Het waren de drie grote oorlogsstokers van de oorlog in ex-Joegoslavië die op 21 november 1995 op de luchtmachtbasis van Wright-Patterson (Dayton, VS) een vredesakkoord sloten waaruit Bosnië-Herzegovina ontstond. De Kroaat Franjo Tudjman, de Serviër Slobodan Milosevic en de Bosnjak (moslim) Alija Izetbegovic maakten daarmee - onder zware internationale druk - een einde aan een conflict dat drie jaar duurde, meer dan 200.000 doden eiste en ruim een miljoen mensen op de vlucht deed slaan. De officiële ondertekening volgde op 14 december in Parijs.
...

Het waren de drie grote oorlogsstokers van de oorlog in ex-Joegoslavië die op 21 november 1995 op de luchtmachtbasis van Wright-Patterson (Dayton, VS) een vredesakkoord sloten waaruit Bosnië-Herzegovina ontstond. De Kroaat Franjo Tudjman, de Serviër Slobodan Milosevic en de Bosnjak (moslim) Alija Izetbegovic maakten daarmee - onder zware internationale druk - een einde aan een conflict dat drie jaar duurde, meer dan 200.000 doden eiste en ruim een miljoen mensen op de vlucht deed slaan. De officiële ondertekening volgde op 14 december in Parijs. Tien jaar later zit Milosevic in een cel in Den Haag, aangeklaagd door het Joegoslavië-tribunaal wegens oorlogsmisdaden. De andere twee heren zijn intussen overleden. Maar Bosnië-Herzegovina bestaat nog altijd, ondanks het scepticisme bij veel waarnemers over de levensvatbaarheid van de kunstmatige constructie die in Dayton werd bedacht. Bosnië-Herzegovina bestaat sinds 1995 uit twee deelrepublieken: de Servische Republiek en de Federatie. De drie bevolkingsgroepen leven er nog altijd veelal tegen hun zin met elkaar samen. Het hoogste gezag wordt daarom uitgeoefend door de Brit Paddy Ashdown, die ter plaatse als een verlicht despoot de internationale gemeenschap vertegenwoordigt. Ashdown moest de voorbije maanden en jaren voortdurend dreigen en straffen om lokale politici tot samenwerking te dwingen. Bevoegdheden overhevelen naar het centrale niveau, gebeurde zelden of nooit zonder forse tegenwerking. Het gebrek aan samenwerking tussen Kroaten, Serviërs en Bosnjakken is niet alleen maatschappelijk ongezond, het kost ook bakken geld. Er is een driekoppig presidentschap, en het land telt meer ministers dan in België als welvoeglijk wordt geacht. Zeventig procent van de belastingen gaat daardoor naar het overheidsapparaat, en slechts dertig procent naar dienstverlening aan burgers en bedrijven. Buitenlandse investeerders schrikken terug voor de complexe en dus logge administratie die ze moeten trotseren. De internationale gemeenschap, die al jaren moet bijpassen voor de wederopbouw en fortuinen spendeert aan de vredeshandhaving (7000 manschappen), ziet het allemaal met lede ogen aan. Het lokaas voor structurele hervormingen is, zoals wel bij meer landen in de regio, een ticket voor de Europese Unie en de NAVO. De voorbije maanden raakten de deelstaten het eens over een eengemaakt leger, een eengemaakte politie en gezamenlijke douanediensten. Vanzelfsprekendheden voor elk normaal land, maar in Bosnië pas een feit na jarenlang onderhandelen, financiële sancties en internationale bemoeienis. De beloning volgde snel: een maand geleden gaf de Europese Commissie groen licht om over Stabilisatie- en Associatie-akkoorden (SAA) te beginnen praten, een eerste stap richting EU-lidmaatschap. Momenteel werken plaatselijke politici en internationale diplomaten ook samen aan een nieuwe grondwet. Een die de voorlopige grondwet, een onderdeel van Dayton, moet vervangen en van Bosnië-Herzegovina een meer efficiënte en dynamische staat maken. Voor er een akkoord is, moet echter nog veel wantrouwen overwonnen worden. De Serviërs eisen het strikte behoud van hun Republiek, de Kroaten vinden dat ze in dat geval ook recht hebben op een eigen deelstaat en de Bosnjakken willen in feite gewoon alle subentiteiten opdoeken. Dat het moeilijke onderhandelingen worden, staat dus nu al vast. Dat een oplossing noodzakelijk is, evenzeer. Dayton was niet meer dan een militair compromis tussen strijdende partijen die geen zin hadden in samenwerking, laat staan een visie op een gezamenlijke toekomst. Na tien jaar vrede zijn de perspectieven anders, en heeft het kunstmatige Bosnië-Herzegovina een reëel uitzicht op een ticket voor de Europese Unie. Iets wat de drie haviken die de akkoorden van Dayton met zichtbare tegenzin ondertekenden, allicht nooit voor mogelijk hadden gehouden. Gerry Meeuwssen