Eerst klinkt een hoge kreet. Dan floepen felle spots langs weerszijden van het podium aan. Percussionist Solis Barkis laat zijn cimbalen trillen, waarna Dimitris Brendas uit zijn...

Eerst klinkt een hoge kreet. Dan floepen felle spots langs weerszijden van het podium aan. Percussionist Solis Barkis laat zijn cimbalen trillen, waarna Dimitris Brendas uit zijn kaval - een blaasinstrument uit de Balkan - bezwerende tonen jaagt. In dat broeierige sfeertje kneden negen dansers de rouw tot troost. Ze doen dat op aansturen van Koen Augustijnen en Rosalba Torres Guerrero. De twee groeiden in Alain Platels gezelschap Les Ballets C de la B uit tot choreografen. Toen ze in 2017 tijdens een verblijf in Griekenland merkten dat de Grieken met de zogeheten miroloi machtige rouwliederen hebben die het rouwen draaglijker en 'mooier' maken, ontstond de basis voor dit stuk. Voortgestuwd door de bezwerende muziek vertalen de dansers het rouwen in stampvoeten, tollen, vallen, schreeuwen en vervuld van troost in elkaars armen tuimelen.