Buitenlanders vinden makkelijk de weg naar de redactie van Knack in Brussel. Het hoofdkwartier van de NAVO in Evere kennen ze allemaal. Een paar honderd meter hier vandaan, aan de overkant van de drukke Leopold III-laan, golft de cirkel met de grote vlaggen van de lidstaten zacht in de wind. Het beeld is over de hele wereld bekend. Wie daar passeert, verlaat een beetje het Belgische grondgebied.
...

Buitenlanders vinden makkelijk de weg naar de redactie van Knack in Brussel. Het hoofdkwartier van de NAVO in Evere kennen ze allemaal. Een paar honderd meter hier vandaan, aan de overkant van de drukke Leopold III-laan, golft de cirkel met de grote vlaggen van de lidstaten zacht in de wind. Het beeld is over de hele wereld bekend. Wie daar passeert, verlaat een beetje het Belgische grondgebied. Op dat internationale terrein voeren de Amerikanen het hoge woord. De NAVO is hun verlengde arm op het Europese vasteland. Ze laten zelden na ons er bijtijds aan te herinneren dat we beleefd moeten zijn en met twee woorden spreken. Dat gebouw aan de overkant, met zijn antennes, vlaggen en wachtposten, geeft aan met hoeveel touwen en touwtjes we aan andere landen vasthangen - en dan zeker aan de Verenigde Staten. Louis Michel mag spartelen wat hij wil. Het is een illusie te denken dat Washington hem veel vrijheid van handelen zal laten. Het mag ons daarbij een troost zijn dat dit nagenoeg in dezelfde mate geldt voor bijvoorbeeld Duitsland en Frankrijk. De hatelijke Amerikaanse minister van Defensie Donald Rumsfeld houdt ook Berlijn en Parijs voortdurend de vinger onder de neus. Rumsfeld was in de jaren zeventig nog Amerikaans ambassadeur bij de NAVO - hij weet precies hoe de zaken in elkaar zitten. Zo, bijvoorbeeld, dat de taak van de organisatie in West-Europa volbracht is. Als de NAVO een toekomst heeft, dan ligt die in de Kaukasus en in het Midden-Oosten. Het maakt uiteindelijk weinig uit of de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell vorige week in de Veiligheidsraad stevige bewijzen tegen Irak heeft aangedragen of niet. De toon waarop hij sprak, was belangrijker dan wat hij zei. Als Washington Irak wil aanvallen, dan zal het dat doen. Het wil het in dat land voor het zeggen hebben - voor de olie, maar ook uit geostrategische overwegingen. Om te voorkomen dat Saddam zijn voorraden chemische en biologische wapens ter beschikking zou stellen van wie er maar schade mee wil aanrichten. De VS hebben ook een groot plan in gedachten om de hele regio weer op te bouwen. Maar in Afghanistan hebben ze daar alsnog geen goed begin mee gemaakt. Een oorlog met Irak, zoals George W. Bush die in gedachten heeft, kan nooit lang duren. Het land heeft bijlange geen verweer tegen een directe aanval van de gecombineerde Amerikaanse en Britse strijdkrachten. Het gevaar komt van een heel andere kant. Saddam heeft nauwelijks nog een geregeld leger, maar hij kan wel rekenen op de steun van niemand weet hoeveel gefrustreerde Arabieren en andere moslims, die de oorlog naar steden in de VS en West-Europa kunnen en zullen verplaatsen. Arrestaties in onder meer Groot-Brittannië wijzen erop dat de voorbereidingen daarvoor volop aan de gang waren. Misschien heeft de terughoudendheid van Duitsland en Frankrijk ook daarmee te maken. Want als die terreur willekeurig toeslaat, betekent de oorlog met Irak niet het einde van de crisis in de wereld, maar slechts het begin. Hubert van Humbeeck