Telkens wanneer AC Milan de voorbije maanden een wedstrijd verloor, zakte de populariteit van kandidaat-premier Silvio Berlusconi met enkele procentpunten. De leider van het rechtse oppositiekamp Casa delle Libertà (Huis van de Vrijheden, zie kader) is behalve mediamagnaat en politicus namelijk ook voorzitter van die legendarische voetbalclub, die overigens vijfde staat in het klassement en de kampioenstitel dus wel kan vergeten. Maar il Cavaliere (de ridder) hoeft niet meteen zijn slaap te laten. In de opiniepeilingen behoudt hij immers in de laatste week voor de verkiezingen nog voldoende voorsprong op de kandidaat van de aftredende regeringscoalitie, de ex-burgemeester van Rome, Francesco Rutelli. En dat mag een klein wonder heten, want behalve oude vos Giulio Andreotti is er niet één man (Bettino Craxi is dood) die het oude, corrupte en door de rechters van Mani Pulite (Schone Handen) gesloopte politieke systeem méér belichaamt dan Silvio Berlusconi. Bovendien kan l'Ulivo ( zie kader), de centrum-linkse Olijfboomcoalitie die het land sinds de verkiezingen van 1996 heeft geregeerd, enkele fraaie resultaten voorleggen. Waarom lijken de Italianen dan toch te zullen kiezen voor 'de beste politicus van de wereld', zoals de Milanese selfmade man zichzelf onlangs omschreef?
...

Telkens wanneer AC Milan de voorbije maanden een wedstrijd verloor, zakte de populariteit van kandidaat-premier Silvio Berlusconi met enkele procentpunten. De leider van het rechtse oppositiekamp Casa delle Libertà (Huis van de Vrijheden, zie kader) is behalve mediamagnaat en politicus namelijk ook voorzitter van die legendarische voetbalclub, die overigens vijfde staat in het klassement en de kampioenstitel dus wel kan vergeten. Maar il Cavaliere (de ridder) hoeft niet meteen zijn slaap te laten. In de opiniepeilingen behoudt hij immers in de laatste week voor de verkiezingen nog voldoende voorsprong op de kandidaat van de aftredende regeringscoalitie, de ex-burgemeester van Rome, Francesco Rutelli. En dat mag een klein wonder heten, want behalve oude vos Giulio Andreotti is er niet één man (Bettino Craxi is dood) die het oude, corrupte en door de rechters van Mani Pulite (Schone Handen) gesloopte politieke systeem méér belichaamt dan Silvio Berlusconi. Bovendien kan l'Ulivo ( zie kader), de centrum-linkse Olijfboomcoalitie die het land sinds de verkiezingen van 1996 heeft geregeerd, enkele fraaie resultaten voorleggen. Waarom lijken de Italianen dan toch te zullen kiezen voor 'de beste politicus van de wereld', zoals de Milanese selfmade man zichzelf onlangs omschreef? De aftredende regeringscoalitie heeft het, zoals gezegd, niet eens zo slecht gedaan. Ze is er allereerst in geslaagd Italië in de eurozone te loodsen - tegen alle verwachtingen in. Aan dat huzarenstukje had eerste minister Romano Prodi later wellicht ook het voorzitterschap van de Europese Commissie te danken. De hervorming van de arbeidsmarkt, met de introductie van kortetermijncontracten om de werkgevers ertoe aan te zetten sneller mensen in dienst te nemen, heeft tot een daling van de werkloosheid geleid. En de inefficiënte ambtenarij werd voor het eerst echt aangepakt. Dankzij de wetten-Bassanini, vernoemd naar de minister van Ambtenarenzaken, moeten de Italianen nu veel minder officiële formulieren invullen en kunnen ze sneller aangevraagde documenten krijgen. De overheidsdiensten worden ook aan deze digitale tijden aangepast. Een aantal gemeenten reikt al een elektronische identiteitskaart uit en belastingaangiften kunnen via het internet worden ingediend. Daarmee loopt Italië op het vlak van e-government voor op veel Europese partners, België incluis. Centrum-links heeft ook nog de gas- en elektriciteitsmarkt geprivatiseerd en de verplichte legerdienst afgeschaft. De aankondiging begin maart dat het bruto binnenlands product vorig jaar met 2,9 procent is gestegen, de sterkste groei in vijf jaar, zag de Olijfboomcoalitie dan ook als de kers op de taart. ONOPHOUDELIJK GEKISSEBISToch zal l'Ulivo binnenkort wellicht geen reden tot feestvieren hebben. De achtpartijencoalitie heeft haar interne verdeeldheid nooit kunnen verbergen en dat werkt ook in het nadeel van de huidige lijsttrekker, Francesco Rutelli. Aanvankelijk was Europa het grote doel dat de partijen van de centrum-linkse coalitie verenigde. Het Europese project vulde als het ware het ideologische vacuüm waarin 'links' na de val van de Muur was terechtgekomen. Maar nadat de Maastrichtnormen waren gehaald, kwamen de interne tegenstellingen en persoonlijke rivaliteiten in l'Ulivo voortdurend bovendrijven. De coalitie behield weliswaar altijd haar parlementaire meerderheid en deed haar wettelijke zittingsperiode helemaal uit, maar het onophoudelijke gekissebis heeft de Italianen in die vijf jaar wel drie premiers (Romano Prodi, Massimo D'Alema, Giuliano Amato) en vier regeringen (D'Alema leidde er twee) opgeleverd. Heel anders gaat het toe in het rechtse oppositiekamp. Inhoudelijk zijn de interne tegenstellingen wellicht (nog) groter bij La Casa delle Libertà dan bij l'Ulivo. Maar voorlopig treedt het rechtse kamp op als één blok dat voor honderd procent achter zijn kandidaat staat - die dan ook uitsluitend zijn eigen kop op de verkiezingsfolders wil. Zakenman Silvio Berlusconi stapte eind 1993 in de politiek. Naar eigen zeggen om de communisten van de macht te houden en het gat te vullen dat was ontstaan door de ineenstorting van de Democrazia Cristiana, de christen-democratische partij die Italië sinds 1945 met wisselende coalitiepartners had geregeerd. Maar het is duidelijk dat hij de stap veeleer zette om zelf uit handen van het gerecht te blijven. Een jaar eerder hadden Milanese magistraten de socialistische directeur van een gemeentelijk bejaardentehuis, Mario Chiesa, betrapt op het aanvaarden van smeergeld (nota bene van een schoonmaakbedrijf). Het was het eerste van een hele reeks corruptieschandalen die magistraat Antonio Di Pietro en zijn collega's met hun operatie Schone Handen aan het licht zouden brengen. Heel Italië bleek één groot Tangentopoli (Smeergeldstad) en Berlusconi zag hoe een hele generatie politici, met zijn persoonlijke vriend en ex-premier Bettino Craxi voorop, het veld moest ruimen. Zonder zijn politieke beschermheren voelde Berlusconi de hete adem van het gerecht in zijn nek en het zou inderdaad niet lang duren voor de mediamagnaat zelf een avviso di garanzia, een aanzegging dat een gerechtelijk onderzoek wordt ingesteld, in de bus kreeg. Berlusconi richtte daarom zijn eigen partij op, Forza Italia (Vooruit Italië). Hij had het lef zichzelf bij de Italianen aan te prijzen als de redder des vaderlands, de antipoliticus die met zijn eigenhandig opgebouwde zakenimperium heeft bewezen dat hij kan leiden en besturen. De politiek ontheemde Italianen geloofden hem graag en begin 1994 won het toen drie maanden oude Forza Italia de verkiezingen. Silvio Berlusconi, die toen net als nu een verbond had gesloten met de Alleanza Nazionale en de Lega Nord, werd eerste minister. Dat zou hij welgeteld 225 dagen blijven.XENOFOBEN EN POSTFASCISTENDe man die toen uit ongenoegen over zijn ondergeschikte rol de coalitie na zeven maanden opblies, Lega Nord-leider Umberto Bossi, is ook nu weer van de partij. Berlusconi heeft hem namelijk nodig om voldoende stemmen te behalen in het noorden van Italië, waar de xenofobe separatisten van de Lega sterk staan. Maar als Berlusconi wint, heeft hij met Bossi meteen een probleem. Nationaal, omdat de Lega voor Noord-Italië zo veel mogelijk bevoegdheden van de nationale staat wil losweken (zo zou zijn afgesproken dat de regio's voortaan het migratiebeleid bepalen). Op dat punt staat de Lega diametraal tegenover coalitiepartner Alleanza Nazionale, die voorstander is van een sterk centraal gezag. En internationaal, omdat Europa, met de Belgische minister van Buitenlandse Zaken Michel voorop, niet van de racistische vreemdelingenhaat van Bossi gediend is. Tot een herhaling van het Oostenrijkse scenario zal het evenwel niet komen. Michel beseft dat er geen 'brede steun' is voor een sanctiebeleid en zei onlangs nog in de Volkskrant: 'Ik vind de gedachte moeilijk te verdragen dat ik straks aan tafel zal kunnen zitten met misschien wel drie, vier extreem-rechtse ministers. En dat één in staat is heel Europa te blokkeren. Maar enfin, met dat risico moeten we dan maar leven.' Michel verwees daarmee ook naar Berlusconi's grootste coalitiepartner en de derde partij van Italië, de postfascistische Alleanza Nazionale. AN-leider Gianfranco Fini was ook al een topfiguur in de MSI, de Movimento Sociale Italiano die zichzelf als de politieke erfgenaam van Mussolini zag. Bij de omvorming van de MSI tot de Alleanza Nazionale in 1995 liet Fini democratische waarden en een veroordeling van het racisme in het partijcharter inschrijven, maar over Mussolini krijgt hij nog steeds geen woord van kritiek over de lippen. 'Hij maakt deel uit van de geschiedenis, hij moet beoordeeld worden door de geschiedenis', luidt het kortaf. Als Berlusconi wint, zou Fini vice-premier worden. Maar het belangrijkste obstakel op de weg naar die overwinning zou wel eens Silvio Berlusconi zelf kunnen zijn. De mediabaron heeft de voorbije weken zowat de hele wereldpers (van The Economist en Der Spiegel tot Le Monde en The New York Times) over zich heen gekregen. Allemaal kwamen ze tot dezelfde conclusie: Silvio Berlusconi is niet de geschikte man om de zesde economische macht van de wereld te leiden. Daarbij worden vooral zijn open strijd met het gerecht en het enorme belangenconflict waarmee hij als premier zou worden geconfronteerd als redenen aangegeven. CLANDESTIEN NETWERKHoe graag Berlusconi zichzelf ook verkoopt als de man van het nieuwe Italië, zijn zakenimperium is grotendeels in de jaren zeventig en tachtig tot stand gekomen. Toen konden politieke vriendjes, rechters en belastinginspecteurs voor een mooi bedrag op een rekening in het een of andere belastingparadijs tot allerlei hand- en spandiensten bereid gevonden worden. Berucht in dit verband is het aan Berlusconi's holding Fininvest gelieerde clandestiene netwerk van 64 offshorebedrijven, bekend onder de naam All Iberian, waarlangs beginjaren negentig 460 miljoen frank (11,5 miljoen euro) naar de socialistische partij van Bettino Craxi werd gesluisd. Die had er onder andere voor gezorgd dat Berlusconi zijn drie tv-zenders kon behouden en dat was wel een douceurtje waard. Berlusconi is in het verleden al vier keer door een rechter schuldig bevonden (aan meineed, illegale partijfinanciering, omkoping van belastinginspecteurs en vervalsing van de boekhouding), maar in hoger beroep ontkwam hij vaak dankzij de verjaringswet of werd hij vrijgesproken. Op dit moment lopen er diverse (voor-)onderzoeken en processen tegen hem wegens fiscale fraude, omkoping (van een rechter) en vervalsing van de boekhouding. Het meest ophefmakende is ongetwijfeld de affaire-Telecinco, de Spaanse tv-zender die door aandeelhouder Fininvest zou zijn uitgekleed. In dat kader heeft de Spaanse onderzoeksrechter Baltasar Garzon de opheffing van Berlusconi's parlementaire onschendbaarheid (als europarlementslid) gevraagd om hem voor fiscale fraude te kunnen vervolgen. Zoals altijd schreeuwt Berlusconi ook nu weer zijn onschuld uit en heeft hij het over een internationale haatcampagne van justitie en pers. Het mag dan ook geen wonder heten dat de veelgeplaagde magnaat in zijn verkiezingsprogramma aankondigt dat onder zijn bewind het parlement 'de prioriteiten van het gerecht' zal bepalen. Als de rechtse oppositie op 13 mei wint, komt de belangrijkste zakenman van Italië aan het hoofd van de regering. Berlusconi's holding Fininvest, voor honderd procent eigendom van de familie, is 500 miljard frank (12 miljard euro) waard en actief in zowat alle sectoren van het bedrijfsleven, van tv-zenders en uitgeverijen tot bouwfirma's, banken en verzekeringen. Het spreekt voor zich dat dit voor de zakenman-premier tot een meer dan ongezonde belangenverstrengeling zal leiden. En als regeringsleider heeft Berlusconi ook rechtstreeks invloed op benoemingen aan de top van staatszender RAI. Rekening houdend met de tv-stations, kranten, tijdschriften en uitgeverijen waarvan hij nu al eigenaar is, rijst dan de vraag of met Berlusconi als premier de persvrijheid niet in het gedrang komt. Of zelfs meer dan dat. De hele verkiezingsstrijd is intussen verengd tot een referendum voor of tegen Berlusconi. De eigenlijke politieke thema's - belastingvermindering, hogere minimumpensioenen, strenger aanpakken van illegale immigratie, federalisering - zijn daarbij totaal op de achtergrond geraakt. En voor de centrum-linkse kandidaat Francesco Rutelli, als burgemeester van Rome bijzonder populair maar in de nationale politiek zeker geen zwaargewicht, is het bijzonder moeilijk om vat te krijgen op de door Berlusconi gedomineerde agenda. 'Het gaat niet om rechts of links,' waarschuwde de bekende filosoof Norberto Bobbio onlangs in een verkiezingsoproep, 'de democratie staat op het spel.' Met Berlusconi krijgen we een zachte dictatuur die op corruptie gebaseerd zal zijn, aldus de nestor van de Italiaanse journalistiek, de 92-jarige Indro Montanelli. Die was twintig jaar lang hoofdredacteur van de krant Il Giornale, eigendom van Berlusconi. Al die tijd bemoeide il Cavaliere zich niet met de redactionele lijn. Tot hij in de politiek ging. Toen gaf Berlusconi zijn hoofdredacteur te verstaan dat Il Giornale zijn spreekbuis moest worden. Montanelli antwoordde: 'U bent de eigenaar, maar het is mijn krant.' De volgende dag stond hij op straat. Joost Albers