Tot een derde van de broeikasgassen komt door voedsel. Zowel de productie, de verwerking als het transport van wat we eten en drinken zijn erg belastend voor het milieu. Denk maar aan het gebruik van meststoffen, ruimte voor veeteelt en gewassen, voedselverwerkende fabrieken, verpakkingsmaterialen, energie en afval... Hoe meer mensen duurzamer eten, hoe groter de impact op onze leefomgeving. Bovendien is duurzamer ook gezonder, en dat is mooi meegenomen.
...

Tot een derde van de broeikasgassen komt door voedsel. Zowel de productie, de verwerking als het transport van wat we eten en drinken zijn erg belastend voor het milieu. Denk maar aan het gebruik van meststoffen, ruimte voor veeteelt en gewassen, voedselverwerkende fabrieken, verpakkingsmaterialen, energie en afval... Hoe meer mensen duurzamer eten, hoe groter de impact op onze leefomgeving. Bovendien is duurzamer ook gezonder, en dat is mooi meegenomen. Plastic zakjes zijn al enkele jaren gebannen uit de supermarkt. Neem je eigen boodschappentas mee, het liefst een grote, stevige tas van gerecycleerd materiaal, genre polypropyleen, PET of jute. Ook opvouwbare nylontasjes zijn duurzaam, en vaak nemen ze heel weinig plaats in. Ben je je boodschappentas (weer eens) vergeten, koop dan een draagtas in de supermarkt en vergeet hem voortaan zo min mogelijk. Zo'n draagtas is beter voor het milieu dan plastic, op voorwaarde dat je hem minstens 10 keer gebruikt. Katoenen tassen zijn wel populair, maar die moet je minstens 75 keer gebruiken wil je je milieubelasting verminderen. Papieren zakken, zoals voor groenten en fruit, zijn helaas niet beter voor het milieu dan plastic; vaak zit er nog een plastic laagje op. Opteer voor de versafdeling waar het kan liever voor herbruikbare netjes. Wat de voorverpakte voedingswaren betreft, is de keuze minder eenvoudig. Voor een pot mayonaise kies je beter de plastic (PET) versie dan de glazen pot. Glazen potten en flessen zijn minder duurzaam dan de plastic alternatieven, tenzij je ze hergebruikt. Voor producten als olie en sausjes betekent dat uitspoelen en herbestemmen in plaats van ze meteen in de glascontainer te dumpen. Glazen flessen, bijvoorbeeld bierflesjes, waarvoor statiegeld betaald wordt, zijn wel duurzaam: ze worden tot 40 keer hergebruikt. Is er geen statiegeld voorzien voor je drankje, dan koop je beter een blikje. Koop beter geen flessenwater. Leidingwater is even gezond, veel goedkoper en veel duurzamer. Bioplastics, gemaakt van plantaardige stoffen zoals rietsuiker en maïs, zijn biodegradeerbaar, maar dat betekent niet dat je ze zomaar in de compostbak mag smijten. Niet alle biodegradeerbaar plastic is ook composteerbaar. Biodegradeerbaar betekent dat het plastic door micro-organismen afgebroken kan worden tot minerale bestanddelen. Wat overblijft, is biomassa en geen microplastics, zoals met gewone plastic het geval is. Composteren is een speciale vorm van biodegradatie, waarbij het restproduct een voedselrijk substraat vormt, dat gebruikt kan worden in de moestuin bijvoorbeeld. Bioplastic is dus altijd biodegradeerbaar, maar alleen composteerbaar als het expliciet op de verpakking vermeld staat. Composteerbare bioplastics mogen in principe in de gft-bak, maar toch is dat soms af te raden. De kans op sorteerfouten is groot en sommige biodegradeerbare bioplastics die per ongeluk in de composteringsinstallatie geraken, kunnen het composteringsproces hinderen. Schaaltjes van piepschuim, gebruikt voor vlees en vis, horen bij het restafval omdat ze vervuild zijn. Propere piepschuim, doorgaans afkomstig van verpakkingsmateriaal voor huishoudtoestellen, kan naar het containerpark gebracht worden en wordt gerecycleerd. Wie slim koopt, gooit minder voedsel weg. Een lijstje maken van wat je die week nodig hebt aan voedingsproducten, bijvoorbeeld door een weekmenu samen te stellen, is ideaal om gezond en duurzamer te eten. Wees zuinig met rood vlees (rund, varken, schaap), en zet af en toe peulvruchten (bonen, linzen, kikkererwten) op het menu. Ze zijn caloriearm en beter voor het milieu. Plantaardige producten, zoals groenten en fruit, hebben per definitie een lage milieu- impact, behalve als ze worden ingevlogen van buiten Europa.Wat wordt ingevlogen is te mijden, maar groenten en fruit die uit andere Europese landen worden ingevoerd met vragenwagens en schepen, hebben soms een lagere milieu-impact. Zeker als de teeltomstandigheden in het land van herkomst minder energie vergen dan bij ons. Zo zijn tomaten uit Spanje soms minder belastend voor het milieu dan Belgische tomaten uit een verwarmde serre. De beste keuze voor het milieu zijn de seizoensgroenten van bij ons, bij voorkeur als ze in volle grond geteeld worden, zoals bloemkool, wortelen en spinazie.