Twintig jaar na de val van de Muur in Berlijn is de Koude Oorlog nog niet overal voorbij. De oude ideologische strijd woedt nog altijd even fel tussen de grote en sterke Verenigde Staten en het zwakke en armlastige eiland Cuba voor de kust van Florida. Een vlucht van Miami naar Havana duurt nauwelijks drie kwartier. Maar de zee tussen de twee landen is nog altijd dieper dan de Muur hoog was.
...

Twintig jaar na de val van de Muur in Berlijn is de Koude Oorlog nog niet overal voorbij. De oude ideologische strijd woedt nog altijd even fel tussen de grote en sterke Verenigde Staten en het zwakke en armlastige eiland Cuba voor de kust van Florida. Een vlucht van Miami naar Havana duurt nauwelijks drie kwartier. Maar de zee tussen de twee landen is nog altijd dieper dan de Muur hoog was. Het lijkt dat er nu toch beweging komt in de impasse, die al vijftig jaar oud is. De Amerikaanse president Barack Obama versoepelde vorige week de voorwaarden voor Amerikanen die naar Cuba willen reizen. Zijn Cubaanse collega Raul Castro liet daarop weten dat Havana met Washington over alles wil praten - mensenrechten en persvrijheid inbegrepen. Zolang die gesprekken maar onder gelijken worden gevoerd. De toenadering die Obama suggereert, stelt op zichzelf nog weinig voor. Het is nauwelijks meer dan een terugkeer naar de situatie zoals die in de jaren negentig al bestond toen Bill Clinton president van Amerika was. De geste is vooral symbolisch belangrijk. Het embargo als dusdanig opheffen, kan de president ook niet. Dat is een beslissing die door het Congres moet worden genomen. Voor het een stap verder zet, wil Washington eerst meer democratie zien in Cuba. De Castro's moeten laten zien dat het hen menens is. Dat kunnen ze bijvoorbeeld door politieke gevangenen vrij te laten. Dat de tijd rijp is om de Cubaanse kwestie op te lossen, leerde Barack Obama vorig weekend ook op een top van de Amerikaanse landen in Port of Spain, de hoofdstad van Trinidad & Tobago. Er zou worden geprobeerd om antwoorden te zoeken voor de globale economische crisis, maar uiteindelijk stond de bijeenkomst helemaal in het teken van de toenadering tussen de VS en Cuba. Ook de gematigde president Luiz Inacio Lula da Silva van Brazilië drong er bij Obama op aan om het embargo tegen Cuba op te heffen. De conferentie eindigde zelfs zonder slotverklaring, omdat de Latijns-Amerikaanse leiders vonden dat het herstel van de betrekkingen met Havana niet snel genoeg opschiet. Toch was de bijeenkomst voor de VS een groot succes. Er groeide de voorbije jaren in Zuid- en Centraal-Amerika een front tegen Washington. Ook leiders van dat front, zoals de Venezolaan Hugo Chavez en de Ecuadoriaan Rafael Correa, lijken Obama een kans te willen geven. Chavez wees zelfs al opnieuw een ambassadeur aan om Venezuela in Washington te vertegenwoordigen. Veel hangt nu af van de bereidheid van de Cubaanse leiding om macht uit handen te geven. Waarnemers zien nog niet klaar in de schoonmaak die Raul Castro onlangs in zijn regering hield. Maar broer Fidel pleitte recent in een van zijn bijna dagelijkse bijdragen in de partijkrant Granma voor een dialoog met de VS. Obama heeft van zijn kant geleerd dat de weg naar Latijns-Amerika over Havana loopt. Vijftig jaar geleden duwden de Amerikanen de baardige Cubaanse revolutionairen lomp in het communistische kamp. Het moment lijkt aangebroken om die fout te herstellen. door Hubert van Humbeeck