Het is een soort van domino-effect. Op 13 juni heeft de dioxinecrisis de regeringspartijen vol geraakt. En nu treft die verkiezingsuitslag op zijn beurt de slachtoffers van de dioxinecrisis. Ze hoeven niet op een snelle regeling van hun schade te rekenen. De regering handelt de lopende zaken af, en is er niet met haar gedachten bij. Dat de CVP - als belangrijkste partner van de aflopende coalitie - niet aan het formatieberaad deelneemt, blokkeert elke beslissing die de volgende regering kan binden. Met Jean-Luc Dehaene als formateur zouden de schadelijders beter gediend zijn. Maar nu leidt de VLD'er Guy Verhofstadt de paringsdans - voor het aflopende beleid is dat een buitenstaander.
...

Het is een soort van domino-effect. Op 13 juni heeft de dioxinecrisis de regeringspartijen vol geraakt. En nu treft die verkiezingsuitslag op zijn beurt de slachtoffers van de dioxinecrisis. Ze hoeven niet op een snelle regeling van hun schade te rekenen. De regering handelt de lopende zaken af, en is er niet met haar gedachten bij. Dat de CVP - als belangrijkste partner van de aflopende coalitie - niet aan het formatieberaad deelneemt, blokkeert elke beslissing die de volgende regering kan binden. Met Jean-Luc Dehaene als formateur zouden de schadelijders beter gediend zijn. Maar nu leidt de VLD'er Guy Verhofstadt de paringsdans - voor het aflopende beleid is dat een buitenstaander. In het christen-democratische kamp ruikt het wat naar rancune. De premier stoomde voor de verkiezingen nog door het dioxinedossier, maar trok zich op 14 juni terug. Iemand anders moet maar locomotief spelen voor de getroffen bedrijven. Van het front van landbouwminister Herman Van Rompuy: geen nieuws. En minister van Binnenlandse Zaken Luc Van den Bossche (SP), die zich na de verkiezing weer in het openbaar mag uitspreken over de fall-out van de dioxinecrisis, krijgt net nu de dreiging van de Algerijnse terreurbeweging Gia in de maag gesplitst. Dehaene is snel ingegaan op de suggestie van het bedrijfsleven om Fred Chaffart als crisismanager aan te stellen. Het werd hem niet door alle collega's in de regering in dank afgenomen. Maar het bleek de enige formule om de periode tussen een oud en een nieuw beleid, waarin het aftredend kabinet haar autoriteit is kwijtgespeeld, te overbruggen. En om de duizenden boeren en ondernemers in hoge nood alvast de indruk te geven dat zij niet aan hun lot worden overgelaten. Chaffart (63) kwam als het ware uit de hemel gevallen. Er werd nooit een andere naam genoemd; hij was de beste keus. Tot verleden zomer nog was hij directievoorzitter van de Generale Bank. Hij verliet dat huis nadat Fortis zijn bank kon inpalmen met de steun van de Generale Maatschappij. Deze taak - als crisismanager een economisch en sociaal probleem aanpakken zoals het land er weinig kende - is een mooie erkenning van zijn ondernemerschap. En niet de eerste van dit slag. Eerder al trok de Vlaamse regering hem als voorzitter aan om Toerisme Vlaanderen uit de malaise te halen en zopas benoemden zowel Gevaert, de investeringsmaatschappij van de Almanij-groep als de Vlaamse Uitgeversmaatschappij hem tot bestuurder. EEN TIJDELIJKE BLIKSEMAFLEIDER"Ik hou mij niet bezig met wie wat in de dioxinecrisis heeft gedaan", zegt Fred Chaffart. "Maar wel met het vinden van oplossingen voor de economische kant van de zaak. Het gaat erom zo goed mogelijk uit deze crisis te komen en te zorgen dat de voedingsindustrie geen onherstelbare schade oploopt." Lang moet dat allemaal niet duren. Voorlopig blijven politieke beslissingen achterwege, maar Chaffart laat verstaan dat hij ervoor bedankt om maandenlang voor bliksemafleider te spelen. Crisismanager is trouwens een slechte definitie van zijn functie. Chaffart kan geen beslissingen nemen. Hij kan alleen informatie verzamelen, verlies en schade meten en aanbevelingen doen. Eigenlijk heeft Chaffart geen opdrachtgever. In de afwikkeling van de dioxinecrisis wil de aftredende regering liever geen beslissingen meer nemen, afgezien van enkele dringende noodmaatregelen. In elk geval rapporteert Chaffart zowel aan Dehaene als aan Verhofstadt. De formateur heeft zijn talrijke gesprekspartners duidelijk gemaakt dat de dioxinekost zwaar zal wegen op het eventuele regeringsprogramma. De begrotingsruimte waarin hij kan manoeuvreren, zal bijzonder klein uitvallen. Gulle beloften over een verdere verlaging van de sociale lasten voor de ondernemingen of meer inspanningen voor het milieu zijn quasi onhoudbaar. Integendeel, de economische groei kan als gevolg van de ramp met een half procent vertragen. Voeg daaraan de verslapping van de Europese conjunctuur toe, en de economie groeit met slechts 1,5 procent. In 1998 was dat nog met 2,9 procent. De conjunctuurbarometer van de Nationale Bank voorspelt een verslechtering. Dat is dan uitsluitend ten gevolge van de depressie in de handel, want de nijverheid en de bouw verbeteren. De kmo-conjunctuurbarometer van het NCMV, die de eerste drie maanden van het jaar nog steeg, daalde nu tot onder de grens van de gezonde economische toestand. Dankzij de gunstige internationale conjunctuur en de lage rente kon de aftredende regering een riante begroting afleveren. Nu moeten de regeringsvormers in de Senaat stilaan beginnen na te denken over nieuwe lasten en besparingen om het land binnen de begrotingsnormen van de Europese economische en monetaire unie te houden. Verhofstadt speelt dat argument uit in zijn meerpartijenoverleg: de vorming van een nieuwe regering is bijzonder dringend om de gevolgen van dedioxinecrisis op te vangen en de economie van het land te herstellen.NOODHULP EN VERDER NIETSDe directe schade loopt inmiddels op tot ruim 50 miljard frank. Door het verlies aan buitenlandse markten blijft de indirecte schade voor de voedingsnijverheid dag na dag stijgen: 50, 60 tot zelfs 100 miljard frank. Uit een nota van de crisismanager blijkt dat tienduizenden ondernemingen in moeilijkheden verkeren. Allereerst de 1500 veevoeder- en landbouwbedrijven die geblokkeerd worden. Ze zijn zo goed als alles kwijt. Dan de 15.000 bedrijven die een week stillagen in afwachting van Europese beslissingen. En tenslotte de vele duizenden ondernemingen uit de voedingsnijverheid die buitenlandse afzetmarkten verloren. Kris Peeters van de organisatie van zelfstandige ondernemers NCMV, voorzitter Noël Devisch van de Boerenbond en directeur-generaal Chris Moris van Fevia, de werkgeversvereniging van de voedingsnijverheid, legden Chaffart hun schadeclaims voor. Op basis van de adviezen van de crisismanager nam het kernkabinet enkele beslissingen, die de ministerraad deze week moet bekrachtigen. Het gaat om noodmaatregelen die vier miljard frank kosten en faillissementen willen voorkomen. Het meeste geld gaat naar de landbouw, en moet de kosten dekken van de vernietiging van de dieren die mogelijks besmet waren of niet meer slachtbaar zijn. Een deel van die steun komt uit het Sanitair Fonds, dat de landbouw zelf spijst. Ook de voedingsbedrijven die producten moeten vernietigen, ontvangen een schadeloosstelling. Daarnaast komen er renteloze leningen voor boeren en voedingsbedrijven in moeilijkheden. De niet-landbouwbedrijven moeten daartoe eerst een gerechtelijk akkoord aanvragen en opschorting van betaling krijgen. Wat in de sector kwaad bloed zet, want het nieuwsoortige concordaat dreigt tot faillissementen te leiden en een waterval van financiële problemen te veroorzaken.DE VERZEKERAARS BLIJVEN KALMVoor de aftredende regering is hiermee de kous af. De rest van het werk is voor de nieuwe regering. Chaffart heeft een plan klaar voor de oprichting van een schadefonds dat binnen twee tot drie maanden operationeel kan zijn. De banken willen twintig miljard frank voorfinancieren - onder staatswaarborg - in het fonds dat de rechtstreekse schade vergoedt, maar niet het commercieel verlies. De overheid en eventueel de Europese Unie dragen de helft van de last, de getroffen bedrijfstakken op een solidaire manier - maar dat is verre van uitgeklaard - de andere helft. Zo kost de schadeoperatie de overheid tien miljard frank, zonder rentelast. Verder zal de overheid in een onvoorspelbaar aantal rechtszaken worden gedaagd om schadevergoeding te betalen. Al was het maar omdat verzekeringsmaatschappijen op die manier de vergoeding aan hun klanten zullen pogen te recupereren. Het valt trouwens op dat de Beroepsvereniging van Verzekeringsmaatschappijen niet al te dramatisch over de kwestie doet. Gezien de algemene onderverzekering van de landbouw- en de voedingsnijverheid kan de dioxinecrisis hun reserves niet al te zwaar aantasten. De exportmarkten blijven ook voor Fred Chaffart een kopzorg. Nog jaren zullen de Belgische bedrijven het moeilijk hebben om hun door de buitenlandse concurrenten ingenomen markten te heroveren. Een megacampagne komt er zeker. Maar de crisismanager zal zijn laatste kunstjes niet prijsgeven vooraleer een nieuwe regering is aangetreden.Guido Despiegelaere