Zes en zeven maart worden weer zwarte dagen. Het zijn de eerste dagen van de krokusvakantie, de helpdesk-bemanningen van de gsm-operatoren zijn al vertrouwd met het fenomeen. In het begin van zowat iedere vakantieperiode worden ze overstelpt met vragen van klanten die er om verschillende redenen niet in slagen vanuit het buitenland te telefoneren met hun gsm. Vaak omdat ze de handleiding van hun toestel niet volledig hebben gelezen, soms omdat ze niet weten dat niet iedereen recht heeft op roamen ( zie kaderstukje).
...

Zes en zeven maart worden weer zwarte dagen. Het zijn de eerste dagen van de krokusvakantie, de helpdesk-bemanningen van de gsm-operatoren zijn al vertrouwd met het fenomeen. In het begin van zowat iedere vakantieperiode worden ze overstelpt met vragen van klanten die er om verschillende redenen niet in slagen vanuit het buitenland te telefoneren met hun gsm. Vaak omdat ze de handleiding van hun toestel niet volledig hebben gelezen, soms omdat ze niet weten dat niet iedereen recht heeft op roamen ( zie kaderstukje). Een ander probleem is de mailbox. Veel occasionele reizigers toetsen in het buitenland de korte en vertrouwde combinatie in wanneer ze een bepaalde dienst willen bereiken, zoals 1230 voor Proximus-klanten die hun mailbox willen beluisteren, of 5100 voor Mobistar-klanten die de inlichtingen willen bereiken. Zodra het toestel kiest voor een buitenlands netwerk, lukt dat niet. Nochtans is het principe eenvoudig: een gsm-toestel behandel je altijd alsof je met een vast toestel belt, met dit verschil dat altijd interzonaal wordt gebeld, dus telkens met een prefix. Ter illustratie, wie vanuit Duitsland naar België belt, vormt een internationaal nummer: met een plus of een dubbele nul, gevolgd door landcode 32. Wie in Duitsland een Duitse abonnee opbelt, vormt gewoon het nummer voor een nationaal gesprek, met zoneprefix. In beide gevallen gebruikt hij dezelfde nummers als je zou intoetsen op het telefoontoestel in een Duitse hotelkamer. Op het thuisfront draai je het nationale gsm-nummer, ongeacht het land waar je als abonnee toeft. In principe weet de beller immers niet waar de gsm-abonnee op dat moment is. Enkel de beltoon verraadt soms dat de gsm-abonnee zich in het buitenland bevindt. Vooral de korte en dubbele toon van het Engelse net is zeer herkenbaar. Toch valt uit de tijd die verloopt tussen het vormen van het gsm-nummer en de eerste beltoon, nauwelijks een verschil in afstand af te leiden. Technisch gaat het allemaal bliksemsnel. Stel dat je ontwaakt in een hotelkamer in Spanje en je switcht je gsm aan. Die zoekt naar een signaal van je Belgische operator, vindt het niet en wordt opgepikt door de mast van een Spaanse gsm-operator met wie je provider een roaming-overeenkomst heeft. Zodra het contact is gelegd, wordt je nummer in de databank van de Spaanse operator opgenomen. De Spaanse computer meldt de computer van je provider waar je je bevindt, en zo belandt je nummer mét je huidige locatie in de databank van de Belgische operator. Draait iemand in België je nummer, dan wordt in de Belgische databank meteen gekeken waar je je bevindt. In dit geval is dat in Spanje, zodat de oproep via een 'vaste' telefoonverbinding (satelliet, ondergronds, langs de glasvezel op de oceaanbodem) naar het netwerk van de Spaanse operator suist. Het gebeurt allemaal in enkele seconden. Technisch loopt alles snel, maar goedkoop is het niet. Het principe luidt als volgt: omdat de beller niet weet waar de gsm-abonnee zich bevindt en dan ook niet kan opdraaien voor een telefoontje naar bijvoorbeeld Hongarije (waar de gsm-eigenaar toevallig kan zijn), betaalt hij de communicatie slechts tot aan de landsgrens. De gsm-abonnee daarentegen betaalt het internationale deel van de communicatie. Ook dat kan behoorlijk duur uitvallen. Opgebeld worden vanuit Spanje bijvoorbeeld kost 24 frank per minuut. Twee Belgen die elkaar vanuit Spanje opbellen met hun gsm, maken het helemaal bont. De beller betaalt een internationaal gesprek van Spanje naar België (55 frank per minuut in piekuur, 51 frank in daluur). De ontvanger betaalt ook nog eens een internationaal tarief omdat hij door iemand met een Belgisch nummer in het buitenland wordt opgebeld. De kostprijs is te verklaren: elke betrokken operator, dus ook de vaste die de connectie tussen beide landen maakt, moet betaald worden voor zijn dienstverlening. De Belgische operator voor het doorsturen van de oproep naar een buitenlands netwerk, de vaste operator om het telefoontje naar het land van bestemming te brengen, en de buitenlandse gsm-operator voor het gebruik van zijn netwerk. Bovendien pikken de Belgische operatoren nog eens een procentje mee op de kosten die door de buitenlandse operator worden aangerekend. Toch wordt er zelden gemord over de prijs van roaming, weten de drie Belgische operatoren. Mensen die vaak in het buitenland toeven, doen dat doorgaans toch met de gsm van hun bedrijf. De argeloze toerist heeft daar natuurlijk geen boodschap aan, 'maar ik verwacht beterschap', belooft Chris Van Roey van Mobistar. 'Mobistar werkt bijvoorbeeld samen met France Télécom. En internationalisering kan aanleiding geven tot pan-Europese netwerken. Wellicht zullen de Europese operatoren zich dan ook willen differentiëren met hun prijsbeleid. Op die manier moet de prijs van roamen ooit onder druk komen te staan.' Voor een deel is er trouwens al beterschap. Zo biedt Mobistar de optie internationale oproepen aan en maakt op die manier internationale gesprekken soms tot dertig procent goedkoper. Orange bouwt in de tariefformule Business Talk een zeer voordelige mogelijkheid in om vanuit België te bellen naar het buitenland: tien frank per minuut. Tenminste, voor zover buitenland synoniem is met grenslanden waar ook oproepen ontvangen vanuit België, kunnen tegen tien frank per minuut. Zelf bellen vanuit het buitenland moet echter wel tegen de gebruikelijke tarieven. Ook dit nog: in de States en Canada zegt men niet roamen, maar sim-roamen. Daar lopen gsm-oproepen namelijk via 1900 Mhz, terwijl de meeste in België gebruikte toestellen op 900 Mhz (Proximus, Mobistar), 1800 Mhz (Orange) of beide functioneren. Aan de andere kant van de planeet lukt het alleen met een toestel dat werkt op 1900 Mhz, zodat de SIM-kaart van de abonnee in zo'n toestel moet worden gestopt. Tenzij je de gelukkige eigenaar bent van een tribandtoestel, zoals Motorola er eentje op de markt heeft gebracht.Jo Bossuyt