Luxemburg bleef tijdens de Europese crisis in rustig vaarwater. Bij de komende verkiezingen van 20 oktober dreigt het land, dat gold als het financieel meest stabiele van de hele Unie, naar het oog van de storm te drijven. Dat komt vooral omdat het vertrouwen in de stuurman, premier Jean-Claude Juncker, is geschonden.
...

Luxemburg bleef tijdens de Europese crisis in rustig vaarwater. Bij de komende verkiezingen van 20 oktober dreigt het land, dat gold als het financieel meest stabiele van de hele Unie, naar het oog van de storm te drijven. Dat komt vooral omdat het vertrouwen in de stuurman, premier Jean-Claude Juncker, is geschonden. Juncker staat al achttien jaar aan het roer. Op vijf jaar na leidde hij coalities van zijn eigen christendemocraten (CSV) met de socialisten (LSAP). Die brachten zijn regering in juni ten val. De LSAP wilde een motie van wantrouwen indienen omdat Juncker te achteloos was opgetreden tegen de laakbare activiteiten van de geheime dienst SREL. Die legde in het geniep onder meer 15.000 fiches van burgers en bedrijven aan. Illegale afluisterpraktijken waren schering en inslag. Juncker wachtte niet op de stemming en stapte zelf naar groothertog Hendrik. Grootste slachtoffer van de afluisterpraktijken was nochtans Juncker zelf. Hij had er geen aandacht voor. Hij kon de slordigheid in zijn optreden sinds zijn intrede in de regering in 1982 kundig wegmoffelen achter zijn uitstekende Europese parcours. Maar door het Bommeleeër-Prozess werd zijn oude zwakheid opnieuw blootgelegd. Twee leden van de bereden Rijkswacht zouden met twee intussen overleden kompanen en de steun van de ook bij ons beruchte Gladiocel van het Stay Behind-netwerk van de NAVO tussen 1984 en 1986 een twintigtal bomaanslagen hebben gepleegd. Het vermoeden is sterk dat Juncker en andere CSV-kopstukken daarvan op de hoogte waren. Maar ook op andere terreinen is zijn ster verbleekt. Een peiling in september leerde dat het vertrouwen in de regering wegsmelt. Juncker had nog maar de steun van 51 procent van de Luxemburgers. Zijn topscore in 2011 stond op 71 procent. De meest aantrekkelijke politicus van het land is nu Xavier Bettel, de liberale burgemeester van de hoofdstad. De Luxemburgers maken zich ongerust. Ze kregen in Maastricht een uitzondering om het kiesrecht te beperken. Liefst 44 procent van de bevolking bestaat uit migranten, vooral Portugezen en Italianen. Het rechtsnationalisme is in opmars. Met argusogen wordt uitgekeken naar de plannen van de CSV om grotere gemeenten te maken en de dubbele nationaliteit te bevorderen. Toch zijn andere thema's voor de behoudsgezinde Luxemburgers de ware inzet van de verkiezingen: de werkloosheid (gestegen tot 7 procent), de pensioenen (in een land van renteniers en ambtenaren), onderwijs en vorming (enkele partijen hameren op inburgering door taalkennis van het Letzeburgs). En er is een groeiend tekort aan woningen en de kosten van het levensonderhoud stijgen ook in het groothertogdom angstwekkend. De regering voelt de hete adem van de kiezer in de nek. Ze heeft nog snel een tramlijn in Luxemburg goedgekeurd om het verkeer te ontlasten. Ze gaat de ruimtelijke ordening hertekenen. Ze legt een plan voor administratieve vereenvoudiging voor. Maar als de neuzen geteld zijn, zal blijken of CSV verder kan besturen. Of komt er toch een tegencoalitie van liberalen, socialisten en groenen? Dat zou onuitgegeven zijn. Eén ding is zeker: zelfs Luxemburg is in een ruwe zee terechtgekomen. Lukas De Vos