Nu heb je dus de manager, in de omgang CEO ( chief executive officer) genoemd. Het is de man - in zeldzame gevallen de vrouw - die goed is ingevoerd in de geheimen van het bedrijven leiden. De moderne manager is geen specialist: niet in productie, niet in financiën, niet in human resources, niet in marketing noch in verkoop. Hij is een leider. De goeroes die deze nieuwe economische aristocratie bestuderen, vergelijken de manager met een stamhoofd, een krijgsheer, een generaal, een koning. En inderdaad, het loon van een CEO is vaak bij het onfatsoenlijke af en in zijn dagelijkse doen is Machiavelli nooit ver weg.
...

Nu heb je dus de manager, in de omgang CEO ( chief executive officer) genoemd. Het is de man - in zeldzame gevallen de vrouw - die goed is ingevoerd in de geheimen van het bedrijven leiden. De moderne manager is geen specialist: niet in productie, niet in financiën, niet in human resources, niet in marketing noch in verkoop. Hij is een leider. De goeroes die deze nieuwe economische aristocratie bestuderen, vergelijken de manager met een stamhoofd, een krijgsheer, een generaal, een koning. En inderdaad, het loon van een CEO is vaak bij het onfatsoenlijke af en in zijn dagelijkse doen is Machiavelli nooit ver weg. De echte manager kan alles leiden. John Cordier (Manager van het Jaar 1985) bestuurde zowel zijn bedrijf Telindus als voetbalclub KV Mechelen met succes. Johnny Thys, die nu De Post ('s lands grootste werkgever) gaat managen, was voorheen topman van brouwersgroep Interbrew en daarna van vleesverwerker Ter Beke. Oude of nieuwe economie, het maakt de manager niets uit. Zelfs overheidsbedrijven hebben hun manager, en het Copernicus-plan introduceert 'de manager' nu ook in de ambtenarij. Managen is een autonome bezigheid, die vooral leadership vergt. Nooit voorheen was de manager zo belangrijk in de wereld. WIE WIL EEN SOCIOLOOG?Theo Dilissen, bestuurder van het Kontichse Real Software, zal bovenstaand 'profiel' niet tegenspreken. Dilissen is van opleiding socioloog en dat is vrij uitzonderlijk voor een CEO (hoewel, Volvo in Gent had achtereenvolgens een psycholoog en een sociaal assistent als general manager). Aan zijn sociologenwijsheid houdt Dilissen ongetwijfeld een groot relativeringsvermogen over en hij beschikt bovendien nog, in tegenstelling tot de meeste beoefenaars van die discipline, over gevoel voor humor.De lezers en de redactie van het zakenblad Trends hebben Dilissen vorige week verkozen tot Manager van het Jaar. Hij won het, na eerdere nominaties in 1995 en 1996, van Hugo Powell (Interbrew) en Marlène Voncken (Neuhaus). Zo'n bekroning is altijd een beetje een populariteitspoll. Real Software kwam het afgelopen jaar vaak in het nieuws, wat manager Dilissen een grote visibility gaf. In honderden kleine en middelgrote ondernemingen leveren managers schitterend werk, maar zij halen het nieuws niet omdat ze geen problemen hebben, op bescheiden markten actief zijn of niet beursgenoteerd. Alleen voor hun entourage zijn zij de 'manager van het jaar'. Het doet niets af natuurlijk aan de verdienste van Dilissen. De geslaagde turnaround was geen geringe prestatie. Terwijl Lernout & Hauspie (Jo Lernout en Pol Hauspie waren de Managers van het Jaar 1996) ten gronde ging, leverde die andere voormalige lieveling van de Vlaamse beleggers een doodsstrijd. De roekeloze overnamepolitiek van stichter Rudy Hageman in Amerika en de ineenstorting van de technologiemarkt brachten het bedrijf in een onoverzichtelijke liquiditeitscrisis. De bankschuld was groter dan de omzet. De vroeger populaire Hageman verdient een dubbele felicitatie. Hij stichtte een toonaangevende IT-groep en hij haalde in februari 2000 Dilissen binnen. Hageman had toen het vertrouwen van de banken verloren. De nieuwe CEO wist dat te herstellen en kreeg Real Software er weer bovenop. Straks gaat hij met 'aim2007' van de verdediging in de aanval.TIEN KWARTALENTien kwartalen zijn nodig om het vertrouwen van de beleggers te herwinnen, waarschuwt Dilissen. Die waarschuwing hoeft niet te verrassen. De hedendaagse managers heten wel absolute koningen, maar de revoluties zijn niet van de lucht. Hun macht is zo groot als het resultaat van hun bedrijf, met name de opbrengst voor de aandeelhouders. Een managersbaan mag dan wel goed schuiven, het blijft dus een riskante job. Percy Barnevik van de Zwitserse energiegroep Asea Brown Bovery, een van de meest gerespecteerde managers in de jaren negentig, moest de baan ruimen wegens slechte resultaten. Om dezelfde reden stuurden hier in Vlaanderen de durfkapitaalfondsen Francis Declercq weg bij het biometrisch beveiligingsbedrijf Keyware. En Klaus Seeger werd bij digitale kleurpersenfabrikant Xeikon bedankt omdat hij de problemen niet opgelost kreeg.De voormalige profbasketballer Theo Dilissen, 35 keer geselecteerd voor de nationale ploeg, startte zijn beroepsloopbaan met snel op mekaar volgende marketing- en salesfuncties bij farmabedrijven als Smith and Nephew, Schering Plough en Bristol Myers Squibb. Daarna kwam hij bij ISS terecht, een Deens schoonmaakbedrijf dat tot de grootste tien werkgevers van Europa behoort. Daar viel hij snel op. Hij hervormde het verliesgevende Belgische filiaal tot een van de meest winstgevende van de groep. Waarmee de workaholic - there are no shortcuts for hard work - de klim aanving door de internationale bedrijfshiërarchie, tot hij tweede in bevel werd. De internationale financiële wereld schrijft het op zijn krediet dat de Deense groep uit de financiële moeilijkheden raakte. Als gevolg van interne politiek greep hij naast de topfunctie. Daarover bitter gestemd verliet hij ISS. Een geluk voor Real Software. Het toeval speelt ook in de economie een grote rol: beschikbaarheid op de juiste tijd en de juiste plaats. Ook de omstandigheden, het ondernemingsklimaat en in het bijzonder de economische conjunctuur bepalen mee of de leider al dan niet succesvol is. Hugo Vandamme (Manager van het Jaar 1995) werd beschouwd als een goeroe in Vlaanderen en kreeg vervolgens een dreun van zijn hoofdaandeelhouder, de Gimv. Philippe Bodson was succesrijk als topman van Tractebel en blunderde bij Lernout & Hauspie. Stijn Bijnens (Manager van het Jaar 1999) is een geschikte vent, maar zijn softwaregroep versukkelt op de ingestorte IT-markt. Omstandigheden maken mee de man en de manager. De als bijna helden in de media voorgestelde managers zijn in werkelijkheid mensen van vlees en bloed. Managementprofeten geloven dan ook niet langer in het scientific management , de emo-manager haalt de beste resultaten. Gekoppeld aan enige werkkracht. Theo Dilissen is een workaholic, een specimen dat vaker voorkomt onder kinderen van bescheiden, hardwerkende zelfstandigen. Guido DespiegelaereDe bankschuld van Real Software was groter dan de omzet.