Het Oostenrijks voorzitterschap spaarde vorige week in Wenen tijd noch moeite om het tweedaags conclaaf van de ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie zo aangenaam en efficiënt mogelijk te maken. Het stelde de mooiste vleugel van de Hofburg ter beschikking, zodat het gezelschap zich in de glinstering van de Groser Redoutensaal kon beraden. Een schitterend decor dat de geesten moest inspireren, terwijl ze door de heikele thema's van de asiel- en migrantenproblematiek, alsook de politionele en justitiële samenwerking walsten.
...

Het Oostenrijks voorzitterschap spaarde vorige week in Wenen tijd noch moeite om het tweedaags conclaaf van de ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie zo aangenaam en efficiënt mogelijk te maken. Het stelde de mooiste vleugel van de Hofburg ter beschikking, zodat het gezelschap zich in de glinstering van de Groser Redoutensaal kon beraden. Een schitterend decor dat de geesten moest inspireren, terwijl ze door de heikele thema's van de asiel- en migrantenproblematiek, alsook de politionele en justitiële samenwerking walsten. "Europa", zo werd vorig jaar plechtig in Amsterdam beslist, "moet zich tot een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid ontwikkelen." Indien het Franse parlement en de Brusselse assemblée tijd en zin hebben, komt deze ambitieuze doelstelling straks met evenveel woorden in het nieuwe Europese verdrag. Volgens velen is het een heuse innovatie en de meest waardevolle inbreng van de onderhandelingen in Amsterdam. Voor het eerst stelt de Unie, die zich tot dusver vooral manifesteerde als een economisch project met een bescheiden sociaal luikje, zich zo'n verheven en immaterieel objectief tot doel. Een en ander vereist nu dat er in versneld tempo wordt gewerkt aan de dossiers die de vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid van de Europese ruimte kunnen bedreigen. Op hun top in Cardiff gaven de regeringsleiders hun ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken de opdracht om tegen het einde van het jaar een actieplan voor te leggen. In oktober, op de speciale top in het feeërieke Pörtshach, onderstreepten ze nog eens dat het dossier tot een Europese staatszaak is verheven. Eind volgend jaar komt er een speciale conferentie om de bestrijding van de criminaliteit te coördineren en de toestroom van asielzoekers en illegale migranten te onderzoeken. Oostenrijk zelf bleef evenmin bij de pakken zitten. Zonder enig overleg verspreidde het enkele weken geleden een uitvoerige nota over de wijze waarop Europa het asiel- en migrantenvraagstuk moest aanpakken. Het document, dat de naam Strategiepapier meekreeg, ontlokte vooral afwijzende commentaren. Nogal wat landen pikten de suggestie niet dat het individueel asielrecht best kon worden opgedoekt en dat de Conventie van Genève uit 1951 compleet achterhaald was. DE BELGISCHE MINISTERS BLEVEN THUISIn Wenen bogen de ministers zich vorige week over een herwerkte versie van het omstreden document. De vele aanmaningen van de regeringsleiders konden niet alle ministers overtuigen om zich naar Wenen te verplaatsen. De Fransen menen nog altijd dat ze zich iets meer mogen veroorloven en stuurden slechts hoge ambtenaren uit. Hoewel België zoveel kleiner dan Frankrijk is en recent met de dramatische dood van Sémira Adamu de internationale pers haalde, liet het Belgische duo Luc Van den Bossche (SP) en Tony Van Parys (CVP) het eveneens afweten. "We worden door het Octopus-akkoord en het parlementair overleg achtervolgd. De minister kon zich echt niet vrijmaken", klonk het op het kabinet van Justitie. De woordvoerster van Binnenlandse Zaken maakt er zich vanaf met de mededeling dat de minister een agendaprobleem had en dat hij door de kabinetschef wordt vervangen, die er "alles van af weet". Kortom, de zaak is in deskundige handen en er is geen reden om zich over zo'n futiliteit druk te maken. In andere landen denken ze daar kennelijk anders over. Hoewel Otto Schily en Herta Däubler-Gmelin, de twee Duitse ministers, pas twee dagen voordien benoemd werden, tekenden ze beiden present in Wenen. Ook Nederland, dat zopas zichzelf en de wereld verbaasde door asielzoekers in verregende tentenkampen onder te brengen, was hier op volle sterkte aanwezig. Naast de ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie Bram Peper en Benk Korthals meldde ook staatssecretaris voor Asielzaken Job Cohen zich. In Den Haag beseffen ze onderhand dat er een Europees asielbeleid in de steigers staat en dat je je best tijdig in de debatten mengt. In de herwerkte nota van het Oostenrijks voorzitter zijn de meest omstreden alinea's geschrapt. Verschillende delegaties prezen zelfs de Oostenrijkse minister van Binnenlandse Zaken Karl Schlögl, omdat hij het aandurfde om op dit ogenblik zo'n moeilijke discussie op gang te trekken. Het belang van die lof mag niet overtrokken worden: ook na urenlang vergaderen leken de neuzen van de Vijftien niet in dezelfde richting te wijzen. De kritiek werd echter diplomatisch geformuleerd. Onder meer België wees erop dat vluchtelingen ook een verrijking voor de samenleving kunnen zijn, en niet alleen een bedreiging. Schily, die destijds bij de Duitse groenen militeerde en nu sociaal-democraat is, sprak in dezelfde zin. Later op de persconferentie verheugde hij er zich over dat velen zich vierkant tegen een Europese vesting uitspraken. "We moeten er ons eindelijk van bewust worden dat Europa zijn hele geschiedenis door een migratieland was. Het beleid moet daar rekening mee houden." Zijn voorganger, de conservatieve Manfred Kanther, scheidde destijds een heel ander verhaal af. Schily zelf stond erop dat niemand zich daarop miskeek. "Er bestaat geen enkel gevaar dat u me met mijn voorganger verwart. Ook over de vreemdelingenproblematiek heeft de nieuwe Duitse regering een compleet andere benadering dan de vorige. Wij hebben wél oog voor de realiteit en durven er de passende politieke conclusies uit trekken. Door een veel soepeler nationaliteitsverwerving zal de integratie van de vreemdelingen aanzienlijk verbeteren." De nieuwe Duitse marsrichting en de herschikking van de politieke krachten in Europa heeft de voorstanders van een hard en repressief asielbeleid in het defensief gedrongen. Oostenrijk wordt daar als eerste mee geconfronteerd. Het omstreden Strategiepapier, dat vóór de Duitse verkiezingen werd opgesteld, zal nog verder worden ontrafeld. DE NORMEN WORDEN UITGEHOLDOver vele, essentiële punten van het document verschillen de Vijftien nog altijd grondig van mening. Onder meer Duitsland tekent bezwaren aan bij een buitenlands beleid dat vooral (alleen?) tot doel heeft de migratiedruk te verminderen. Drie concentrische cirkels rond Europa moeten migranten en asielzoekers zoveel mogelijk uit het centrum houden. De toekomstige nieuwe lidstaten vormen een eerste cirkel. Zij moeten zo vlug mogelijk de normen overnemen die in de landen van de Schengengroep gelden inzake visa- en grenscontrole. Als ze daar niet in slagen, zou het hun lidmaatschap kunnen hypothekeren. De vroegere sovjetlanden, Turkije en Noord-Afrika - de tweede cirkel -, zullen zich moeten toeleggen op een efficiënte transitcontrole en de bestrijding van de netwerken die illegalen naar Europa brengen. In ruil zou de Europese Unie hen economisch bijspringen. In de derde cirkel - het Nabije Oosten, China en Afrika - zou de ontwikkelingshulp vooral naar de gebieden gaan die de meeste "migranten produceren", om zo de "Push-Faktoren" te verminderen. Artikel 67 van het document legt het ultieme doel vast: "Alleen mensen die legaal toekomen, een integratieperspectief bieden." Het is een heel betwistbaar standpunt, want strijdig met artikel 31 van de Conventie van Genève. Die mening is ook de European Council onRefugees and Exiles (ECRE) toegedaan, een koepel van ngo's die zich in 23 landen met de vluchtelingenproblematiek bezighoudt. Volgens Friso Roscam Abbing van ECRE moet het document op dat punt absoluut worden bijgestuurd. Voor Roscam Abbing kan ook de geamendeerde tekst geen basis voor een Europees actieplan vormen. "Het is bijzonder triest dat de nieuwe versie de bestaande normen voor de bescherming van vluchtelingen verder uitholt. Na de vele negatieve commentaren hoopten en verwachtten we op een fundamenteel andere benadering. Het bleek een illusie." De principiële bezwaren die ECRE formuleert, kwamen in Wenen slechts terloops aan bod. Bij de meeste delegaties ging de aandacht vooral naar de "lastenverdeling", waarop Duitsland, Oostenrijk en Nederland aandringen. Het zuiden van Europa, onder meer Spanje, heeft het daar moeilijk mee. Volgens de conservatieve minister Jaime Mayor Oreja zal "burden sharing" de problemen alleen groter maken. In tegenstelling tot wat doorgaans wordt aangenomen, is het aantal asielzoekers de jongste jaren in de Unie spectaculair gedaald. In 1992 waren het er 674.000, in 1997 circa 250.000. Bijna de helft trok naar Duitsland en de meesten kwamen uit Turkije. Wegens de crisis in Kosovo tekent zich in 1998 echter opnieuw een (lichte) stijging af. Alles wijst er evenwel op dat Europa binnen afzienbare tijd opnieuw op zoek moet naar ... gastarbeiders. Europees commissaris Anita Gradin bevestigde: "Hoewel de Unie momenteel nog achttien miljoen werklozen telt, is de kans groot dat we over twintig jaar met een tekort aan arbeidskrachten zitten." Paul Goossens