Er zitten verschillende paradoxen in het concept van de natuurbescherming. De sterkste is natuurlijk dat er vooral onder westerse impuls gezocht wordt naar de plaatsen in de wereld waar de grootste biodiversiteit aanwezig is - waar dus nog veel planten en dieren leven - maar dat die plaatsen zich heel vaak bevinden in zogenaamde derdewereldlanden. Landen die zich later dan wij zijn beginnen te moderniseren, en die daarom nog ongerepte natuurpracht op hun grondgebied hebben.
...

Er zitten verschillende paradoxen in het concept van de natuurbescherming. De sterkste is natuurlijk dat er vooral onder westerse impuls gezocht wordt naar de plaatsen in de wereld waar de grootste biodiversiteit aanwezig is - waar dus nog veel planten en dieren leven - maar dat die plaatsen zich heel vaak bevinden in zogenaamde derdewereldlanden. Landen die zich later dan wij zijn beginnen te moderniseren, en die daarom nog ongerepte natuurpracht op hun grondgebied hebben. Wij zijn al blij dat we nog mussen in onze tuin hebben, maar tegelijk maken we ons druk om het feit dat alle mens-apen in hun voortbestaan bedreigd zijn. Mensapen die ver weg leven, in de regenwouden van Afrika en Azië... Een tweede paradox is dat als het goed gaat in een ontwikkelingsland, de druk op het milieu verhoogt. In de Democratische Republiek Congo is het momenteel vrij rustig. In de haven van hoofdstad Kinshasa heerst de intense activiteit uit de oude gouden tijden. Internationale lobby's van natuurverenigingen pleiten voor een verstandige aanpak van een hernieuwde houtwinning. Het Congolese regenwoud is een goudmijn die voor het grabbelen ligt. Maar als de winning niet zorgzaam gebeurt, zal Congo net als vele andere tropische landen op korte termijn zijn woud verliezen, met uitzondering van enkele beschermde stukken hier en daar. Toch worden er in Kinshasa nu al massaal veel houtstammen aangevoerd. Houtstammen die in korte stukken worden gezaagd zodat ze precies passen in de containers waarmee ze naar Europa verdwijnen. De houtwinning zou er voorlopig 'artisanaal' gebeuren, dus niet in concessies van grote bedrijven. Wat impliceert dat het momenteel vooral lokale mensen zijn die zich op het woud storten. Het is moeilijk om die mensen hun inspanningen te verwijten. Voor hen is het geen zaak dat het woud overleeft, wel dat zij zelf en hun kroost in leven blijven. Een inzicht dat stilaan ook in conservatiekringen begint door te dringen. Het gespecialiseerde vakblad Biological Conservation brengt een analyse van studies, waaruit blijkt dat het zelden zoden aan de dijk zet wanneer de lokale bevolking over het belang van een duurzaam beheer van rijkdommen, zoals een woud, wordt voorgelicht. De mensen luisteren en knikken begrijpend, maar vervolgens gaan ze op jacht omdat ze eten nodig hebben. Duurzaamheid is een investering in de toekomst, en die luxe hebben deze mensen meestal niet. Tenzij iemand ervoor zorgt dat ze niet hoeven te gaan jagen of kappen om te overleven. Dirk DraulansWij zijn blij dat we nog mussen hebben, maar maken ons wel druk om het verdwijnen van mensapen.