Ludo Van Campenhout (VLD) knikt: 'Die houding ken ik. En dat wij niet politiek correct zijn... Sommige gemeenten zijn wel zo politiek correct om hun asielzoekers naar Antwerpen te sturen, hè. Ik wil toch wel eens duidelijk zeggen dat de Antwerpenaar veel toleranter is dan men denkt. We hebben weliswaar het imago van bruine stad, maar mag ik erop wijzen dat zich in het 'tolerante' Nederland na de aanslag in de VS al heel wat anti-islamitische incidenten hebben voorgedaan? In Antwerpen _ hout vasthouden _ nog geen enkel.'
...

Ludo Van Campenhout (VLD) knikt: 'Die houding ken ik. En dat wij niet politiek correct zijn... Sommige gemeenten zijn wel zo politiek correct om hun asielzoekers naar Antwerpen te sturen, hè. Ik wil toch wel eens duidelijk zeggen dat de Antwerpenaar veel toleranter is dan men denkt. We hebben weliswaar het imago van bruine stad, maar mag ik erop wijzen dat zich in het 'tolerante' Nederland na de aanslag in de VS al heel wat anti-islamitische incidenten hebben voorgedaan? In Antwerpen _ hout vasthouden _ nog geen enkel.' De CD&V-schepen van Personeelszaken en de VLD-fractieleider in de gemeenteraad kunnen het goed met elkaar vinden. In weerwil van wat de buitenwereld denkt, geldt dat volgens hen eigenlijk voor de hele Antwerpse coalitie. Klinkt vreemd, want één jaar na 8 oktober heeft die coalitie van de allerlaatste kans nog niet veel lof geoogst. Integendeel, burgemeester en schepenen worden nu eens afgeschilderd als 'een operettegezelschap', dan weer als een politieke variant op het 'Echt Antwaarps Theater'. De buitenwacht ziet geen spoor van goed bestuur. Antwerpen- bashing is in de mode. Ludo Van Campenhout: Er bestaat een beeldvorming over Antwerpen die men graag bevestigd ziet: wij zouden constant zitten te kibbelen, wat echt niet zo is. Marc Van Peel: Niet meer dan elders. Dat beeld van Antwerpen als 'aangeschoten wild' bestaat al twintig jaar. Zelfs voor het Blok-tijdperk leefde dat: 'ze' kunnen 'het' niet in Antwerpen _ de financiën beheren, enzovoort. En met de opkomst van het Blok is die houding niet veranderd. In de nationale politiek en de media krijgen we nog altijd voortdurend die opmerking: hebben 'ze' 'het' nu nog niet begrepen? Maar wie zijn 'ze' en wat is 'het'? Kennelijk vindt men nu, vanwege het Blok, dat wij 'het verstand' moeten hebben om het voortdurend met z'n allen over alles eens te zijn. Wat onrealistisch is, want zo schakel je de discussie tussen normale politieke partijen uit. De meningsverschillen in de Vlaamse regering zijn groter dan bij ons in Antwerpen. Toch heet het bij ons altijd gekibbel. Van Campenhout: Die verwijzing hoeft niet, de recente Antwerpse incidenten waren daarvoor te banaal. Discussies over de autoloze zondag, bordelen, tippelzone... Dat soort dingen moet binnenskamers kunnen worden besproken, zonder publieke discussie. Ik ga akkoord met Marc: men verlangt van deze coalitie dat er geen dissonantie is. Maar dissonantie moet kunnen _ dissidentie niet. We hebben in de gemeenteraad gefundeerde debatten gehad, onder meer over het voorkooprecht van de sociale huisvestingsmaatschappij. Daarbij heb je natuurlijk reliëf tussen Agalev en de VLD. Maar bij het minste wordt iedereen nerveus: Oei, ze spelen in de kaart van het Blok!Van Peel: Wij kunnen ons minder discussies permitteren. Ik zou het liever anders zien, maar het is de realiteit. Alleen kan ik me soms behoorlijk opwinden over de manier waarop de nationale media over Antwerpen schrijven. Wanneer berichten ze over ons? Ten eerste, uiteraard: als er een probleem is. En vaak zie je dan van die vluchtige analyses _ ook in uw tijdschrift, tussen twee haakjes. Dan is schepen Tuur Van Wallendael (SP) een grote bordeelhouder, rijdt collega Ann Coolsaet (VLD) met een grote BMW... Dus dan worden mensen gereduceerd tot het incident waarmee ze in de nationale pers zijn geweest. Het ligt niet in mijn aard, maar daar word ik soms wat moedeloos van. Van Campenhout: We leren al bij. Op de uitspraken van commissaris Luc Lamine over de Blok-kiezers hebben we sereen gereageerd. Dat Antwerpen- bashing werkt blijkbaar heilzaam. Van Peel: Er zijn hier en daar problemen, ja. Ik heb twaalf jaar in de gemeenteraad gezeten en ik heb altijd gezegd wat ik dacht. Maar ik heb ook altijd op de juiste manier op de stemknop gedrukt. Dat soort politieke cultuur moeten we blijkbaar nog wat leren. Denk aan de reactie van Patrick Janssens (SP) op de beslissing over de tippelzone. Kijk, als er tussen burgemeester Leona Detiège (SP) en veiligheidsschepen Dirk Grootjans (VLD) een akkoord is, ga ik ervan uit dat daarover binnen de SP gepraat is. We moeten allemaal loyaal zijn, dat is elementair. Van Peel: Ik heb er geen geheim van gemaakt dat ik dat een symbooldossier vond, maar ik zal loyaal met hem werken. Alleen blijft het een probleem dat de burgemeester kan delegeren, maar uiteindelijk wel verantwoordelijk blijft. Dus ofwel moeten we na de volgende verkiezingen stoppen met die constructie, ofwel _ en daar is iets voor te zeggen _ moeten we de regelgeving aanpassen en zorgen dat het écht een specifieke bevoegdheid wordt. Nu hoop ik hard dat de overeenkomst die is getekend duidelijkheid zal scheppen over de bevoegdheden. Van Campenhout: Voor ons is die schepen uiteraard meer dan een symbool. Aangezien er een veiligheidsprobleem is, hebben we de functie nodig. De VLD wenste ook echt te wegen op het veiligheidsbeleid. Nu moet op het terrein blijken of de constructie werkt. En dan is Antwerpen misschien de trendsetter. Van Peel: Sorry, maar voor mij is dat een totaal onbruikbaar woord, het subjectieve onveiligheidsgevoel. Ik kom zoveel mensen tegen, ook onvervalst geëngageerde types, die zeggen dat er wel degelijk een veiligheidsprobleem is. Er zijn een paar honderd jongeren die onvoorstelbaar veel reële onveiligheid creëren. En tegen die criminaliteit hebben we geen adequaat instrument. Het debat blijft verzanden in ideologische discussies, vooral met de Franstaligen moet ik zeggen. Heel dom, want niemand in de Antwerpse coalitie ontkent het probleem, ik denk weinigen in Vlaanderen. Maar in deze daadkrachtig optreden is helaas geen bevoegdheid van het Antwerps stadsbestuur. Als het een Vlaamse bevoegdheid was, zou het volgens mij allang gerealiseerd zijn. Dan hadden we hier nu al _ en ik moet weer op mijn woordkeuze letten _ time-out-centra. Zo heet het zeker, die jeugdgevangenissen, of wat we vroeger heropvoedingsgestichten noemden? Hoe dan ook, ze zijn er niet. Aan die discussie komt geen einde en ondertussen blijft de situatie op het terrein verzieken. Van Campenhout: Dat taalgebruik alleen al _ subjectief onveiligheidsgevoel _ doet het ongenoegen bij de bevolking over de reële problemen toenemen. In feite zeg je daarmee: het is geen echt probleem. Dat is het wél en dat mag je niet wegmoffelen in dat soort taalgebruik. We moeten oppassen dat we niet verlamd worden door taboes. Van Peel: Mochten er in Vlaanderen vier steden zijn zoals Antwerpen, met dezelfde problemen, dan stonden die problemen bovenaan de politieke agenda. De politieke consensus om op te treden is relatief groot, behalve misschien bij een aantal groenen. Van Campenhout: Vandaag vind ik dat nog altijd een juist dilemma. Dan zou er iets fundamenteels veranderd zijn en hadden we van meet af aan wat meer vertrouwen kunnen krijgen. Het was dus geen politiek spelletje, maar een weloverwogen strategie. Die is niet gelukt, nee, maar ze heeft wel geleid tot de 'derde weg': vier sterke VLD-schepenen, met sterke bevoegdheden, zodat wij kunnen wegen op het beleid. Maar voor alle duidelijkheid: de samenwerking met en mijn waardering voor de twee Agalev-schepenen is erg groot. Van Campenhout: Ik denk van wel. Ook voor hen misschien. Een voorbeeld: in Merksem, waar het bij sommige mensen al verschillende keren is overstroomd de afgelopen jaren, heeft het Blok het monopolie op het ongenoegen. Beeld u nu eens in dat ook Agalev in de oppositie had gezeten: ze zouden in Merksem een ongeziene score kunnen halen. Van Campenhout: Ja, los van uw voorbeeld: volledig akkoord! Een communicatiecoach zou het college kunnen begeleiden om vooral de positieve dingen naar buiten te brengen. Om de beeldvorming te veranderen, heb je professionele begeleiding nodig. Van Peel: Voor mijn part mag dat, hoor. Maar overschat de rol van Slangen niet. Hij levert wel de strategieën, maar uiteindelijk is het Verhofstadt die de communicatie moet doen. En zo hoort het. Politici moeten er zelf voor zorgen dat ook de positieve dingen naar buiten komen. Die daadkracht moeten we zelf hebben. Van Peel:Bon, Antwerpen is toch een fantastische stad. Drieënhalf miljoen bezoekers hebben we hier gehad, voor de Zomer van Antwerpen, de Ronde van Frankrijk, de Cutty Sark, het Modejaar en wat ik verder nog zou vergeten. Zelfs als er eens een weekend niets te doen is, en dat is uiterst zeldzaam, flaneren hier tienduizenden mensen. Of kijk eens naar het volk dat zich op de kaai staat te vergapen aan de cruiseboten die hier aanleggen. Daar springt je hart toch van op! Het doet mij denken aan de Congo-boten. Ik was drie of vier jaar, maar als zo'n boot vertrok, stonden er ook duizenden mensen te wuiven. Geweldig! Maar het gaat niet alleen om de feestjes. Sinds de jaren zeventig is er nooit meer zoveel geïnvesteerd in Antwerpen als vandaag. Van Peel: De stad zelf kan maar vier miljard (99 miljoen euro) per jaar investeren, dat is waar, en we zouden liever hebben dat het meer is. Maar of het geld nu uit de stadsbegroting komt, of van de Vlaamse of federale begroting: voor de Antwerpenaar maakt dat uiteindelijk geen verschil. De projecten die nu lopen, dat is een indrukwekkende lijst: het nieuwe Justitiepaleis, het Centraal Station, de HST, heel de transformatie van Berchem, de nieuwe stadsfeestzaal, de heraanleg van de Leien... Dat is een werk van jaren geweest, van deze regering en van de vorige regeringen. Dat investeringsniveau van tientallen miljarden is gigantisch. Ik heb het al vaker gezegd: de investeringsbegroting van Rotterdam is even groot als die van Antwerpen, alleen is die van hen in guldens en die van ons in franken. Maar goed, ik ben blij dat de federale en Vlaamse overheid nu zo massief investeren. Van Peel: Ja, maar dat waren nu net de founding fathers van het probleem waarover we het hebben: Frans Detiège, Leo Delwaide, Lode Craeybeckx... De grote heren die even in Brussel neerstreken om te zeggen wat ze moesten hebben. Toen hadden ze ook enige credibiliteit. Maar onder die politieke generaties gingen de financiën van Antwerpen wel in vrije val. Ik vind dat een heel dubbelzinnig discours: vroeger had je de heren van stand en nu is Antwerpen een krabbenmand met minderwaardige politici. De waarheid is dat we niet de historische schuld van de jaren tachtig en negentig, maar die van de jaren zestig en zeventig aan het betalen zijn. Die hangt als een molensteen rond onze nek: 4,5 miljard (112 miljoen euro) per jaar, alleen al aan schulden. Vergeet ook de fusie niet: in Wilrijk, Ekeren, Merksem, enzovoort, hebben de mensen hun gemeentebelasting zien verdubbelen terwijl het investeringsniveau in hun buurt halveerde. Dat was op langere termijn wel het gevolg van die oude politiek. Van Campenhout: Door die dalende investeringen in de jaren zeventig en tachtig zijn sommige wijken totaal aan hun lot overgelaten. En dan spreekt men over verzuring, die zogezegd typisch is voor Antwerpenaren. Maar de Antwerpenaar is niet fundamenteel verzuurd. En die financiële toestand is natuurlijk frustrerend, want we zitten in een vreemde situatie: tot 2016 hebben we weinig financiële zuurstof omdat we moeten saneren _ na 2016 komt de schuldherschikking en schiet dat zuurstofgehalte ineens enorm de hoogte in. Van Peel: Men heeft al vaak gedacht: we moeten een wonderboy naar Antwerpen sturen. Die van mij, enfin, van mijn partij, heette Leo Delcroix. Bij de SP is ooit sprake geweest van Louis Tobback. Die van de VLD vorig jaar was Christian Leysen. Maar een wonderboy die even neerdaalt in Antwerpen om orde op zaken te stellen _ dat is dus nonsens. Het politieke talent is hier niet groter, maar zeker ook niet kleiner dan elders. In die val mogen we niet meer trappen. Van Peel: Juist, alsof hij een deus ex machina zal zijn. Van Campenhout: Ik moet wel zeggen dat ik absoluut met Janssens zou kunnen werken. Het zou ook voor Antwerpen een goede zaak zijn. Maar het heeft geen zin om daarover te speculeren. Detiège is burgemeester van deze stad. Dat hebben we allemaal zo gewild, uiteindelijk. Van Peel: Leona Detiège is mijn burgemeester en die van alle Antwerpenaren. Ja? Wilt u dat uitdrukkelijk vermelden? Van Peel: Ik vind elke speculatie daarover totaal contraproductief. Detiège is in charge. Laten wij dus als één man achter haar staan, laten wij haar gezag niet ondergraven. Dat is een oproep die ik _ voor alle duidelijkheid _ ook aan de SP richt: hou ermee op! Speculeren heeft geen zin, dat verzwakt iedereen. Van Campenhout: Daar zijn geen afspraken over gemaakt, ook niet informeel. Bovendien is het een oefening die de SP zelf moet maken. Maar ik voeg daar wel ten persoonlijken titel aan toe: als men ons morgen komt zeggen dat Patrick Janssens burgemeester wordt, zullen wij daar enthousiast over zijn. Van Peel: Ik bepaal niet wie de schepen moet zijn van andere partijen. Maar dat het een goede zaak zou zijn als Ludo schepen werd, is duidelijk. Ik ga ervan uit dat Ludo in de toekomst zijn rol in het bestuur zal spelen. Ik had liever gehad dat hij dat nu al deed, want het zou de kwaliteit van het bestuur _ die nu al hoger ligt dan die van het vorige college _ ten goede gekomen zijn. Van Campenhout: De VLD heeft vier uitstekende schepenen. Maar los van de huidige situatie: natuurlijk is het mijn ambitie om schepen van deze stad te zijn. Daar droomt toch elke Antwerpse politicus van? Er is veel mis met deze stad en dat doet de Antwerpenaar pijn, maar het is toch vooral een prachtige stad. Van Campenhout: Misschien zou men, in plaats van altijd met de vinger te wijzen, eens naar onze ervaringen kunnen luisteren. Er is binnen de VLD gedebatteerd over de provinciale kiesdistricten. Maar als het ooit zover komt, worden ze ook in Lier, Mechelen en Turnhout geconfronteerd met het fenomeen-Dewinter _ dat staat die mensen daar te wachten, hè. Van Peel: Onze politieke noodsituatie is groter dan elders, daarom worden onze problemen als zwaarder gepercipieerd. Maar wat als we na de verkiezingen van 2003 op Vlaams niveau in dezelfde situatie terechtkomen? Ik hoop natuurlijk van niet, maar het is niet helemaal uitgesloten. Wel, dan zul je ook daar een soort van Antwerpse monstercoalitie krijgen, mét verhevigde media-aandacht. En dan staat die Vlaamse coalitie hetzelfde te wachten als waar wij nu in zitten. Van Peel: Dat is weer die mythe: 'ze', de politici, weten niet 'wat er bij de mensen leeft'. Ik denk dat de meeste politici, in alle partijen, dat heel goed weten. Van Campenhout: Toch moeten we oppassen. Als je alle recepties afschuimt waarvoor je wordt uitgenodigd, kun je wel eens de indruk krijgen dat je veel onder de mensen komt, terwijl dat natuurlijk niet zo is. De districtsraden zijn wellicht nog onvolmaakt, maar ze zijn op z'n minst een betere stap in de richting van het contact met de Antwerpenaar. Van Peel: Meer naar de mensen luisteren: ik wil wel, hoor. Maar daar zit het probleem niet. Het positieve nieuws meer uitdragen, dàt moeten we doen. Maar dan moeten de nationale media meewillen. Schepen van Cultuur Eric Antonis krijgt de Vlaamse architectuurprijs: kort stukje in de krant. De Antwerpse ambtenaren hebben nu het strengste evaluatiesysteem van alle ambtenaren in Vlaanderen. En toch blijft in het nationale nieuws het fabeltje over de verstarde en logge en voor het leven benoemde administratie de ronde doen. Van Campenhout: Een rel na een voetbalmatch is nieuws. Dat we het hooliganisme onder controle lijken te hebben, is geen nieuws. Maar wel een grote realisatie van ons politiekorps. Het gaat nog niet goed genoeg, maar wel beter dan men denkt. Dus moeten we voortwerken. De dagelijkse kleine wrevelpunten aanpakken, én de grote projecten. De Antwerpenaar moet trots kunnen zijn op zijn stad. Van Peel: Gelukkig zijn er nu al twee actiegroepen die zeggen: wij zijn vóór de heraanleg van de Leien. Want momenteel loopt er een klacht bij de Raad van State. Minister Dirk Van Mechelen (VLD) wacht op een uitspraak voor de eerste spade in de grond mag. Een juiste beslissing, want anders dreigen we met een Deurganckdok te zitten in het centrum van Antwerpen. Ik vind het wel absurd dat zoiets kan gebeuren. Néémt de politiek dan eens een beslissing met een brede consensus, dan gooit de Raad van State roet in het eten. In zekere zin is de Raad van State mee verantwoordelijk voor _ ik gebruik het woord niet graag _ de verzuring. Ik hoop dat we straks met al die werken kunnen beginnen: de Leien, de Singel en de Oosterweelverbinding. Van Peel: En als we het niet doen, zal het nog veel verschrikkelijker zijn. Over drie, vier jaar zitten we met een gigantisch mobiliteitsprobleem. Maar we moeten erdoor, om te vermijden dat we straks helemaal verstikken in de verkeersknoop. Pas op, ik maak me geen illusies, hoor: zelfs als we hierover heel goed communiceren, zal er zeker geen grote tevredenheid neerdalen over de bevolking. Mensen zullen door al die werken nog drie keer langer dan gewoonlijk in de file staan. Van Campenhout: Steve Stevaert (SP), die je toch moeilijk kunt verdenken van een gebrek aan politiek talent, heeft mij eens gezegd dat je in dit soort kwesties duidelijk moet zijn: uitleggen waarom de werken nodig zijn, dat het ambetant zal zijn, maar dat het moet, in ieders belang. Van Campenhout: Ja, we moeten dus proberen om er een sterkte van te maken en zeggen tegen de Antwerpenaar... Van Peel: ... wees blij dat er iets gebeurt. Van Campenhout: Voilà. Uw stad zal er fundamenteel anders uitzien, wees blij dat alles open ligt! Joël De CeulaerFilip RogiersFilip RogiersVAN PEEL: 'Een wonderboy die neerdaalt om in Antwerpen orde op zaken te stellen? Dat is toch nonsens.'VAN CAMPENHOUT: 'Als Patrick Janssens morgen burgemeester wordt, zullen wij zeer enthousiast zijn.'