De familie Coburg hoeft zich geen zorgen te maken. Bij alle partijen, in alle landsdelen, in alle leeftijdscategorieën en zowel bij mannen als bij vrouwen behaalt de monarchie - als gewenste staatsvorm - een ruime meerderheid.
...

De familie Coburg hoeft zich geen zorgen te maken. Bij alle partijen, in alle landsdelen, in alle leeftijdscategorieën en zowel bij mannen als bij vrouwen behaalt de monarchie - als gewenste staatsvorm - een ruime meerderheid.Gemiddeld kiest driekwart (74%) van de Belgen voor een koning. In Vlaanderen (76%) is die steun nog een tikje royaler dan in Wallonië en Brussel (beide 71%). Tonen oudere Belgen zich het meest enthousiast - 78% van de 65-plussers en de groep tussen 51 en 60 wil een koning - dan valt het op dat de monarchie de minste steun krijgt (nog altijd 70%) van de groep tussen de 36 en de 50 jaar - niet toevallig ook de generatie van de 'achtenzestigers'. Bij de jongeren (min-35) lijkt de monarchie weer steun te winnen (73%). Dat de christen-democratische stemmers de koning het meest uitgesproken steunen, kon worden verwacht. De aanhang is nog een beetje groter bij de CVP-kiezers (91%) dan bij het PSC-electoraat (88%). Zowel in Vlaanderen (SP 79%) als in Wallonië (PS 78%) is het socialistische publiek de vorst meer genegen dan de liberale partijen. Met de VLD-kiezer (76%) is het verschil miniem, met de PRL-FDF-MCC-achterban opvallend groot; daar wil amper 66% van een monarchie weten. De liefde voor een Belgisch symbool als de monarchie is natuurlijk kleiner in Vlaams-nationalistische kringen. Maar zelfs hier, in wat eigenlijk de broeihaard van een republikeinse beweging zou kunnen zijn, kunnen Albert en de zijnen op een comfortabele meerderheid rekenen (64% Vlaams Blok, 61 % VU-ID21). De meerderheid wordt pas krap bij Agalev (54%), al blijft het natuurlijk een meerderheid. Bij de groene kiezers zorgt de taalgrens ook voor een politieke scheiding: 69% van de Ecolo-achterban kiest wel voor de monarchie. Ook elders in deze enquête valt trouwens op dat het Ecolo-publiek tussen de groene geestesgenoten van Agalev en de PSC-kiezers in zit. De monarchie krijgt dus duidelijk de voorkeur boven een stelsel met een verkozen president (overigens is er ook een republikeinse staatsvorm mogelijk zonder verkozen president: Zo heeft de Bondsrepubliek Duitsland een niet verkozen president, en ligt de politieke macht bij de regeringsleider). Een kleine minderheid van de Belgen - 12% - is gewonnen voor deze staatsvorm, die vandaag in een ruime meerderheid van landen van kracht is. Brusselaars (15%) zijn dit stelsel een beetje meer genegen dan Vlamingen (12%) of Walen (10%). Mannen (15,9%) meer dan vrouwen (7,8%), en in de leeftijdsgroepen piekt deze republikeinse fractie (17%) bij de groep tussen de 36 en de 50 jaar. Er zijn wel grote verschillen naargelang van de politieke voorkeur. Althans in Vlaanderen. In Wallonië laat een president nagenoeg alle partijen even onberoerd (12% Ecolo, 11% PRL-FDF-MCC, 9% PS en PSC). In Vlaanderen is de afkeer van een presidentieel regime - zeer opmerkelijk - groter bij de SP (4%) dan bij de CVP (7%). Wel zijn er heel wat SP'ers (12%) - net als VU'ers trouwens (13%) - die het begrepen hebben op een derde weg: koning noch president. De steun voor een president groeit bij de VLD (16%), het Vlaams Blok (21%) en VU-ID21 (24% - toch al een kwart van de kiezer). Alleen bij Agalev gaat het om een grote minderheidsfractie (36%). Maar hoe betekenisvol ook, het blijft een minderheid. De monarchie weet zich vandaag de dag dus gesteund door een solide meerderheid van de Belgen.