Nicholas Crane, 'Mercator. De man die de aarde in kaart bracht', Ambo/Manteau, 365 blz., euro 36,90.
...

Nicholas Crane, 'Mercator. De man die de aarde in kaart bracht', Ambo/Manteau, 365 blz., euro 36,90.Een biografie schrijven van Gerard Mercator moet een hachelijke onderneming zijn. De man leefde in een uiterst turbulente periode: de zestiende eeuw vormde de breuklijn tussen de Middeleeuwen en de Moderne Tijd. Veel middeleeuws 'bijgeloof' botste op de nieuwe bevindingen van de wetenschap, die gedragen werd door een netwerk van universiteiten, rondreizende geleerden en door koningen of keizers gesteunde onderzoekers. Het was ook een tijd van ontdekkingen: Amerika en Australië werden voor het eerst bereisd, de kusten van Afrika werden beschreven, de zeevaarders zochten een noordelijke route tussen Europa en het rijke India. De nieuwsgierigheid van de mensen werd gestimuleerd door het uitzicht op grote rijkdom: de schepen brachten niet alleen nieuwe kennis mee, maar ook onbekende waren en natuurlijk goud en zilver. De zestiende eeuw was ook een eeuw van rampen, misoogsten en epidemieën. Ze werd getekend door de godsdienstoorlogen die Europa later zouden verscheuren. Bij het beschrijven van zo'n woelige tijd is het moeilijk om één rode draad te vinden, en toch heb je die nodig om een figuur als Mercator te begrijpen. Mercator heette eigenlijk Gerard Kremer. Hij werd in 1512 in het Vlaamse Rupelmonde geboren, als zevende en laatste kind van een schoenlapper. Hij overleed in Duisburg - toen het hertogdom Kleef, nu Duitsland - in 1594. In een periode dat de meeste mensen voor hun vijftigste verjaardag stierven, leefde hij onvoorstelbaar lang. Net als veel geleerden uit zijn tijd gebruikte hij de Latijnse versie van zijn naam. Gerard Kremer werd Gerardus Mercator Rupelmundanus. Vooral die laatste toevoeging is opvallend. Een blijk van dankbaarheid aan zijn heeroom Gijsbert, priester in Rupelmonde, die zijn studies betaalde? Studeren bood Mercator de vluchtweg uit de armoede waarin zijn hele familie gevangenzat. Studeren aan de Leuvense universiteit leverde hem ook het netwerk op dat zijn verdere leven zou bepalen. Hoewel Mercator een zeer uitvoerige correspondentie voerde, leefde hij eigenlijk erg teruggetrokken. Er is alles bij elkaar heel weinig over hem bekend. Voor een biograaf is zulke discretie een nadeel. Daardoor blijven vele vragen over Mercator onbeantwoord. Niemand weet bijvoorbeeld welke positie hij innam in die godsdiensttwisten die zijn leven toch sterk hebben beïnvloed. Hij heeft er niets over geschreven - al verraden zijn kaarten hem wel. Er zitten codes in, geknakte kerktorens bijvoorbeeld, of de richting die schepen uitvoeren. Het is dan ook jammer dat er zo weinig kaarten in het boek zijn opgenomen (al vind je de meeste kaarten en ook afbeeldingen van zijn globes na enig zoekwerk wel terug op internet). Mercator verdiende de kost als cartograaf en globebouwer, hij bouwde letterlijk wereld- en hemelbollen. Dat waren luxeproducten die keurig afgewerkt moesten worden en vaak uitbundig versierd waren. Ook kaarten waren een luxe: ze werden opgesmukt met cartouches, monsters, schepen van alle tuigage. Maar hun eerste doel bleef toch die van wegwijzer. Dus moesten ze zo nauwkeurig mogelijk zijn. In die tijd wilde dat zeggen dat de al bestaande kaarten - maar ook de tegenstrijdige informatie van ontdekkingsreizigers en zeevaarders - verzameld moesten worden en op hun degelijkheid onderzocht, waarna alles - in spiegelbeeld - werd overgebracht op één koperplaat. Pas dan kon de kaart gedrukt worden. Nicholas Crane, zelf geograaf, schetst in 31 korte hoofdstukken de bonte wereld waarin Mercator leefde. Helder beschrijft hij de vele technische vernieuwingen in de cartografie en met veel sympathie borstelt hij een portret van een gedreven perfectionist die bang was om te reizen, wiens wetenschappelijke werk telkens weer werd afgebroken omdat er brood op de plank moest komen. Veel mensen weten niet dat de elegante cursieve letters op onze kaarten, maar ook de stippellijnen die politieke grenzen aangeven, door Mercator zijn geïntroduceerd. Net als de internationale symbolen die we allemaal kennen: een stip voor een kleine plaats, een rondje voor een hoofdstad, een rondje met kruis voor een kerk of abdij, een getande cirkel voor een burcht of kasteel. Aan Mercator hebben we ook het woord 'atlas' te danken, in de betekenis van een 'kaartenboek' waarvan alle kaarten dezelfde schaal hebben en die dus samengevoegd konden worden. Zijn belangrijkste vernieuwing is wel bekend: de zogenaamde mercatorprojectie, die nu algemeen wordt gebruikt. De manier waarop een bol op een plat vlak kon worden voorgesteld, was bekend. Mercator dreef de oplossing door tot zijn praktische consequentie. Hij maakte 'bruikbare' kaarten, waarop genavigeerd kon worden. En daarin was hij zijn tijd zo ver vooruit dat pas decennia later het belang van die uitvinding werd ingezien. De man die de aarde in kaart bracht is de eerste Engelse biografie over Mercator. Er bestonden al Duitse en ook Nederlandse biografieën. Maar deze is veruit de boeiendste. Het is niet alleen een wetenschappelijk werk met een uitgebreid notenapparaat en een handige bibliografie. De talloze details over het dagelijkse leven maken er ook een historische roman van, die overigens schitterend is vertaald door Jos den Bekker. Wie dit boek leest, beseft dat ons beeld van de wereld echt gebaseerd is op de mercatorkaarten, de vervormingen door zijn projectie inbegrepen. Wij kennen sinds de eerste ruimtereizen de beelden van dat blauwe bolletje dat we aarde noemen. Voor mensen als Mercator, die wisten dat de aarde rond was maar die 'bol' nooit hadden gezien, moet het veel fantasie hebben gevergd om zich daar een voorstelling van te maken. In de stilte van zijn werkkamer deed Mercator de uitvinding die aan de wieg stond van de moderne cartografie. Misjoe Verleyen