'Ons einddoel is een onafhankelijk Vlaanderen met niet al te veel vreemdelingen', aldus Vlaams Blokkamerlid Filip De Man, die niet eens moeite doet om de cynische ondertoon in deze hoogstpersoonlijke toepassing van het nieuwe woordgebruik van zijn partij te verbergen. De Man gaat binnen het Vlaams Blok dan ook door voor niets minder dan een misantroop. 'Hij is zowat de enige mandataris die er nog openlijk en fier voor uitkomt dat hij een racist is en niets moet hebben van Marokkanen, Turken en negers. Ook in eigen rangen doet hij vaak zeer denigrerend over anderen. Zijn houding is schandelijk en schadelijk, maar er komt een dag dat hij echt met zijn kop tegen de muur zal lopen', zegt een ander parlementslid van de partij.
...

'Ons einddoel is een onafhankelijk Vlaanderen met niet al te veel vreemdelingen', aldus Vlaams Blokkamerlid Filip De Man, die niet eens moeite doet om de cynische ondertoon in deze hoogstpersoonlijke toepassing van het nieuwe woordgebruik van zijn partij te verbergen. De Man gaat binnen het Vlaams Blok dan ook door voor niets minder dan een misantroop. 'Hij is zowat de enige mandataris die er nog openlijk en fier voor uitkomt dat hij een racist is en niets moet hebben van Marokkanen, Turken en negers. Ook in eigen rangen doet hij vaak zeer denigrerend over anderen. Zijn houding is schandelijk en schadelijk, maar er komt een dag dat hij echt met zijn kop tegen de muur zal lopen', zegt een ander parlementslid van de partij. De Man sprak op 30 september tijdens een bijeenkomst georganiseerd door de Vlaams-nationale Debatclub, die voor haar activiteiten een vaste stek heeft in Hotel De Basiliek in Edegem. Zijn tegenspeler was Vlaams Blokvoorzitter Frank Vanhecke. Maar nauwelijks twee weken na de veelbesproken partijraad, waarop 'angsthaas' Vanhecke stoorzender De Man weer in het gareel had gejaagd, was er van een debat geen sprake meer. Het duo - 'geen kemphanen, wel kompanen' - legde nog eens op een beschaafde manier hun tegengestelde visies over de partijkoers uit. En een tweehonderdtal aanwezigen - de gemiddelde ouderdom ver boven de pensioenleeftijd - vond dat het goed was. De opvoering van Vanhecke en De Man in Edegem was opnieuw een perfecte illustratie van de tactische oefening die de top van het Vlaams Blok sinds 21 april en de veroordeling wegens racisme door het Gentse hof van beroep in de hoogste versnelling heeft gebracht. Aan de ene kant wil de partijleiding het radicale deel van de achterban niet voor het hoofd stoten. Daarom is De Man - 'hij vertegenwoordigt een belangrijke strekking in onze partij', aldus zijn souffleur Filip Dewinter - een geschikt ventiel met zijn pleidooi voor een onbuigzame, rechts-radicale opstelling. Aan de andere kant zet het Vlaams Blok alles op alles om zijn electorale opgang (981.587 stemmen op 13 juni) minstens te consolideren. En dat kan volgens 'goede huisvader' Vanhecke alleen maar met nette mandatarissen en militanten, die het programma van de partij 'op een redelijke wijze' verwoorden. In Edegem, waar ook de 'onafhankelijke nieuwkomers' Jurgen Verstrepen en Maria-Rose Morel de hele avond hard hun best deden om sympathie te sprokkelen bij het vergrijsde publiek, kreeg Vanhecke in elk geval het meeste applaus. Om te vermijden dat deze spagaat resulteert in een politieke spierscheur hanteert het Vlaams Blok een heel probaat middel. De partij plaatst zich consequent en pal tegenover 'het systeem', of ook, 'het regime' dat 'een hetze' voert tegen het Vlaams Blok en door het Gentse arrest van de partij 'een criminele organisatie' heeft gemaakt. Dat volgehouden discours van David versus Goliath moet er tegelijk toe bijdragen dat de leden en de kiezers ervan overtuigd raken dat de veroordeling van de partij ook van hen 'criminelen' maakt. En dat enkel en alleen het Vlaams Blok hen nog tegen het verguisde systeem kan beschermen. Die kaart zal de top-drie van het Vlaams Blok - Vanhecke, Dewinter en Gerolf Annemans - zonder twijfel en minstens nog één keer voluit trekken als op 9 november onder grote mediabelangstelling het hof van cassatie zich over het arrest van Gent buigt. Door dat arrest zijn drie vzw's van het Vlaams Blok (de Nationalistische Omroepstichting, het Nationalistisch Vormingsinstituut en het vehikel voor de partijfinanciering, de vzw Vlaamse Concentratie) elk veroordeeld tot een boete van 12.400 euro en tot een gezamenlijke schadevergoeding van 5000 euro aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding (CGKR) en de Liga voor de Rechten van de Mens. Volgens de Gentse rechter, die zich baseerde op artikel 3 van de antiracismewet van 1981, hebben de vzw's meegewerkt aan het 'onophoudelijk aanzetten tot haat en discriminatie' door het Vlaams Blok. Het verbrekingshof spreekt zich niet ten gronde uit, maar oordeelt wel over procedurele elementen. Het kan drie kanten uit in het nieuwe arrest. Ofwel bevestigt het hof van cassatie de uitspraak in Gent en is de kous af. Ofwel volgt er een nieuwe verwijzing, dit keer naar het hof van beroep in Antwerpen. De derde mogelijkheid ten slotte is dat wordt ingegaan op een verzoek van het Vlaams Blok om aan het Arbitragehof een aantal prejudiciële vragen voor te leggen over onder meer de bevoegdheid van het Gentse hof van beroep, het mogelijk discriminerende karakter van de antiracismewet en het zogeheten beginsel van 'de voorzienbaarheid van de strafwet'. Het Arbitragehof vernietigde op 6 oktober een aantal onderdelen van de antidiscriminatiewet van 2003 (waardoor bijvoorbeeld de discriminatiegronden worden verruimd) en volgens de advocaten van het Vlaams Blok weet op die manier niemand nog met zekerheid wat strafbaar is of niet. Van die derde weg liet Vanhecke zich behoorlijk tegen zijn zin overtuigen door de juridische raadgevers van de partij. Hij wil zo snel mogelijk naar 'een zichtbare breuk' tussen het huidige Vlaams Blok en een nieuw Vlaams Blok. Dat heeft niet alleen te maken met het gretig gebruikte argument van een bedreigde partijfinanciering. Het is meteen ook de beste buffer voor nieuwe gerechtelijke procedures tegen Vanhecke en andere kopstukken van de partij. Die kunnen ze missen als kiespijn. Anderzijds kan de eventuele stap naar het Arbitragehof natuurlijk ook zo uitgelegd worden dat de partij 'tot de laatste snik' weerwerk biedt tegen 'de wurggreep van het systeem' en voor het behoud van een sterke merknaam. Daar is de spagaat weer. Bij het Vlaams Blok wordt alvast niet veel geld verwed op de laatste twee uitkomsten voor de verbrekingseis van de partij. Nadat in een vroeger stadium van de juridische procedure rechters in eerste aanleg en in beroep zich onbevoegd hadden verklaard, nam het hof van cassatie in november 2003 immers al een belangrijk standpunt in. Het verwees de zaak toen naar het Gentse hof van beroep met het argument dat de klacht van het CGKR en de Liga geen politiek misdrijf was. Maar voor het Vlaams Blok doet dat er eigenlijk ook niet meer zo veel toe. De partij is hoe dan ook klaar om te 'vervellen'. 'Het regime moet vooral doen wat het niet laten kan. Ooit zullen we de rekening, die trouwens al door de kiezers werd gemaakt op 13 juni, terugsturen. En dat is geen dreigement of een uitdrukking van arrogantie', aldus Gerolf Annemans. Er wordt ook niet gewacht op de nieuwe cassatie-uitspraak. De reactie daarop en vooral de 'modernisering van de partij' komen al aan bod tijdens een partijraad op 6 november. Drie elementen zijn dan aan de orde: een 'actualisering' van de grondbeginselen, een herziening van de partijstatuten en een nieuwe naam voor een 'nieuwe partij'. Maar met dat laatste wordt alleen uitgepakt als cassatie het arrest van Gent bevestigt. De eindredactie bij het herschrijven van de grondbeginselen - de eerste versie of het zogeheten 'Oranje Boekje' van het Vlaams Blok dateert van 1977 en werd al die tijd belichaamd door oprichter en oud-voorzitter Karel Dillen - is in handen van Annemans. En die verzekert dat de nieuwe tekst 'de geest van het Vlaams Blok onverkort bewaart. Het zal alleen moderner, frisser en spitser klinken.' Over de instemming van de intussen 79-jarige en zieke Dillen met een aantal aanpassingen doen in de partij tegenstrijdige berichten de ronde. Het nieuwe Blok zal een rechts-nationalistische partij zijn, die opkomt voor de belangen van Vlaanderen en de Vlamingen, en die als einddoel de vorming van een Vlaamse staat heeft. De oorspronkelijke passage over het terugsturen van vreemdelingen zal aangepast zijn aan de lijn die de partij al sinds een viertal jaar aanhoudt: assimileren of terugkeren. Of in het minder omzwachtelde geluid van Dewinter: aanpassen of opkrassen. Recht en orde krijgen eveneens een prominente plaats in de vernieuwde beginselen. Geschrapt wordt een verwijzing naar 'christelijke waarden'. Om aan leden en kiezers met een andere levensbeschouwing tegemoet te komen, moet een vermelding van de 'Europese traditionele waarden' volstaan. Zoals andere partijen houdt ook het Vlaams Blok de media graag in spanning over een nieuwe naam, maar uit de formulering van de beginselen valt af te leiden dat 'Vlaams Belang' het meest logisch klinkt. Een opgesmukt VB-logo is bovendien communicatief en tot in de stemhokjes bij komende verkiezingen interessant voor de partij. In de nieuwe statuten wordt eerst voor alle zekerheid gezegd dat de nieuwe partij 'de rechtsopvolger van het Vlaams Blok' zal zijn. Juridisch is dat een vreemde constructie omdat een partij een feitelijke vereniging is, maar dat zou onder andere een onderbreking van de overheidsfinanciering voor het Vlaams Belang moeten voorkomen. Voorts gaat veel aandacht naar de rol van de partijraad en de organisatie van de partij. De partijraad wordt uitgebreid naar ongeveer 150 leden. Naast de parlementsleden zouden daarin ook afgevaardigden vanuit een 25-tal regio's een plaats krijgen. 'De werking wordt zodoende minder centralistisch en meer democratisch', luidt het. Een andere inschatting binnen het Blok is dat het model van de regio's dat de laatste jaren door Dewinter in Antwerpen werd getest, hem als organisatie- en propagandaverantwoordelijke een nog grotere greep op het reilen en zeilen in de partij geeft. Het zal ook de nieuwe partijraad zijn die de partijvoorzitter kiest en vervolgens voordraagt aan het partijcongres (ongeveer 2000 leden: mandatarissen en lokale voorzitters, ondervoorzitters en secretarissen). Op 12 december komt dat congres bijeen. Niemand twijfelt eraan dat Vanhecke dan zichzelf voor vier jaar zal opvolgen en dat hij de zegen van de partijraad krijgt voor een partijbestuur dat hij zelf mag samenstellen. Ook op dat niveau worden geen spectaculaire wijzigingen verwacht en het 'nuttigheidsverbond' dat aan de partijtop heet te bestaan tussen de tegenpolen Dewinter en Annemans zal evenmin veranderen. Het partijprogramma is bij dit alles geen onderwerp van gesprek. Omwille van de racismeveroordeling heeft dat blijkbaar ook geen verleden meer, want volgens Vanhecke telt alleen het programma dat werd klaargestoomd voor de verkiezingen van 2003 en 2004 nog. Haast tot in den treure zijn hij, Dewinter en Annemans trouwens in het laatste half jaar open en duidelijk geweest over de rode draad van de hele operatie. Alle wijzigingen hebben 'niks met inhoud, maar alles met tactiek te maken'. Ondanks dure verkiezingscampagnes en geldverslindende gerechtelijke procedures, beschikt de partij nog altijd over genoeg financiële middelen om de resultaten van die tactiek de komende maanden aan de publieke opinie te slijten. De krant De Tijd berichtte een maand geleden over 'een oorlogskas van 2,5 miljoen euro' tegen het einde van 2004. Bij het Vlaams Blok heeft niemand dat ontkend. Door Patrick MartensDat discours van David versus Goliath moet de leden en de kiezers ervan overtuigen dat de veroordeling van de partij ook van hen 'criminelen' maakt.