Wie in de jaren zestig bij de jezuïeten zat, kan de tekst vandaag nog altijd aframmelen: Adam in Ballingschap van Joost van den Vondel was een vaste waarde op het toneelrepertoire. Het werk uit 1664 wordt beschouwd als hét stuk der stukken van de Nederlandse Gouden Eeuw. De erkenning kwam er echter pas na zijn dood. Een eerder Bijbelstuk van Vondel, Lucifer, werd na twee opvoeringen op last van de protestantse kerk afgevoerd. Adam in Ballingschap werd tijdens zijn leven goed verkocht als boek, maar werd pas in 1852 (!) voor de eerste maal opgevoerd. Aller treurspelen treurspel, zoals de ondertitel luidt, is geen origineel werk. Het is een imitatio van Hugo Grotius' Bijbelse tragedie Adamus exul uit ...

Wie in de jaren zestig bij de jezuïeten zat, kan de tekst vandaag nog altijd aframmelen: Adam in Ballingschap van Joost van den Vondel was een vaste waarde op het toneelrepertoire. Het werk uit 1664 wordt beschouwd als hét stuk der stukken van de Nederlandse Gouden Eeuw. De erkenning kwam er echter pas na zijn dood. Een eerder Bijbelstuk van Vondel, Lucifer, werd na twee opvoeringen op last van de protestantse kerk afgevoerd. Adam in Ballingschap werd tijdens zijn leven goed verkocht als boek, maar werd pas in 1852 (!) voor de eerste maal opgevoerd. Aller treurspelen treurspel, zoals de ondertitel luidt, is geen origineel werk. Het is een imitatio van Hugo Grotius' Bijbelse tragedie Adamus exul uit 1601. De taal en de stijl van Vondels werk blinken uit door een majestueuze helderheid. Een opera lag als het ware voor de hand. En voor Adam in Ballingschap is het eindelijk zover. In een regie van de Vlaming Guy Cassiers, nog wel. Het verhaal gaat in Cassiers versie zo. Adam en Eva wonen in het paradijs. Adam is best tevreden met zijn volkstuintje, maar Eva verveelt zich te pletter. Bovendien mogen ze alleen kijken naar de mooiste fruitboom. Dat moet je nu net tegen een vrouw zeggen, handen af van de vrucht die de dokter buiten de deur houdt en bijdraagt tot potentie en vruchtbaarheid. Eva is dus de ideale prooi voor Lucifer, die op wraak zint nadat hij door God uit de hemel werd gekiept vanwege zijn socialistische ideeen. Slechts één argument - in slimheid de gelijke van de baas worden - heeft de eerste volksmenner nodig om haar te overhalen. Adam, die even was gaan vissen met God, ziet haar bij zijn terugkeer met de aangebeten appel in de rechterhand en de linkerhand voor haar schaamstreek. De confrontatie baart de eerste ruzie van de christelijke wereld. Maar lang duurt die niet. Eva slaagt erin hem een hap te laten nemen. Maar nauwelijks gekauwd of wie verschijnt daar? De aartsengel Uriël, een kerkleider avant la lettre, met een boodschap van de grote pief. Vijf minuten om je spullen te pakken en op te hoepelen. De Nederlandse Opera heeft een pracht van een cast en crew op de zaak gezet. Rob Zuidam heeft zowel het literaire knip- en plakwerk verzorgd als de muziek gecomponeerd. De compositie is gebaseerd op historische werken van Messiaen, Mozart, Beethoven en Ligetti via gospel en ballroom tot een heuse klompendans, uitgevoerd door het koor dat instaat voor de duiding van plaats en feiten. Adam wordt vertolkt door een goed op dreef zijnde Thomas Oliemans, al loopt zijn stem bij momenten op een ander spoor dan dat van dirigent Reinbert de Leeuw. In schril contrast met hem staat Eva, vertolkt door Claron McFadden, die nog niet zo lang geleden voor de eerste maal in de Scala mocht aantreden. Haar stem is puur, secuur en als een bazuin. De vier doorbrave engelen en de drie malcontente zijn stem- en plankvast, met als uitblinker Huub Claessens als Lucifer. Regisseur Guy Cassiers koos voor een accurate enscenering. Pontificaal zit een polyestermens met de rug naar het publiek. De oermens vormt de stam die door het aardvuur tot bloei wordt gebracht, vertakt, maar aan het slot zijn bladerdak verliest, rot en omvalt. De videoprojectie op de rug ruikt naar een schilderij van René Magritte. De smaak van water stelt een grote bladvogel voor die door een rups is aangevreten, voorteken van zijn vernieling. Ook de projecties op het achterdoek zijn treffend. Ze lopen synchroon met de muziek. Bosch wordt Turner, Picasso, Hockney, Appel, tot alle kleur is opgebruikt en er een abstracte smos overblijft van zwart, bruin en grijs. Eenmaal voorbij de poort van het paradijs zien Adam en Eva een kale vlakte. Wanneer Eva de slotclaus zingt, 'Och lief, waer heen? Waer heen?', wordt de toeschouwer in zijn vermoeden bevestigd: elke man is Adam en elke vrouw Eva, en wat hebben wij allen van onze planeet gemaakt? ADAM IN BALLINGSCHAP DOOR DE NEDERLANDSE OPERA, IN HET KADER VAN HET HOLLAND FESTIVAL. INFO: www.nederlandseopera.nl DOOR GUIDO LAUWAERT