'Crisis? Wij merken helemaal niets van de economische crisis.' Bij de producenten en verdelers van elektronische games alleen maar lachende gezichten. De gamesindustrie moet zowat de enige technologiebranche zijn die niét onder de economische crisis lijdt. Sterker nog, de producenten van het elektronisch vertier pakken uit met almaar hogere omzetcijfers. Marktleider Sony heeft in Europa al zo'n tien miljoen stuks van zijn PlayStation2-console aan de man gebracht, de GameBoy Advance van Nintendo zit aan ongeveer vier miljoen stuks, de GameCube (ook Nintendo) en de Xbox (Microsoft) reiken enkele maanden na hun lancering al ruim boven het miljoen. Net zoals mensen in moeilijke tijden vaker afleiding zoeken in de cinema, zo spelen ze blijkbaar ook meer spelletjes.
...

'Crisis? Wij merken helemaal niets van de economische crisis.' Bij de producenten en verdelers van elektronische games alleen maar lachende gezichten. De gamesindustrie moet zowat de enige technologiebranche zijn die niét onder de economische crisis lijdt. Sterker nog, de producenten van het elektronisch vertier pakken uit met almaar hogere omzetcijfers. Marktleider Sony heeft in Europa al zo'n tien miljoen stuks van zijn PlayStation2-console aan de man gebracht, de GameBoy Advance van Nintendo zit aan ongeveer vier miljoen stuks, de GameCube (ook Nintendo) en de Xbox (Microsoft) reiken enkele maanden na hun lancering al ruim boven het miljoen. Net zoals mensen in moeilijke tijden vaker afleiding zoeken in de cinema, zo spelen ze blijkbaar ook meer spelletjes. Maar gaat het er in de gamesindustrie echt zo vreugdevol toe? Neen. De lachen-de gezichten verhullen een bittere strijd. De concurrentie is namelijk harder dan ooit. Sony met de PlayStation2, Microsoft met de Xbox en Nintendo met de GameCube en GameBoy Advance: nooit eerder vochten drie bedrijven van zulk kaliber om de gunsten van de spelletjesliefhebber. Er wordt dan ook gesproken over een 'console-oorlog'. De schitterende verkoopcijfers doen vermoeden dat het een oorlog is zonder verliezer, maar kan zoiets wel? Toen Microsoft onlangs de prijs van zijn Xbox-machine verlaagde van 299 tot 259 euro, werden er nogal wat wenkbrauwen gefronst. Het was immers een publiek geheim dat de machine toen al onder de productieprijs werd verkocht (ter informatie: de lanceringsprijs bedroeg 479 euro). Waarom dan nog eens zakken? Wel, het was eveneens een publiek geheim dat de verkoop van de console onder de verwachtingen bleef. Een gevolg van de imperialistische houding waarmee de reus uit Redmond zich op de gamesmarkt had gestort, aldus kwatongen. Die vermeende arrogantie speelt Microsoft misschien wel parten, maar de tegenvallende verkoop heeft wellicht meer te maken met het bescheiden aantal games voor de machine. Het schietspel Halo (exclusief op Xbox) groeide uit tot de snelste millionseller uit de geschiedenis, maar in heel wat spelgenres blijft de Xbox ondervertegenwoordigd. Zeker in vergelijking met het aanbod van PlayStation 2-games. De voorsprong van PlayStation is logisch, omdat de console van Sony al een stuk langer op de markt is. Logisch ook omdat Sony een goede band heeft opgebouwd met gamesontwikkelaars, die teruggaat tot de piekdagen van de PlayStation 1. De Japanse entertainmentleverancier merkt nu echter dat er in business geen plaats is voor vriendschap: gamesproducenten breken hun exclusiviteitsdeals met PlayStation open, omdat ze ook andere platforms willen bedienen. 'Twee jaar geleden was het makkelijk om zulke exclusiviteitsdeals te sluiten, we hadden geen noemenswaardige concurrentie en de ontwikkelaars beseften dat maar al te goed,' klinkt het bij Sony/PlayStation. 'Vandaag bevinden we ons in een totaal andere marktsituatie. Als we exclusiviteit willen, moeten we daar dik voor betalen.'PlayStation blijft ook na het laatste Xbox-offensief met afstand de nummer één, maar is er niet helemaal gerust in. Vandaar dat Sony op zijn beurt een prijsdaling van de PlayStation 2-console heeft doorgevoerd, die nu nog 265 euro kost. Ook Nintendo, die het na de mislukking van de N64-console nog eens probeert met de GameCube, laat van zich spreken. De Japanse gamespionier, die al elektronische spelletjes maakte toen er van PlayStation of Xbox nog geen sprake was, duikt met zijn nieuwe machine systematisch onder de prijs van de concurrentie. Aanvankelijk kostte de GameCube 250 euro, vandaag heb je hem voor 199 euro. Een redelijke prijsverhouding, want het is de enige van de drie consoles uit de A-klasse die geen dvd-speler aan boord heeft. Nintendo profileert zich als een 'honderd procent gamesbedrijf', daarmee suggererend dat Sony en Microsoft zich gezien hun brede businessactiviteiten niet met volle overgave toeleggen op de spelletjesmarkt. Een handig excuus voor het feit dat de GameCube geen dvd-films kan afspelen? Ongetwijfeld, al doet Nintendo er verstandig aan om zich duidelijk van zijn concurrenten te onderscheiden. Met een goedkopere console. Gericht op de wat jongere gamer met een beperkt speelbudget. Het bedrijf heeft niet de financiële armslag van Sony en Microsoft, kan zich dus geen marketingbudget van een half miljard dollar veroorloven en kan zich evenmin permitteren om lange tijd onder de productieprijs te verkopen. Microsoft slikt de verliezen en denkt op langere termijn. Met enkele duizenden miljarden reserves op de rekening, kan het zich dat ook veroorloven. Analisten gaan ervan uit dat Microsoft niet alleen werkt aan de Xbox 2, maar ook al aan de Xbox 3, of hoe dat toestel ook zal gaan heten. Geen 'klassieke' console, maar een multifunctionele multimediamachine. Geschikt om tv-programma's en dvd-films mee op te nemen, om internet-televisie mee te kijken, en nog veel meer. Diensten die vooruitstrevende software vereisen. Software waar Microsoft meer ervaring mee heeft dan Nintendo en Sony. Bill Gates gooit met geld, maar onderschat hem niet. Sony/PlayStation voelt nattigheid en bereidt zich voor. In Japan worden grootse plannen gesmeed, zo lekte onlangs uit. Sony, IBM en Fujitsu werken samen aan een superkrachtige microchip die moet dienen voor (internet)gaming én het streamen van langspeelfilms (data stromen in één vloeiende beweging binnen). Dat doet het vermoeden rijzen dat de PS3 een entertainmentmachine van de volgende generatie wordt. Sony/PlayStation onthoudt zich van enig commentaar. De PS3 wordt dan ook pas in 2005 verwacht. Sony en Microsoft rekenen op hun on-linedienst; Nintendo hield zich lange tijd op de vlakte, maar kondigde onlangs aan dat GameCube-bezitters in Japan met elkaar kunnen spelen via het internet. Volgens het onderzoeksbureau Screen Digest zal on-linegaming er mede voor zorgen dat de gamesmarkt blijft groeien. De komende vier jaar wordt zelfs een stijging van vijfduizend procent verwacht. De grote winnaar van de prijzenoorlog is de consument die alsmaar minder moet uitgeven voor zijn elektronisch vertier. Al moet dat toch worden genuanceerd. Je betaalt minder voor een console dan een jaar geleden, maar je dokt nog altijd 69 euro voor een Xbox- of PlayStation-spel en 63 euro voor een GameCube-titel. En zoals het er nu naar uitziet, zal het aanbod veeleer afnemen dan toenemen. Oorzaak? Budgetten. De productie van een topgame kost makkelijk tien miljoen dollar, wat een natuurlijke selectie teweegbrengt. Ten eerste geraakt een kleine onafhankelijke studio nooit aan zo'n bedrag om van een goed idee ook een goede game te maken. Ten tweede geraakt de gamer zodanig verwend dat hij geen genoegen meer neemt met een game van 'amper' twee miljoen dollar. De gevolgen blijven niet uit: Presto Studios, de maker van het bejubelde Myst 3: Exile, houdt het voor bekeken. Het bedrijf boekte vorig jaar nog een winst van 2,5 miljoen dollar en sleurt geen schulden mee, maar het ziet de toekomst somber in. Oprichter Michel Kripalani klaagt over het feit dat uitgevers niet meer willen investeren in risicovolle projecten, nu de productiekosten voor een game zo sterk gestegen zijn. Niet iedereen baadt in de champagne. Bart Vandormael