'Griekenland kan het EU-voorzitterschap nu niet aan', zei Giannis Boutaris, de populaire burgemeester van Thessaloniki, de tweede stad van Griekenland, eerder deze maand. Hij verwoordde daarmee het gevoel van vele Grieken - en naar verluidt ook van Europese diplomaten. Zij vinden het op zijn zachtst gezegd curieus dat een land dat in grote economische crisis verkeert voorzitter wordt van de club waardoor het financieel grotendeels op de been gehouden wordt. En daarvoor in tijden van massale bezuinigingen, ontslagen en kortingen op lonen en pe...

'Griekenland kan het EU-voorzitterschap nu niet aan', zei Giannis Boutaris, de populaire burgemeester van Thessaloniki, de tweede stad van Griekenland, eerder deze maand. Hij verwoordde daarmee het gevoel van vele Grieken - en naar verluidt ook van Europese diplomaten. Zij vinden het op zijn zachtst gezegd curieus dat een land dat in grote economische crisis verkeert voorzitter wordt van de club waardoor het financieel grotendeels op de been gehouden wordt. En daarvoor in tijden van massale bezuinigingen, ontslagen en kortingen op lonen en pensioenen 50 miljoen euro uittrekt. Ook al is het toeval dat Griekenland nu aan de beurt is; de volgorde van het roterende voorzitterschap ligt immers al jaren vast. Griekenland gaat voor een spartaans voorzitterschap. Alle vergaderingen vinden plaats in het Zappeion, een monumentaal complex van 80 hectare in het centrum van Athene. En ook de spaarzame culturele programmaonderdelen zijn in de hoofdstad gepland. Met pijn in het hart vertelt Kostis Koutras, woordvoerder van minister Venizelos van Buitenlandse Zaken, hoe de Griekse regering breekt met de Europese traditie om stropdassen en sjaals met het logo van het voorzitterschap te maken voor alle ministers en hun delegaties. 'Niet omdat we die 120.000 euro niet kunnen betalen, maar omdat er een verkeerd signaal van uitgaat. In plaats daarvan krijgen de bezoekers producten van het Griekse land.' Griekenland mag net als zijn voorgangers een stempel op het voorzitterschap proberen te drukken door prioriteiten voor het EU-beleid van het komende halfjaar te bepalen. Het zal extra nadruk leggen op economische groei en werkloosheid, de totstandkoming van de bankenunie en de problemen omtrent immigratie. Niet toevallig zijn dat thema's die in Griekenland zelf een grote rol spelen. Het financiële noodpakket voor Griekenland en de bezuinigingen die het land in ruil daarvoor moet uitvoeren vallen officieel niet onder het voorzitterschap. Daarover gaan immers niet de 28 lidstaten van de Europese Unie, maar de achttien EU-landen die de euro hebben. Toch zijn de Grieken zich ervan bewust dat ze straks nog meer dan gebruikelijk onder het vergrootglas van de andere EU-lidstaten liggen. En dat ze tijdens het voorzitterschap daarom elke euro moeten omdraaien. 'Die 50 miljoen euro is een bovengrens. Alles moet ervan betaald worden - de vergaderingen, de reizen, de salarissen van het ondersteunende bureau', somt Koutras op. Op de website van het voorzitterschap komt een teller te staan die precies bijhoudt hoeveel waaraan wordt uitgegeven. 'Het gaat om publiek geld, en dus moeten we transparant zijn. We kennen onze reputatie. Het is logisch dat de Europeanen die ons steunen ons nauwlettend in de gaten houden.' Thijs Kettenis