In het Tanzaniaanse Arusha kondigen zeven Centraal-Afrikaanse landen economische sancties af tegen het nieuwe regime in Burundi. De bijeenkomst is opgezet door de Organisatie voor Afrikaanse Eenheid en wordt bijgewoond door de presidenten van Tanzania, Uganda, Ruanda en Kenya, en door vertegenwoordigers van Zaïre, Ethiopië en Kameroen. Een delegatie van het nieuwe Burundese regime wordt niet ontvangen.
...

In het Tanzaniaanse Arusha kondigen zeven Centraal-Afrikaanse landen economische sancties af tegen het nieuwe regime in Burundi. De bijeenkomst is opgezet door de Organisatie voor Afrikaanse Eenheid en wordt bijgewoond door de presidenten van Tanzania, Uganda, Ruanda en Kenya, en door vertegenwoordigers van Zaïre, Ethiopië en Kameroen. Een delegatie van het nieuwe Burundese regime wordt niet ontvangen. Pierre Buyoya (Tutsi) nam na een staatsgreep door het leger op 25 juli de macht over van president Sylvestre Ntibantunganya (Hutu). In Burundi bestaat de bevolking voor 85 procent uit Hutu en voor 15 procent uit Tutsi. De Tutsi beheersen wel het leger en via dat kanaal lange tijd de regering. Tussen Tutsi en Hutu heerst al jarenlang een burgeroorlog die meer dan honderdduizend doden heeft gekost. Buyoya kwam in 1987 al eens via een staatsgreep aan de macht. Hij gaf de Hutu toen noodgedwongen meer inspraak in de regering en organiseerde in 1993 democratische verkiezingen die door de Hutu van de Frodebu-partij werden gewonnen. Melchior Ndadaye werd president, maar werd nog datzelfde jaar vermoord, net als zijn opvolger Cyprien Ntaryamira die in 1994 omkwam bij een aanslag op het vliegtuig van de Ruandese president Juvénal Habyarimana. De derde Hutu-president, Sylvestre Ntibantunganya, zocht vorige week een onderkomen in de Amerikaanse ambassade, nadat hij was gemolesteerd op de begrafenis van 300 Tutsi-slachtoffers van een moord-raid onder leiding van Hutu-extremisten. Eén dag later pleegde het leger een staatsgreep en stelde Buyoya opnieuw als president aan. Buyoya predikt verzoening tussen Tutsi en Hutu, en probeert een regering van nationale eenheid te vormen. Maar de Frodebu-partij weigert zijn gezag te aanvaarden. Volgens Frodebu was Buyoya betrokken bij de moord op president Ndadaye. Een VN-onderzoekscommissie heeft over die zaak een geheim rapport opgesteld, waaruit zou blijken dat Buyoya zelf niet de aanstichter was, wel zijn medestander en stafchef van het leger Jean Bikomagu. Ook radicale Tutsi, onder leiding van Jean-Baptiste Bagaza, de dictator die in 1987 door Buyoya aan de dijk werd gezet, weigeren Buyoya als president. Buyoya stelt Pascal Firmin Ndimira aan als premier. Ndimira is een Hutu maar is geen lid van de Frodebu, wel van de door Tutsi gedomineerde Uprona-partij van Buyoya. De Belgische minister van Buitenlandse Zaken Erik Derycke (SP) betreurt de staatsgreep, maar veroordeelt het nieuwe regime niet. België wil de ontwikkelingen afwachten en is gekant tegen economische sancties omdat die alleen de bevolking treffen. WOENSDAG 31 JULI