Mink. Onder die naam stond Willy DeVille zelfs bij veel van zijn trouwste fans bekend. Een typisch geval van naamsverwarring die teruggaat op de relatief korte periode waarin hij zich liet bijstaan door de naar zichzelf vernoemde begeleidingsband Mink DeVille. Zo'n imponerende en iconoclastische indruk maakte de groep in het New York van de jaren zeventig, dat de frontman de associatie met Mink DeVille nooit meer van zich af heeft kunnen schudden. Willy DeVille wás Mink DeVille. Al heette hij eigenlijk William Borsay.
...

Mink. Onder die naam stond Willy DeVille zelfs bij veel van zijn trouwste fans bekend. Een typisch geval van naamsverwarring die teruggaat op de relatief korte periode waarin hij zich liet bijstaan door de naar zichzelf vernoemde begeleidingsband Mink DeVille. Zo'n imponerende en iconoclastische indruk maakte de groep in het New York van de jaren zeventig, dat de frontman de associatie met Mink DeVille nooit meer van zich af heeft kunnen schudden. Willy DeVille wás Mink DeVille. Al heette hij eigenlijk William Borsay. Maar niet alleen zijn naam zorgde voor verwarring, 's mans uiterlijk was minstens even misleidend. Met zijn lange, in een wilde paardenstaart samengevlochten haren, zijn flamboyante oorringen en zijn nog opzichtiger kleren leek hij een ronduit louche figuur die je liever niet tegenkwam in de schemer. Maar in werkelijkheid ging achter die façade een schuchtere vagebond schuil. Een eeuwige wandering soul die zich graag uitgaf voor een indiaan, maar waarover vooral veel cowboyverhalen de ronde deden. Dat hij geen vrienden had, bijvoorbeeld. Dat hij met de doden sprak. En, helaas wél waar, dat hij meer drank en drugs naar binnen werkte dan water en voedsel. Maar de schriele Amerikaan was het gewoon om tegen zijn eigen imago op te boksen. Waar hij zich ook begaf, Willy DeVille was altijd en overal the odd one out. Eerst in zijn geboortedorp Stamford, waar een ambitieuze excentriekeling als hij met de nek werd aangekeken. En later in New York, waar hij midden in de punkrevolutie doodleuk kwam aanzetten met een potpourri van blues, country en doo-wop. In CBGB's, de kruipkelder annex punktempel waar in die dagen ook Blondie en The Ramones rondhingen, was Mink DeVille een bepaald vreemde eend in de bijt. De rockmuziek die zij voortbrachten, was stevig verankerd in de blues van John Lee Hooker en Muddy Waters, maar flirtte ook met exotische genres als mariachi en latinosoul. Die eigengereide mengelmoes van Angelsaksische rock en Latijns-Amerikaanse rootsmuziek bleef DeVille tijdens de jaren tachtig en negentig verder verfijnen. Het duurde niet lang vooraleer ook andere delen van de wereld vertrouwd raakten met hits als Cadillac Walk, Spanish Stroll en Demasiado Corazón. Na zijn solodebuut in 1987, geproducet door Mark Knopfler van Dire Straits, verhuisde hij naar New Orleans en raakte er levenslang besmet door de lokale cajunmuziek: een liefde die zijn hele verdere carrière zou blijven doorschemeren in zijn nu eens romantische, dan weer sombere en van junkieverdriet bolstaande songs. In februari van dit jaar werd bij hem hepatitis C vastgesteld en in juni ook pancreaskanker, een ziekte die hem vorige donderdag fataal is geworden. In een kort bericht op 's mans website meldde Nina, zijn derde vrouw, het droeve nieuws aan zijn fans: 'Met een zwaar hart laten we jullie weten dat Willy op 6 augustus vredig is ingeslapen. Zijn muziek en zijn geest zullen voor altijd bij ons zijn.' Vincent Byloo