JA

Alleen als de zes faciliteitengemeenten gerattacheerd (aangehecht) worden aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zouden wij kunnen instemmen met een splitsing van B-H-V. De regels zijn op dit moment niet aangepast aan de sociologische realiteit. Vlaamse decreten die op zichzelf goed zijn, slaan hier dikwijls als een tang op een varken. Neem bijvoorbeeld de bibliotheek. Dat we van de Vlaamse Gemeenschap subsidies krijgen om boeken te kopen juichen wij toe, maar die boeken moeten voor 75 procent Nederlandstalig zijn. Wetend dat de bevolking in Kraainem voor 78 procent uit Franstaligen bestaat, heeft dat toch weinig zin?
...

Alleen als de zes faciliteitengemeenten gerattacheerd (aangehecht) worden aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zouden wij kunnen instemmen met een splitsing van B-H-V. De regels zijn op dit moment niet aangepast aan de sociologische realiteit. Vlaamse decreten die op zichzelf goed zijn, slaan hier dikwijls als een tang op een varken. Neem bijvoorbeeld de bibliotheek. Dat we van de Vlaamse Gemeenschap subsidies krijgen om boeken te kopen juichen wij toe, maar die boeken moeten voor 75 procent Nederlandstalig zijn. Wetend dat de bevolking in Kraainem voor 78 procent uit Franstaligen bestaat, heeft dat toch weinig zin? Als er in Waals-Brabant veel Nederlandstaligen zijn, mogen zij zich toch ook op een lijst verenigen en die aan de kiezer presenteren? De wet verbiedt dat niet, hé. De wet van 1963 ( die de taalgrens vastlegde en de faciliteiten in het leven riep, nvdr) heeft ons rechten gegeven. Nergens staat er zwart op wit dat de faciliteiten zouden moeten uitdoven, dus moeten ze strikt gehandhaafd blijven. Al de rest is zever en interpretatie. Dat de Vlamingen de olievlek van de verfransing vrezen kan ik begrijpen, want die moet uiteraard ergens stoppen. Een utopische oplossing zou zijn om het hele land tweetalig te maken, maar het enige wat wij vragen is dat de wet wordt gerespecteerd. Met de splitsing van het kiesarrondissement B-H-V vragen wij gewoon de toepassing van de grondwet: alle burgers moeten gelijk behandeld worden. Als in Waals-Brabant geen enkele Vlaming kan stemmen voor Vlaamse kopstukken, waarom zouden de Franstaligen in het Vlaams-Brabantse Halle-Vilvoorde dan wel mogen stemmen voor Franstalige kopstukken? Die vraag wordt gesteld door zes miljoen Vlamingen, een meerderheid in dit land. En gesteund door de uitspraken van het Grondwettelijk Hof, dat overigens tweetalig en paritair is samengesteld. Een meerderheid is in dit land alleen een meerderheid als dat de Franstaligen goed uitkomt. In de gemeentebesturen van de faciliteitengemeenten, bijvoorbeeld. In hoofde van de Vlamingen was dat zeker wél het geval. Het faciliteitenonderwijs, dat Franstalige kinderen moet helpen integreren in Vlaanderen, past ook volledig in die logica. Voor wie in de Vlaamse Rand leeft, is het verbeteren van de bescherming van de Franstalige minderheid gewoonweg grotesk. Ik nodig iedereen uit om eens te komen kijken. Het gaat hier niet om arme stumpers, wel om een rijke bourgeoisie die weigert om zich aan te passen aan haar nieuwe omgeving. In alle gemeenten waar faciliteiten werden toegekend, zijn de Franstaligen nu in de meerderheid. In het buitenland trachten de Franstaligen het voor te stellen alsof zij de Palestijnen zijn en wij Vlamingen de Israëli's. Geloof me vrij, de chique villawijken van de Franstaligen vertonen weinig gelijkenis met de Palestijnse vluchtelingenkampen. Ze hebben meer weg van Israëlische nederzettingen in bezet Palestijns gebied. En dan zwijg ik nog over het gedrag van vele Franstaligen.Alleen als de zes faciliteitengemeenten gerattacheerd (aangehecht) worden aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zouden wij kunnen instemmen met een splitsing van B-H-V. De regels zijn op dit moment niet aangepast aan de sociologische realiteit. Vlaamse decreten die op zichzelf goed zijn, slaan hier dikwijls als een tang op een varken. Neem bijvoorbeeld de bibliotheek. Dat we van de Vlaamse Gemeenschap subsidies krijgen om boeken te kopen juichen wij toe, maar die boeken moeten voor 75 procent Nederlandstalig zijn. Wetend dat de bevolking in Kraainem voor 78 procent uit Franstaligen bestaat, heeft dat toch weinig zin? Als er in Waals-Brabant veel Nederlandstaligen zijn, mogen zij zich toch ook op een lijst verenigen en die aan de kiezer presenteren? De wet verbiedt dat niet, hé. De wet van 1963 ( die de taalgrens vastlegde en de faciliteiten in het leven riep, nvdr) heeft ons rechten gegeven. Nergens staat er zwart op wit dat de faciliteiten zouden moeten uitdoven, dus moeten ze strikt gehandhaafd blijven. Al de rest is zever en interpretatie. Dat de Vlamingen de olievlek van de verfransing vrezen kan ik begrijpen, want die moet uiteraard ergens stoppen. Een utopische oplossing zou zijn om het hele land tweetalig te maken, maar het enige wat wij vragen is dat de wet wordt gerespecteerd. Met de splitsing van het kiesarrondissement B-H-V vragen wij gewoon de toepassing van de grondwet: alle burgers moeten gelijk behandeld worden. Als in Waals-Brabant geen enkele Vlaming kan stemmen voor Vlaamse kopstukken, waarom zouden de Franstaligen in het Vlaams-Brabantse Halle-Vilvoorde dan wel mogen stemmen voor Franstalige kopstukken? Die vraag wordt gesteld door zes miljoen Vlamingen, een meerderheid in dit land. En gesteund door de uitspraken van het Grondwettelijk Hof, dat overigens tweetalig en paritair is samengesteld. Een meerderheid is in dit land alleen een meerderheid als dat de Franstaligen goed uitkomt. In de gemeentebesturen van de faciliteitengemeenten, bijvoorbeeld. In hoofde van de Vlamingen was dat zeker wél het geval. Het faciliteitenonderwijs, dat Franstalige kinderen moet helpen integreren in Vlaanderen, past ook volledig in die logica. Voor wie in de Vlaamse Rand leeft, is het verbeteren van de bescherming van de Franstalige minderheid gewoonweg grotesk. Ik nodig iedereen uit om eens te komen kijken. Het gaat hier niet om arme stumpers, wel om een rijke bourgeoisie die weigert om zich aan te passen aan haar nieuwe omgeving. In alle gemeenten waar faciliteiten werden toegekend, zijn de Franstaligen nu in de meerderheid. In het buitenland trachten de Franstaligen het voor te stellen alsof zij de Palestijnen zijn en wij Vlamingen de Israëli's. Geloof me vrij, de chique villawijken van de Franstaligen vertonen weinig gelijkenis met de Palestijnse vluchtelingenkampen. Ze hebben meer weg van Israëlische nederzettingen in bezet Palestijns gebied. En dan zwijg ik nog over het gedrag van vele Franstaligen.opgetekend door Jan Jagers