President Milosevic van Servië wil president worden van Joegoslavië. De democratisering van het land zal dus traag verlopen en dat is misschien minder riskant dan schoktherapie.
...

President Milosevic van Servië wil president worden van Joegoslavië. De democratisering van het land zal dus traag verlopen en dat is misschien minder riskant dan schoktherapie.EEN BERICHT UIT BELGRADONa 77 opeenvolgende dagen van betogingen en op een moment dat iedereen verwachtte dat de Servische president Slobodan Milosevic zijn ordetroepen de straten zou laten schoonvegen, stond de hoofdstad versteld. Milosevic beval de regering een buitengewone wet voor te bereiden die het verslag bijtreedt van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE). Dat verslag van de zogenaamde Commissie- Gonzalez (genoemd naar de ex-premier van Spanje) ging over de resultaten van de gemeenteraadsverkiezingen van 17 november in Servië. De president erkende dus niet de oorspronkelijke uitslagen, wel het verslag dat buitenlandse waarnemers erover maakten, in het bijzonder over de zege van de oppositiecoalitie Zajedno (?Samen?) in veertien steden. Wat schuilt achter die handelwijze ? Om te beginnen, maakte Milosevic zo het thuispubliek duidelijk dat hij niet onder de indruk was van drie maanden demonstraties. In tegenstelling tot de voorzitter van het Servische parlement, Dragan Tomic, zei hij nooit dat de betogingen werden opgezet door ?pro-fascistische krachten?. Hij beweerde evenmin dat het ging om ?woeste acties? van de oppositie, gegroeid uit haat jegens vreedzame burgers, zoals zijn vrouw Mirjana Markovic en haar partijgenoten van Joegoslavisch Links volhielden. Milosevic deed gewoon of die demonstraties niet tegen hemzelf en zijn dictatoriaal regime gericht waren. In zijn bevelbrief aan de Servische regering schreef hij dat ?een betere verstandhouding met de internationale gemeenschap (...) veel belangrijker is dan om het even welk aantal zetels in gemeenteraden.? Daarmee probeerde hij zich andermaal op te werpen als gesprekspartner van de internationale gemeenschap. EEN ALZIEND OOGVoorts vermeldt het verslag-Gonzalez niet wie verantwoordelijk is voor de fraude, die de verkiezingsoverwinningen van Zajedno omboog ten voordele van de socialistische partij. Door dat verslag tot wet te verheffen, probeerde Milosevic de schuldvraag te omzeilen. Want een onderzoek zou snel leiden naar de aanstichters van de manipulatie, die zich bevinden in de top van zijn Servische Socialistische Partij (SPS). Een dissident uit Nis, die na de stembusgang uit de SPS stapte, verklaarde dat partijmilitanten in zijn stad ongeveer 20.000 stembrieven in de stembussen deponeerden, op bevel van vice-voorzitter Nikola Sainovic van de SPS. Uit andere bronnen blijkt dat secretaris-generaal Gorica Gajevic van de SPS een grote rol speelde in de postelectorale fraude. Maar vertelde een ex-raadgever van Milosevic, Zvonimir Trajkovic, onlangs dergelijke dingen konden enkel gebeuren met toestemming van Milosevic zelf. ?In Servië gebeurt niets zonder dat hij het weet.? Milosevic poogde de crisis na de gemeenteraadsverkiezingen te bezweren via homeopathie. Hij diende het land een dosis toe van wat de crisis veroorzaakte : dictatoriale beslissingen. De afkondiging van de speciale wet en de erkenning dat de oppositie de verkiezingen won in de steden waar ze inderdaad de meerderheid behaalde, schaafden alleen de scherpste kanten van de sociale spanningen. De crisis blijft duren, de algemene maatschappelijke toestand verslechterde. De bijzondere wet werd bliksemsnel van kracht. In tien dagen waren alle gemeenteraden geïnstalleerd in de veertien steden waar Zajedno zegevierde. Op vrijdag 21 februari wees de nieuwe gemeenteraad van Belgrado leider Zoran Djindjic van de Democratische Partij aan tot burgemeester. Vier dagen later beloofde minister van Informatie Radmila Milentijevic een nieuwe, liberale mediawet. Want Zajedno dreigde vanaf 9 maart weer de straat op te trekken om aan te dringen op persvrijheid en gelijke toegang tot de media vooral tot de omroep in het gezicht van de parlementsverkiezingen later op het jaar. Zajedno had voorlopig het demonstreren opgeschort, maar de studenten bleven protesteren. Zij eisten het opstappen van de rector en de studentenrector van de universiteit van Belgrado. Waarop de autoriteiten erop aandrongen dat de studenten eerst weer de lessen zouden volgen, alvorens kon worden tegemoetgekomen aan hun vraag. Een massale staking van onderwijzers en leraren lag de Servische regering echter zwaarder op de maag. Duizenden scholen sloten hun deuren en het onderwijzend personeel lijkt vastbesloten meer af te dwingen dan de beloofde twintig procent loonsverhoging. De regering repliceert echter dat een aanzienlijkere loonsverhoging de inflatie zou aanzwengelen. De leerkrachten kaatsen de bal terug. Andere besparingen kunnen de begrotingstoestand beter dienen. De uitgaven voor de politie kunnen, bijvoorbeeld, worden teruggeschroefd. De zenuwenoorlog gaat dus door tegen een achtergrond van groeiende sociale conflicten. ALLERGIE VOOR ECHTPARENOp het gebied van onstabiliteit zet het aantreden van de oppositie in de stadhuizen geen zoden aan de dijk. Zajedno waarschuwde al van tevoren dat de kassen leeg zijn in de steden waar de socialisten de verkiezingen verloren. De nieuwe gemeenteraden vrezen ook obstructie op deelstaatniveau, waar wordt beslist over geldstromen en politieoptreden. Om tegenwerking vanuit de macht op deelstaatniveau te counteren, nemen de nieuwe gemeenteraden zich voor hun verplichtingen tegenover de republiek Servië niet na te komen. Toch kunnen aanvaringen en chantage niemand heil brengen. De massa gelooft vast dat de drie maanden van betogen alle manipulaties en mistoestanden van het oude regime definitief hebben blootgelegd. Maar de demonstraties versterkten de nieuwe gezagsdragers niet. De vrees bestaat dat in de komende overgangsperiode een gevaarlijk vacuüm ontstaat, waardoor de rampzalige maatschappelijke toestand zou uitmonden in chaos en anarchie. Het is een illusie te denken dat een democratisch systeem daaruit een uitweg zou kunnen bieden. Op chaos zou veeleer de installatie volgen van een andere vorm van dictatuur of autoritair gezag. Binnen- en buitenlandse waarnemers zijn het over één zaak eens : de drie maanden van prostest hebben het charisma van Milosevic vermorzeld. Zelfs zijn trouwste aanhangers twijfelen nu aan zijn ?unieke eigenschappen?. Velen wijzen met een beschuldigende vinger naar zijn vrouw, van wie hij almaar afhankelijker wordt. Aan de overkant smolt de populariteit die de oppositietrojka Vuk Draskovic - Vesna Pesic - Zoran Djindjic gedurende de betogingen opbouwde. De drie lagen met mekaar overhoop over de nieuw te verdelen macht. De grote verliezer lijkt leider Vuk Draskovic van de Servische Vernieuwingsbeweging, wiens vrouw Danica zichzelf kandidaat stelde als voorzitter van het schepencollege in Belgrado. Ze verklaarde haar ambitie met het argument dat burgemeester Djindjic onervaren is en haar hulp kon gebruiken. De aanhangers van de oppositie lieten meteen een petitie rondgaan tegen haar benoeming, uit weerzin voor nog maar eens een echtpaar in de beleidszetels. Draskovic maakt ook weinig kans als kandidaat voor het Servische presidentschap, waarover ook al dit jaar verkiezingen moeten beslissen. De meeste mensen trekken een parallel tussen hem en Milosevic. Draskovic zou Servië als president op een gelijkaardige wijze besturen als de huidige ex-communist. Milosevic puurde echter geen krediet uit het tanen van de populariteit van de ruzieënde Zajedno-aanvoerders. Daarom wordt verwacht dat hij omstreeks juni president zal worden van de Federale Republiek Joegoslavië. Hij kan immers na twee ambtstermijnen niet worden herkozen tot president van Servië. AFKALVING VAN GEZAGMilosevic kan natuurlijk weer een truc uithalen. Hij kan aanvoeren dat hij het presidentsschap in zijn eerste ambtstermijn maar twee van de vijf jaar uitoefende. Maar zo'n gesjoemel zou zijn kansen op herverkiezing nog doen afnemen. Als hij president wordt van de Federale Republiek Joegoslavië, zal hij ongetwijfeld eerst de presidentiële macht versterken en heel wat beslissingsbevoegdheden overhevelen naar het federale niveau. Maar daartoe moet de grondwet worden gewijzigd. En dat kan niet zonder de steun van de deelstaat Montenegro, die in ruil de nummer twee van het federale gezag zou mogen leveren. In dat geval zou de huidige Montenegrijnse president Momir Bulatovic federaal premier worden. Het lijkt erop dat alleen de eerste fase van de oefening is uitgewerkt. Want Radoje Kontic, de zittende federale premier, is kandidaat voor een nieuw mandaat. Kontic is een kleurloos personage en wordt algemeen beschouwd als een mislukkeling. Zijn benoeming tot premier lijkt een tijdelijke oplossing. Dat Montenegro de portefeuille van federaal eerste-minister mag behouden, wijst er wel op dat de president een Serviër wordt. En wie zou dat anders zijn dan Milosevic ? ?Hij hield die mogelijkheid altijd achter de hand,? aldus voorzitter van de Demokratische Partij Zoran Djindjic in een commentaar bij de opvatting dat Milosevic de nieuwe Tito van het derde Joegoslavië zou worden. De oude krokodillen geven de strijd niet op. Ze bepalen alleen hun nieuwe positie tegenover de democratische krachten. Milosevic' opstappen van de deelstaat naar de federatie brengt echter met zich mee dat zijn SPS in Servië weinig kans maakt om de komende parlementsverkiezingen te winnen. En als de socialisten niet langer Servië controleren, zal het gezag van de federale president niet lang standhouden ook al heet die Milosevic en heeft die veel bevoegdheden. Dat gezag zal ook niet te vergelijken vallen met de macht die Milosevic nu in Servië heeft. Gezien de fouten van het verleden, gaan een democratisch vernieuwing van Servië en de persoon van Milosevic niet samen. Maar de oude structuren blijken nog sterk genoeg om een renovatie te vertragen. Daardoor wordt de toestand zeer ingewikkeld. De kans zit erin dat het land een weg opgaat die niemand oude of nieuwe gezagsdragers, ingezetenen of internationale gemeenschap zou bevallen. Branislav Milosevic De ster met vijf punten, het symbool van het communisme, werd van het parlementsgebouw verwijderd : Zoran Djindjic, voorzitter van de Democratische Partij en burgemeester van Belgrado, glundert.