De dienstencheques bestaan net tien jaar en er is weer animositeit over de verhoging van de prijs: op 1 januari 2013 werd de dienstencheque al 1 euro duurder, begin 2014 komt daar nog eens 0,5 euro bij, zodat de prijs dan 9 euro is. Sommigen vrezen dat de duurdere dienstencheque het zwartwerk zal aanwakkeren. De bestrijding daarvan was net een van de doelstellingen bij de invoering: dankzij de dienstencheques werden reguliere jobs gecreëerd, waardoor het zwartwerk zou afnemen. Met succes: momenteel worden 170.000 werknemers door zo'n 900.000 gebruikers betaald met d...

De dienstencheques bestaan net tien jaar en er is weer animositeit over de verhoging van de prijs: op 1 januari 2013 werd de dienstencheque al 1 euro duurder, begin 2014 komt daar nog eens 0,5 euro bij, zodat de prijs dan 9 euro is. Sommigen vrezen dat de duurdere dienstencheque het zwartwerk zal aanwakkeren. De bestrijding daarvan was net een van de doelstellingen bij de invoering: dankzij de dienstencheques werden reguliere jobs gecreëerd, waardoor het zwartwerk zou afnemen. Met succes: momenteel worden 170.000 werknemers door zo'n 900.000 gebruikers betaald met dienstencheques. 'Natuurlijk is het zo dat als de prijs van een product stijgt er een reële kans is dat er minder van zal worden verkocht', zegt Herwig Muyldermans, baas van Federgon, dat alle dienstenchequebedrijven overkoepelt. 'Het risico dat mensen hun poetshulp opnieuw in het zwart zullen betalen, neemt zeker toe.' Werner Van Heetvelde van de Algemene Centrale ABVV gelooft daar niets van: 'De stijging tot 9 euro zal niet veel gevolgen hebben. De prijs is eigenlijk nog steeds te laag. Volgens mij is er dus nog ruimte voor prijsverhogingen, want het succes van de dienstencheques neemt nog altijd toe.' Het personal finance-blad Netto publiceerde eind november een enquête waaruit bleek dat 36 procent van de Belgen de poetshulp opnieuw in het zwart zou betalen als de dienstencheque nog duurder zou worden. 'Natuurlijk vinden mensen het niet leuk als de prijs van iets stijgt,' zegt Van Heetvelde, 'maar ik betwijfel of die 36 procent de poetshulp uiteindelijk effectief in het zwart zou betalen.' In elk geval moet het systeem van de dienstencheques bewaard blijven, daar zijn Muyldermans en Van Heetvelde het over eens: 'Er is nooit een tewerkstellingsmaatregel uitgevaardigd die zo veel laaggekwalificeerde mensen aan een baan heeft geholpen.' Toch is dat niet makkelijk. Volgens een studie behoorde in 2011 maar 35 procent van de werknemers die startten in een job met dienstencheques tot de groep van werkzoekenden en leefloners. Die mensen aan de slag helpen, was ook een doelstelling. Daarom moet het aandeel van de groep laaggeschoolden bij de starters naar 60 procent: 'Het is immers niet de bedoeling om werkloze Polen en Bulgaren hier met dienstencheques aan het werk te krijgen.' Maar die norm van 60 procent wordt niet overal gehaald. En dan wordt ook nog met een bang hartje gekeken naar de gevolgen van de regionalisering van de dienstencheques, die in de loop van volgend jaar haar beslag moet krijgen. Wat Vlaanderen dan gaat doen, is nog niet duidelijk: wordt het systeem behouden? Wordt het aangepast? Of zelfs afgeschaft? Die onzekerheid maakt sommigen wat nerveus. 'De regionalisering moet goed worden voorbereid', zegt Muyldermans. 'Ik hoop dat de Vlaamse regering de continuïteit van het dienstenchequesysteem verzekert', zegt Van Heetvelde. Ewald Pironet