bepleit feministe en advocate Zahia Amoumou in het Franstalige weekblad TelQuel een absoluut verbod op dergelijke huwelijken. 'In dorpen komt het nog regelmatig voor dat een vader zich voor de rechter presenteert met zijn zwangere veertienjarige dochter aan zijn zijde. In het belang van de baby staat de rechter een huwelijk dan toe, maar feitelijk is het chantage. De dochter wordt op die manier het recht op scholing ontnomen.' Zo ook valt er het een en ander af te dingen op de benodigde toestemming van de eerste vrouw in het geval van polygamie. Juriste Malika Benradi: 'Vaak kan zo'n vrouw geen kant op. Als ze vijftig jaar is, analfabeet, altijd voor de kinderen en het huishouden heeft gezorgd... Waar moet ze in godsnaam heen? Ze kán niet anders dan instemmen.' Een regelrecht verbod op polygamie zou een einde maken aan dit soort situaties. In het algemeen acht Benradi - en ze is de enige niet - de macht van de rechter veel te groot. 'Die heeft een enorme speelruimte.' Dat betekent dat door verschillende rechters in dezelfde situatie heel anders kan worden geoordeeld. Zo zouden vooral conservatieve rechters de nieuwe wetgeving als een aanslag op de hoeksteen van de samenleving zien - het heilige instituut gezin zou erdoor worden bedreigd - en in hun eentje een soort ontmoedigingsbeleid met betrekking tot scheiden voeren. Om vrouwen die in hun ogen 'om niks' willen scheiden, daarvan af te houden, stellen zij hen een zeer lage alimentatie in het vooruitzicht. Om dergelijke willekeur een halt toe te roepen, eisen vrouwenorganisaties de oprichting van familietribunalen, voorgezeten door rechters die zich hebben gespecialiseerd in de bepalingen van de Moudawwana. 'Die recht spreken', verduidelijkt Benradi, 'in de géést van die wet.' Hoewel de hervorming van de familiewet algemeen wordt gezien als een grote overwinning van de vrouwenbeweging op de conservatieve krachten in het land, juicht niet iedereen in het progressieve kamp mee. Er zijn er die vinden dat de vrouwenbeweging indertijd in haar eisen veel verder had moeten gaan. Zoals professor Abdessamad Dialmy, als socioloog verbonden aan de Universiteit Mohammed V van Rabat. Deze zestiger, die zichzelf een 'militante feminist' noemt, heeft zijn werkende leven lang onderzoek gedaan naar vrouwenkwesties in Marokko. Schijnbaar terloops merkt hij op in zijn meest recente boek, Le féminisme au Maroc, dat indertijd 'geen enkele vrouwenorganisatie heeft geopteerd voor secularisatie van de familiewetgeving'. Het blijkt een van zijn belangrijkste punten van kritiek op de Marokkaanse vrouwenbeweging. In een café in het centrum van Rabat legt Dialmy uit dat 'niemand heeft voorgesteld het familierecht te moderniseren door het te ontdoen van zijn islamitische karakter. Terwijl bijvoorbeeld ons strafrecht wél seculier is. We hakken een dief zijn hand niet meer af. Waarom de zoon dan nog wel een twee keer zo groot erfdeel geven als de dochter?' De socioloog ziet achter alle bepalingen van de nieuwe Moudawwana het islamitisch recht nog doorschemeren. 'De nieuwe wetgeving maakt zaken als polygamie wel moeilijker, zeker, maar spreekt het islamitisch recht nergens tegen. Feitelijk is de Moudawwana niet meer dan een moderne, meer egalitaire, gefeminiseerde versie van de sharia.' Volgens Dialmy is de vrouwenbeweging helaas politiek correct willen blijven. 'Ze hebben hervormingen geëist in naam van de islam, op grond van een vrouwvriendelijker lectuur van de Koran. Terwijl ze de religie erbuiten hadden moeten laten, en een seculiere familiewet hadden moeten eisen. Maar dat hebben ze niet aangedurfd, of ze zijn pragmatisch willen blijven. Maar volgens mij had het gekund.' Juriste Malika Benradi is niet onder de indruk van de kritiek. 'Ik ben óók voor een seculiere familiewet, maar dat is in Marokko domweg niet te realiseren. De gewone Marokkaan is honderd procent islamitisch, verknocht aan de islam. Vrouwen hebben ons ervoor bedankt dat in de nieuwe Moudawwana het islamitisch recht nog herkenbaar is.' DOOR KEES BEEKMANS IN RABAT