België is dit jaar in de Euro Health Consumer Index gezakt van de tiende naar de twaalfde plaats (zie grafiek) en die trend moet dringend gekeerd worden. Dat zegt François Daue van het Itinera Institute. Daue is de auteur van een nieuwe studie over de toekomst van de gezondheidszorg in België. In april maakte hij al een uitvoerige doorlichting van het gezondheidsbeleid. In een nieuw rapport stelt hij een twintigtal doelgerichte acties voor om - na de ongebreidelde groei van het aanbod en de kwaliteit van de medische zorg tot eind de jaren 1980 en de 'eenzijdige budgettai...

België is dit jaar in de Euro Health Consumer Index gezakt van de tiende naar de twaalfde plaats (zie grafiek) en die trend moet dringend gekeerd worden. Dat zegt François Daue van het Itinera Institute. Daue is de auteur van een nieuwe studie over de toekomst van de gezondheidszorg in België. In april maakte hij al een uitvoerige doorlichting van het gezondheidsbeleid. In een nieuw rapport stelt hij een twintigtal doelgerichte acties voor om - na de ongebreidelde groei van het aanbod en de kwaliteit van de medische zorg tot eind de jaren 1980 en de 'eenzijdige budgettaire benadering' van de gezondheidszorg daarna - een 'derde golf' in dat beleid op gang te brengen. Volgens Daue kan niemand de sterke punten van de Belgische gezondheidzorg ontkennen. Dat zijn de verplichte ziekteverzekering, de vrije zorgkeuze van de patiënten, de kwaliteit van de (para)medische opleidingen en de professionalisering van het medisch aanbod. Met meer dan 400.000 werknemers is de sector ook een economische groeipool. Daar staat tegenover dat de gezondheidszorg een steeds groter deel van de welvaart opeist (meer dan 10 procent) en al 35 procent van het budget van de sociale zekerheid opslorpt. Simpelweg meer geld in de gezondheidszorg blijven pompen is op termijn niet houdbaar en leidt ook niet noodzakelijk tot meer kwaliteit, aldus Daue. Noodzakelijk daarentegen is de beheersing van de kosten en de eigen bijdrage van de patiënten (nu al bijna 30 procent van de medische uitgaven). Daarbij pleit Daue voor een jaarlijks forum waarop de overheid, zorgverstrekkers, ziekenfondsen, privéverzekeraars, patiëntenverenigingen en bedrijven uit de medische sector samen vormgeven aan een visie over 'Gezondheid 2050'. Kennis en wetenschappelijke informatie zijn daarvoor alleszins ook genoeg aanwezig bij de administratie en het Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg. Daue reikt een aantal 'quick wins' aan om voort te bouwen op de sterke punten van de Belgische gezondheidszorg. Zo is het belangrijk dat patiënten goed geïnformeerd zijn. Dat kan door middel van gespecialiseerde en geautoriseerde websites, bijvoorbeeld over de werking van ziekenhuizen (minimum aantal chirurgische prestaties om kwaliteit te verzekeren, de aanpak van ziekenhuisinfecties, enzovoorts). Ook ziekenfondsen, privéverzekeraars en patiëntenverenigingen hebben op dit vlak een rol. Het Itinera Institute is gekant tegen quota voor gezondheidsberoepen en pleit voor verplichte bijscholingen van de zorgverstrekkers. Die moeten voor elke ziekte ook meer samenwerken. De nomenclatuur voor de terugbetaling van de medische zorg dient meer afgestemd te worden op een dergelijke samenwerking en onbillijke verschillen in de vergoeding van medische disciplines weg te werken. Ook het budget voor preventie (nu amper 29 euro per Belg per jaar) moet fors omhoog en moet worden benut om de risico's op diabetes, hartziekten en kanker te verminderen.MEER INFORMATIE: www.itinerainstitute.org door PATRICK MARTENS