Van de dalai lama tot George W. Bush en van Kim Gevaert tot Jacques Rogge: de internationale beau monde lijkt het erover eens dat een boycot van de Olympische Spelen in Peking de situatie van de mensenrechten in de Volksrepubliek China niet vooruithelpt. Niet in Tibet en ook nergens anders in het grote rijk met zijn onderhand 1,3 miljard inwoners. Want China schiet niet alleen in Tibet op democratisch vlak tekort. Neem de media. Als journalisten vandaag niet vrij kunnen werken, welke garanties zijn er dan dat ze dat over vier maanden wel zullen kunnen?
...

Van de dalai lama tot George W. Bush en van Kim Gevaert tot Jacques Rogge: de internationale beau monde lijkt het erover eens dat een boycot van de Olympische Spelen in Peking de situatie van de mensenrechten in de Volksrepubliek China niet vooruithelpt. Niet in Tibet en ook nergens anders in het grote rijk met zijn onderhand 1,3 miljard inwoners. Want China schiet niet alleen in Tibet op democratisch vlak tekort. Neem de media. Als journalisten vandaag niet vrij kunnen werken, welke garanties zijn er dan dat ze dat over vier maanden wel zullen kunnen? De Spelen zijn voor Peking de bevestiging van de nieuwe plaats die China in de wereld inneemt. Een land dat niet alleen politiek en militair weegt, maar dat ook economisch een hoofdrol speelt. De macht van het getal, in alle opzichten. Maar het internationale protest tegen de bezetting van Tibet verstoort het beeld dat Peking graag uitdraagt. De jacht die in de straten van Londen en Parijs op de olympische fakkel werd gehouden, wordt ervaren als een vernedering. De trotse parade werd een martelgang. En dat is meer gezichtsverlies dan een Aziaat kan hebben. Het valt op hoe vergoelijkend de Amerikaanse regering op de gebeurtenissen reageert. Protest versterkt toch maar het nationalisme van de Chinezen, legt Washington uit, en dan zijn de minderheden en de dissidenten nog verder van huis. Er waren momenten in de recente geschiedenis dat Amerika schendingen van de mensenrechten niet zo gemakkelijk door de vingers zag. Het kan niet anders of de nieuwe politieke en economische verhoudingen spelen toch mee in de afweging die wordt gemaakt. Er is ook nauwelijks echt protest tegen de Chinese politiek in Sudan die de genocide in Darfur mede mogelijk maakt. Iemand zou kunnen wijzen op de geprivilegieerde relaties van de Amerikanen met het middeleeuwse koningshuis in Saudi-Arabië dat mee het internationale terrorisme financiert. In Europa heffen sommige leiders wel een vingertje op. Er zijn er nogal wat die ermee dreigen om de openingsceremonie van de Spelen in augustus te boycotten. Bij wijze van politiek signaal. De Chinezen reageren boos. Maar de kans dat ze zich er echt aan storen, is klein. De vraag blijft dan: welke stap kan er verder worden gezet, als het vingertje niet helpt? De atleten toch thuis houden, is niet echt een alternatief. Samen met het wereldkampioenschap voetbal zijn de Olympische Spelen het belangrijkste evenement op de internationale sportkalender. Ze hebben ook de pretentie dat ze méér zijn dan een reeks sportwedstrijden. Deelnemen is belangrijker dan winnen, en zo verder. Tegelijk maakt hun uitstraling de Spelen ook kwetsbaar. In kringen van het Internationaal Olympisch Comité denkt niemand graag terug aan Berlijn 1936, München 1972, Moskou 1980 of Los Angeles 1984. Olympiades tijdens welke de politiek sterker bleek dan de sport. Van alle politici die op de barricade klommen voor Tibet, heeft overigens nog niet één gevraagd dat Bekaert, Janssen Pharmaceutica of InBev hun investeringen uit China zouden terugtrekken. In naam van de mensenrechten. Er mag toch worden aangenomen dat niet alleen de wereld van de sport zich het lot van Tibet moet aantrekken? door Hubert van Humbeeck