Je vindt ze in elke gemeenschap, hoe klein of hoe groot ook. In de kleinste sport- of kaartvereniging zit wel een groep leden die een groot geschil hebben ontdekt dat ze onoverkomelijk vinden.
...

Je vindt ze in elke gemeenschap, hoe klein of hoe groot ook. In de kleinste sport- of kaartvereniging zit wel een groep leden die een groot geschil hebben ontdekt dat ze onoverkomelijk vinden. 'Er zijn er onder ons die voor geld willen spelen, en die moeten maar hun eigen club beginnen. Want wij zijn hier voor de vriendschap en de gezelligheid. Eruit met die gokkers!' Daartegenover staat dan de groep die spelen voor geld leuk vindt om het spannend te maken, we zijn toch geen kleuterklasje. Die groep voelt zich al meteen miskend omdat hun idee zomaar van tafel wordt geveegd. Terwijl zij met hun voorstel alleen maar de bedoeling hadden het nog gezelliger te maken. De discussie laait hoog op. Er vallen harde woorden. Terwijl vroeger werd gepraat over de kinderen en de plannen, is nu het al dan niet voor geld spelen het heersende gespreksthema. Wat de kaartavonden van de overige honderd leden naar de verdommenis helpt. De hele club dreigt uit elkaar te vallen omdat een stuk of tien leden met elkaar in de clinch ligt. Tot iemand oppert dat er misschien een andere oplossing is. 'Jongens, laten we spelen voor een euro, die gooien we in de pot en daar betalen we straks een mosselfeest mee. Zo is iedereen gelukkig.' Zaak opgelost, tot er weer twee groepjes tegenover elkaar staan, met de messen getrokken. Zij die mosselen lusten, tegenover zij die ribbetjes op de barbecue verkiezen. Weer felle discussies. Weer zware argumenten. Vaak zijn het dezelfden die het nieuwe twistpunt hebben gevonden. Soms vinden ze ook een oud geschil dat dringend aan vernieuwing toe is. 'Jouw betovergrootvader heeft mijn betovergrootmoeder mosselen doen eten en die is daar zo ziek van geworden dat mijn overgrootoom dood geboren is!' Ook in grotere clubs, die namen dragen als 'Europa', 'FIFA', 'Midden-Oosten', of gewoon 'De Hele Wereld', doet het zich voor. Elke plek waar mensen samen werken, leven of dingen doen waar ze vrolijk van worden, heeft ermee te kampen. Een minderheid van klovengravers verpest de lol voor een meerderheid van bruggenmakers. Die minderheid snakt net als de meerderheid naar vrede en rust, maar is ervan overtuigd dat die vrede en rust er enkel kunnen komen na strijd. Een strijd die ze bereid is aan te gaan om te komen tot een nieuwe eenheid waarbinnen geen verschillen meer zijn. We herinneren ons brave zielen als Georges W. Bush die een heel eenvoudige filosofie had om tot wereldvrede te komen: 'Als iedereen denkt zoals ik, dan is er geen ruzie.' Ze bestaan, in elke club, groot of klein. Neem nu een conflict zo oud als de rollen van de Dode Zee. Miljoenen Israëlieten en Palestijnen die niets liever zouden willen dan vrienden en goede buren zijn, worden met raketten bestookt door landgenoten die vinden dat de deur naar het geluk te klein is om samen door te kunnen. Onoplosbaar? Toeval wil dat ik dit zit neer te schrijven in Glencoe, een dorp aan de westkust van de Schotse Highlands. Midden in Loch Leven ligt 'Eilean a' Chomhraidh', letterlijk vertaald: 'Eiland van discussie'. Volgens de legende en de plaatselijke vertelkunst werd het eiland gebruikt om geschillen te regelen tussen strijdende clans. De regels waren simpel: als er onenigheid was over zaken als landbezit, werden beide partijen naar het eiland gestuurd met een voorraad whisky, kaas en haverkoeken. Ze mochten het eiland niet verlaten voor hun conflict was opgelost. Resultaat: in vijftien eeuwen amper één moord in de hele regio. Waar of niet, het idee is schitterend. Stel dat we de wereld anders indelen. Niet in Russen en Oekraïners. Niet in protestanten en katholieken, sjiieten en soennieten, Vlamingen en Walen, of allochtonen en autochtonen, maar wel in 'ruziezoekers' en 'vriendjesmakers'. Gewoon een andere lijn door de mensheid trekken dan we tot nu toe hebben gedaan. Het is maar een oefening. Het is tenslotte zomer, we mogen al eens dromen. Vanaf dat er ergens tussen twee partijen onenigheid ontstaat, sturen we de aanvoerders van de discussie naar een eiland. Tatlurutit bijvoorbeeld, in het noorden van Canada. Daar woont niemand en het is in oppervlakte bijna twee keer zo groot als België. We zetten er alle onenigheidspredikers bij elkaar. Of ze nu lid zijn van de kaartvereniging of van de Verenigde Naties maakt niet uit. Zo gauw ze ruzie maken, sturen we ze samen weg. Met een thermoskan en een goed gevulde brooddoos de boot in naar Tatlurutit. Ze mogen pas terugkomen als ze ideeën hebben om dikke vriendjes te worden. Het vriest daar in de winter makkelijk vijftig graden. Misschien helpt dat om de nodige onderhandelingen iets sneller te laten verlopen. Guillaume Van der Stighelen, ex-reclamemaker en medeoprichter van Duval Guillaume, schrijft columns en cursiefjes, maakte met Canvas de tweedelige documentaire President Te Koop over de verkiezingscampagnes in de VS en werkt momenteel aan een hernieuwde uitgave van zijn boek Echt.Guillaume Van der StighelenAls er onenigheid was over zaken als landbezit, werden beide partijen naar het eiland gestuurd met een voorraad whisky, kaas en haverkoeken.