De dames Miet Smet en Magda de Galan scoren sterk, als waren ze politieke Véronique Ancia's. Werknemers en ambtenaren krijgen van hen straks een sociale identiteitskaart : werken met zo'n badge op zak is wettelijk ; wie die niet kan tonen, is illegaal. De dagen van de zwartwerkers en hun zwarte werkgevers zijn geteld. De twaalf procent illegale economie komt boven water. Vers geld stroomt naar de schatkist en de kassen van de sociale zekerheid. Tot grote vreugde van wie nu de keizer geeft wat de keizer toekomt, want dankzij de nieuw afgedwongen burgerzin en solidariteit kunnen zij o...

De dames Miet Smet en Magda de Galan scoren sterk, als waren ze politieke Véronique Ancia's. Werknemers en ambtenaren krijgen van hen straks een sociale identiteitskaart : werken met zo'n badge op zak is wettelijk ; wie die niet kan tonen, is illegaal. De dagen van de zwartwerkers en hun zwarte werkgevers zijn geteld. De twaalf procent illegale economie komt boven water. Vers geld stroomt naar de schatkist en de kassen van de sociale zekerheid. Tot grote vreugde van wie nu de keizer geeft wat de keizer toekomt, want dankzij de nieuw afgedwongen burgerzin en solidariteit kunnen zij op fiscale en parafiscale kortingen hopen. Hallelujah. Bij hun bezoeken aan bouwwerven zien sociale inspecteurs hun klanten nu als hazen het vrije veld kiezen. Kan niet meer in de toekomst. De rijkswacht omsingelt het fabrieksterrein, sociale inspecteurs dringen binnen en controleren de werknemers op het bezit van een geldige sociale identiteitskaart. Wie er geen kan voorleggen, schrappen zij van de arbeidsmarkt ; de meest ongelukkigen komen vroeg of laat in een transitcenter van het OCMW terecht. Wat er ook van zij, de idee is niet nieuw. Halfweg de jaren tachtig werd de arbeidskaart van de toenmalige minister van Tewerkstelling en Arbeid Michel Hansenne al met dat soort verhalen weggehoond. Zelfs nadat hij ze, eleganter, ?kaart voor de sociale zekerheid? ging noemen. Een Ausweis ! Nie wieder, plus jamais, dat nooit meer. Niet de linkse rakkers gingen in het verzet, maar het gevestigde politieke milieu. Dat lag altijd al een beetje met de socioloog Hansenne overhoop. Rondtoeren in Brussel met een Golfje met A-plaat kon nog net. Maar in de jaren tachtig arbeidsflexibiliteit preken om werkgelegenheid te scheppen dat was vreemd doen. De ministers Smet en De Galan kondigen nu voor de derde keer aan dat het warm water is uitgevonden. Een paar jaar geleden al voerde de wetgever namelijk dan toch de sociale identiteitskaart in. Alleen bouwvakkers gebruiken ze, want om god weet welke ?technisch-organisatorische redenen? stelt de regering de veralgemening ervan bij koninklijk besluit uit. De ongelooflijke paperasserij zou een van die redenen kunnen zijn, het onnut van de kaart nog een betere. Flexibele arbeid valt niet te controleren met een sociale identiteitskaart. Dé werknemer bestaat niet meer, elke onderneming heeft een veelvoud aan soorten medewerkers : voltijdsen, deeltijdsen in alle vormen, stagiairs, industriële leercontracten, interimarbeiders, thuiswerkers, werknemers voor onbepaalde duur en andere voor bepaalde duur, ter beschikking gestelden, zelfstandige medewerkers, tijdelijke werklozen, halftijdse brugpensioeners, leidinggevenden en kaders met toegelaten overuren en bedienden en arbeiders met vast uurrooster... Sociale inspecteurs maak je niets wijs. Zij weten waar het zwartwerk zit en verbaliseren het zonodig. In de horeca, bouw, schoonmaak, vervoer, tuinbouw en fruitsector, detailhandel en confectie... Onder een half miljoen van 's lands pakweg 3,6 miljoen actieven. Alleen, niemand trekt zich van hun werk iets aan. Zeker de rechtbanken niet die hun processen-verbaal met groot gemak in de papiermand gooien. Bijdragen : Piet Piryns, Guido De-spiegelaere, Hubert van Humbeeck