INFO : Johan Van Overtveldt is directeur van de denktank VKW Metena.
...

INFO : Johan Van Overtveldt is directeur van de denktank VKW Metena.Bij recente discussies in Washington, New York en Chicago met beleidsverantwoordelijken en andere mensen vertrouwd met de internationale politieke ontwikkelingen stond, zo zou men logischerwijze verwachten, de situatie in Irak en in het Midden-Oosten centraal. Niet correct. Verrassend veel aandacht gaat dezer dagen in de Verenigde Staten uit naar het Venezuela van president Hugo Chavez. 'Terroristenbende', zo kapittelt die Chavez in interviews de regering van George W. Bush. Amerikanen van hun kant zien de Venezolaanse president als een almaar grotere stoorzender op de internationale scène. De meest gehoorde karakterisering van Chavez luidt 'Fidel with oil'. Met Hugo Chavez staat vandaag inderdaad een Castro-achtige figuur aan het roer van het land dat buiten het Midden-Oosten en Rusland over de meest omvangrijke oliereserves ter wereld beschikt. De man kan als geen ander de volksmassa bespelen, neemt het niet te nauw met de democratische basisprincipes en koestert een bijna onversneden marxistische filosofie. Het grote verschil met zijn Cubaanse spitsbroeder bestaat erin dat dankzij de recente stijging van de olieprijzen - van 25 dollar per vat begin 2004 naar de huidige 70 dollar per vat - de portemonnee van Chavez uitpuilt van de dollarbiljetten. Als gezworen ideologische vijand van Washington laat Hugo Chavez geen kans voorbijgaan om de VS een loer te draaien. Zo kondigde hij recent aan dat Venezuela zijn wisselreserves, die ruim 30 miljard dollar bedragen, in andere munten zal omzetten. Alhoewel tot nu toe de harde bewijzen nog ontbreken, suggereren sommigen in Washington dat er nauwe banden bestaan tussen de regering-Chavez en het internationale terrorisme. De Amerikanen hebben vandaag bijzondere aandacht voor landen die mogelijk bindingen hebben met terroristen. En zeker als dat land in Zuid-Amerika ligt, wat Washington nog altijd een beetje als zijn achtertuin beschouwt. In het geval van Venezuela gaat het bovendien ook nog eens om het land dat de voorbije maanden de belangrijkste buitenlandse leverancier van ruwe olie van de VS werd. In de eerste zes maanden van 2004 diende Venezuela nog Canada en Mexico als buitenlandse olieleveranciers van de VS te laten voorgaan, over het eerste halfjaar van 2005 pompte het zich naar de toppositie. Uit het Zuid-Amerikaanse land vertrekken nu dagelijks 1,7 miljoen vaten ruwe olie richting VS. Hugo Chavez drijft de zenuwachtig-heid in Washington nog verder op door een ronduit vijandige houding aan te nemen tegenover Amerikaanse oliemultinationals zoals Exxon Mobil. Niet enkel verhoogt zijn regering voortdurend de belastingen op de Amerikaanse oliemulti's, hij schermt ook met Chinese en Indiase maatschappijen die staan te springen om de exploratie en exploitatie van Venezolaanse olie van de klassieke Amerikaanse oliereuzen over te nemen. Als je weet hoe sterk de olielobby is binnen de regering-Bush, hoeft het geen betoog dat deze bedrijfseconomische consideraties haast even zwaar doorwegen als de overwegingen van geopolitieke aard. Zeker met een president als George W. Bush rijst de vraag of al het voorgaande niet voldoende stof voor een indirecte of directe Amerikaanse interventie oplevert. Hoewel zeker niet uit te sluiten, lijkt de kans daarop eerder klein, en wel om drie redenen. Ten eerste, Chavez zit stevig in het zadel en gaat vrij brutaal te werk om dat zo te houden. Ten tweede, de Amerikanen, en dan vooral hun leger, kunnen bijkomende inspanningen van dien aard missen als kiespijn. Ten derde, zelfs de heethoofden in Washington beseffen dat het Venezuela van Hugo Chavez uiteindelijk minstens even zwaar van de Amerikanen afhangt als omgekeerd. Toch zullen de oplopende spanningen tussen Washing-ton en Caracas in de komende maanden wellicht veel meer de headlines halen dan vandaag het geval is. Johan Van Overtveldt