Op 1 mei 2004 treden tien nieuwe lidstaten toe tot de Europese Unie, die van dan af vijfentwintig leden zal tellen. Tijdens de voorbije top van Kopenhagen mochten de tien al een eerste keer langs de Europese kassa passeren. Want de Europese Unie heeft de eigenaardige gewoonte om kandidaat-leden fors te vergoeden voor hun belangstelling, zodra ze lid zijn van de club. Er moet de Ronde Tafel van de Europese Industrie veel aan gelegen zijn om die landen bij de Unie te krijgen.
...

Op 1 mei 2004 treden tien nieuwe lidstaten toe tot de Europese Unie, die van dan af vijfentwintig leden zal tellen. Tijdens de voorbije top van Kopenhagen mochten de tien al een eerste keer langs de Europese kassa passeren. Want de Europese Unie heeft de eigenaardige gewoonte om kandidaat-leden fors te vergoeden voor hun belangstelling, zodra ze lid zijn van de club. Er moet de Ronde Tafel van de Europese Industrie veel aan gelegen zijn om die landen bij de Unie te krijgen. Alleen Turkije wordt, voorlopig, nog even buiten de Europese poort gehouden. Een Frans-Duitse coalitie toonde zich in Kopenhagen onvermurwbaar. Volgens The Guardian liet de Franse president Jacques Chirac zich daar ontvallen: 'Het volstaat niet de Europese wet na te leven, het komt er ook op aan beleefd en beschaafd te zijn.' Charles de Gaulle vergeleek ooit Frankrijk en Duitsland met twee uitgeputte worstelaars die zich staande weten te houden door tegen elkaar aan te leunen. In Kopenhagen paste dat beeld perfect. Aan de ene kant kanselier Gerhard Schröder, die in Duitsland kampt met een diepe economische crisis en die niet weet of hij volgende maand nog een meerderheid heeft. Aan de andere kant een Franse president, Jacques Chirac, die zich vastklampt aan zijn onschendbaarheid om niet op beschuldiging van corruptie in de beklaagdenbank te belanden. Vooral de Fransen - met Chirac, maar ook met oud-president en voorzitter van de Conventie Valéry Giscard d'Estaing - hamerden er de voorbije weken op dat een islamitisch land als Turkije echt niet thuishoort in het grote christelijke project dat de Europese Unie heet te zijn. Meer dan 60 miljoen moslims die ineens de Unie komen binnenvallen, dat kan volgens hen niet. Het zou het Europese evenwicht - lees: de dominantie van Frankrijk en Duitsland - ondermijnen. De rol van Bernardus van Clairvaux gaat de Franse predikanten tegen het Turkse gevaar evenwel slecht af. Intussen wonen al om en bij 20 miljoen moslims binnen de grenzen van de Unie. Bovendien komen Fransen en Duitsers met hun interventie royaal laat. Zelfs oud-commissaris Karel Van Miert, een tegenstander van de Turkse toetreding, geeft dit toe. 'Jarenlang schoof de Unie het Turkse probleem voor zich uit, in de hoop dat het vanzelf zou verdwijnen. Dat is dus niet gebeurd.'De echte reden om de Turken nog een tijdje in de wachtkamer te laten, heeft uiteraard weinig te maken met de christelijke bekommernissen van Chirac en Giscard d'Estaing. Waar het Fransen en Duitsers echt om gaat, is het afblokken van de Amerikaanse invloed in Europa. Omdat de Europeanen momenteel voor de grote keuze staan: voor of tegen het zogenaamde euro-atlantisme. De Europeanen zijn er nog lang niet uit. Wordt de Unie een federatie van staten met een eigen defensie en een eigen buitenlands beleid? Wat bijvoorbeeld inhoudt dat Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk hun permanente zetels in de VN-Veiligheidsraad opgeven ten voordele van de Unie. Of willen de Europeanen een samenwerkend empire, zoals de Britse diplomaat Robert Cooper dat noemde, een economisch gemenebest, dat zijn burgers voorziet van wetten die een rechtvaardige samenleving in stand houden, van behoorlijke verbindingsnetten en van een betrouwbare eenheidsmunt? Dit alles onder de militaire paraplu van de NAVO en dus van de Verenigde Staten. Polen, Hongarije, Tsjechië hebben hun prioriteiten al bepaald. Zij werden eerst lid van de NAVO en treden nu toe tot de Unie. Het was overigens ooit een ongeschreven regel dat een kandidaat-lid eerst aansloot bij de NAVO en dan pas bij de Europese Unie. Eind 1989 achtten de Europese staatshoofden het slopen van de Berlijnse Muur en de implicaties daarvan voor het continent niet eens een topberaad waard. De Amerikaanse diplomatie daarentegen begon meteen over 'het organische geheel' dat tot stand moest worden gebracht tussen de NAVO en de Europese Unie. Dat is ze daar in Oost-Europa niet ontgaan. In al hun ergernis over de Amerikaanse pogingen tot inmenging in Europese aangelegenheden, ook nu weer met de Turkse kwestie in Kopenhagen, hadden vooral de Fransen en de Duitsers, maar ook de Belgen, nooit oog voor de werkelijke agenda van de kandidaat-lidstaten. En de Europese diplomaten zich maar verwonderen over de stevige pro-Amerikaanse opstelling van Polen en de Baltische staten. Volgens de Poolse president Aleksander Kwasniewski is dit niet meer dan normaal: 'Zonder de Verenigde Staten was er nooit sprake geweest van een verenigd Europa.'Voor die Oost-Europese landen is niet de Europese Unie maar de Verenigde Staten, via de NAVO, de behoeder van hun prille democratie. Bovendien zijn ze ook niet van zins de autonomie die ze nog maar net van Moskou hebben afge- dwongen, zomaar weer aan Brussel af te staan. In Berlijn en Parijs beseffen ze intussen dat het vanaf 1 mei 2004 voor de Europese Unie erg moeilijk, zo niet onmogelijk wordt een eigen koers te bepalen, los van de Verenigde Staten. De Turken mogen er daarom gerust op zijn. Tegen dat in 2005 de gigantische olie- en gaspijpleidingen worden opengedraaid die de Kaspische en Turkmeense olievelden via hun haven van Ceyhan met de Middellandse Zee verbinden, krijgen zij zekerheid over hun EU-lidmaatschap. Want ook dat is een van de sluitstukken van de euro-atlantische operatie. Rik Van Cauwelaert