Er was een tijd dat het Antwerpse stadsbestuur met recht en rede klaagde over de onbestaande interesse voor de steden. De stad kampte met een zware financiële erfenis - waarvoor ze zelf ten minste gedeeltelijk verantwoordelijk was. Bijgevolg beschikte ze over onvoldoende middelen om de stad weer aantrekkelijk te maken en de bestaande problemen aan te pakken. Het was een vicieuze cirkel waar het Vlaams Blok bij elke stembusgang beter van werd.
...

Er was een tijd dat het Antwerpse stadsbestuur met recht en rede klaagde over de onbestaande interesse voor de steden. De stad kampte met een zware financiële erfenis - waarvoor ze zelf ten minste gedeeltelijk verantwoordelijk was. Bijgevolg beschikte ze over onvoldoende middelen om de stad weer aantrekkelijk te maken en de bestaande problemen aan te pakken. Het was een vicieuze cirkel waar het Vlaams Blok bij elke stembusgang beter van werd. Ook al omwille van de opkomst van extreem rechts was de Vlaamse overheid de jongste jaren bereid om toch maar in de steden te investeren. Meteen lagen de kaarten anders. Terwijl de Vlaamse overheid met geld stond te zwaaien, deed het Antwerpse stadsbestuur er veel aan om die middelen vooral te mislopen. Hoewel de stad door onder meer persoonlijke contacten op de ministeriële kabinetten beter dan welke gemeente op de hoogte was, werkte ze in eerste instantie een ver van schitterend voorstel uit voor het Sociaal Impulsfonds (SIF). De honderden bladzijden dikke bundel bevatte een lange lijst van losse projecten, zonder samenhang. In een tweede ronde gingen Antwerpen en Gent met het merendeel van de miljarden Vlaamse middelen lopen. Dat was ook de bedoeling. Maar het blijft de vraag of dat ook het geval zou geweest zijn, mochten de projecten voor het SIF na een echte competitie zijn toegekend. Het Mercuriusproject, dat middelen vrijmaakt voor centraal gelegen winkelstraten, werkte wél met zo'n onafhankelijke evaluatie. Voor Antwerpen liep het dan ook helemaal mis - hoewel het niet echt aan winkelstraten met problemen ontbreekt. Het dossier voldeed niet. De trotse stad zag de broodnodige middelen vliegen. In het voetbaldossier ging het niet anders. Daar schrok het schepencollege vorige week verdwaasd wakker. Toen was het kwartmiljard frank overheidssteun voor de bouw van een stadion voor het Europees Kampioenschap van 2000 al verloren gegaan. Politiek Antwerpen vond het plotseling de hoogste tijd om een "actieve rol" te spelen in het stadiondossier. Iedereen wist dat het zo ongeveer een jaar te laat was. Het stadsbestuur miste een enorme kans om stad en haven in de schijnwerper te plaatsen. Maar de stad treft niet alleen schuld. In vergelijking met de meeste Antwerpse voetbalclubs is het stadsbestuur namelijk een toonbeeld van efficiëntie, ruimdenkendheid en vooruitziendheid. Met een combinatie van klein ondernemerschap en grote voetbalwijsheid houdt alleen het bescheiden Germinal Ekeren de Antwerpse voetbaleer nog enigszins overeind.BEERSCHOT HERDENKEN, NIET VIEREN"Na de verkiezingen van 1994 nam ik contact op met gouverneur Camille Paulus (VLD) om het Europees Kampioenschap in 2000 ook naar Antwerpen te halen", zegt Karel Poma (VLD). De gewezen minister van Cultuur is al zeventig jaar lang een trouw supporter van Beerschot, dat zijn eeuwfeest wellicht in derde klasse viert. "Honderd jaar Beerschot, dat gaan we hoogstens herdenken", zucht Poma. "Paulus is sportminded", beseft de 78-jarige Poma. Er volgden gesprekken met de top van de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB). Er moest een aangepast stadion komen. "De Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij (GOM), de provincie en Tractebel - de energiedochter van de Generale Maatschappij - wilden snel een stadion bouwen dat door anderen moest worden beheerd. Alleen was niet geweten waar dat nieuwe stadion het beste kon komen. Dat betekende het begin van de onderhandelingen met het nieuwe stadsbestuur dat in 1995 werd geïnstalleerd." Bij de stad liep het volgens Poma mis - zijn liberale vrienden namen voor het eerst sinds decennia weer aan het bestuur deel. "Door allerlei intriges, waaraan de stad niet vreemd was, werd eerst Tractebel uitgeschakeld en haakte vervolgens de GOM af. Het was niet de eerste keer dat de stad een inititatief van de provincie kelderde." Vervolgens liet de stad op het eigen grondgebied twintig locaties voor een stadion onderzoeken. Van de nieuwe locaties genoot een stadion op het vervuilde en door het bedrijfsleven goeddeels verlaten industriegebied Petroleum Zuid de voorkeur van schepen voor Sport Gilbert Verstraelen (SP). Karel Poma deelde zijn visie. Het stadion zou in het verlengde liggen van de herboren stadswijk Het Zuid, nabij de Schelde, richting Hoboken. "Alleen god weet waarom Petroleum Zuid het uiteindelijk niet heeft gehaald", aldus de vrijzinnige Poma. "Dat is een centrale ligging, en toch wonen daar geen honderd mensen in de directe buurt. Er is een oude spoorlijn die nieuw leven kan worden ingeblazen en de Ring ligt vlakbij." Eén voor één werden de vestigingsplaatsen dus afgevoerd. Tot er nog één locatie overbleef: het Straatsburgdok in de oude haven achter het bioscoopcomplex Metropolis. Maar die keuze werd door de liberale Antwerpse havenschepen Leo Delwaide (VLD) afgeschoten. Delwaide, in Antwerpen steevast als den baron geliefkoosd, wilde geen rendabele havengronden opofferen voor een voetbalstadion. Zo klonk het officieel. Maar zijn partijgenoot Poma heeft het over een doorgestoken kaart. Hij staat daarmee niet alleen. DROMEN VAN OLYMPISCHE SPELENRik Schepers is een man van Antwerp. Gewezen directeur bij de sociale dienst van de stad, is Schepers sinds 1969 redacteur van het clubblad van roodwit. Hij is dus op de hoogte van het reilen en zeilen van de oudste voetbalclub van het land. De gepensioneerde ambtenaar bezit nog een verkiezingsfolder van de VLD uit 1994. Daarin bepleitte kandidaat-burgemeester Delwaide een nieuw stadion op de Bosuil, de thuisbasis van Antwerp. Meer nog: Delwaide droomde hardop van de organisatie van de Olympische Zomerspelen in 2004 of 2008. "Alleen al onze kandidatuur stellen, zou een golf van enthousiasme en nieuwe hoop brengen", aldus de VLD'er. Onder meer Manchester moderniseerde zo zijn sportinfrastructuur. Delwaide poseerde in zijn folder op foto's met de trainer, de spelers en met Eddy Wauters, de voorzitter van Antwerp. "Eddy Wauters en Leo Delwaide hebben plannen voor het Euro 2000-stadion", zo stond er. En: "Antwerpen moet een groot voetbalstadion krijgen, waar vanaf 1998 en in 2000 Europees club- en landenvoetbal kan gespeeld worden. Waarom zouden Beerschot en Antwerp er niet samen kunnen spelen zoals Club en Cercle in Brugge?" Vier jaar later zakt Beerschot naar derde en Antwerp naar tweede klasse. Europees voetbal is even ver weg als een groot stadion of het Europees kampioenschap voor landenteams. Leo Delwaide werd geen burgemeester, maar schepen van de haven. Van zijn olympische en sportieve droom kwam weinig in huis. De Bosuil is een halve ruïne en Antwerpen is geschrapt als gaststad voor Euro 2000. Zowat heel politiek Antwerpen is het erover eens dat de onvoorwaardelijke steun van Delwaide aan Eddy Wauters die sportieve droom uit mekaar deed spatten. Delwaide zag een ander stadion dan de Bosuil niet zitten. Alternatieven op Petroleum Zuid of aan het Straatsburgdok werden daarom afgeketst. Ook al was er over een stadion aan het Straatsburgdok op het eerste gezicht een consensus tussen de voetbalclubs. Zo ver mocht het niet komen. Onder meer dat was de doorgestoken kaart waarover ook Karel Poma het had: "Door terug te vallen op de verbouwing van het Antwerpstadion, werd het plan gekelderd om een neutraal stadion te bouwen dat tot geen club zou behoren, maar waarop twee Antwerpse voetbalclubs zouden kunnen spelen." Delwaide engageerde zich dus voor Antwerp. Hij ging in zijn gekende oratorische stijl bij de Belgische voetbalbond de Antwerpse kandidatuur bepleiten. De minzame schepen was ook zonder stedelijk mandaat aanwezig op de ultieme vergadering in Breda, waar het lot van de Antwerpse kandidatuur werd bezegeld. "Een stadion aan het Straatsburgdok was voor Germinal geen probleem", weet Jean Frainponts, als gewezen manager een oudgediende van de Ekerse ploeg. Nu is Fraiponts verantwoordelijk voor de internationale relaties van de club. Hij vindt het onbegrijpelijk dat Antwerpen geen stadion in de haven wilde. Petroleum Zuid ligt op een boogscheut van de Schelde, maar is net zoals het stadion van Beerschot te zuidelijk gelegen. Althans voor de polderboeren van Ekeren, zoals Fraiponts zijn eigen clubje omschrijft. "Wat was er voor een havenstad mooier dan een stadion in volle havengebied? Antwerpen wil zich altijd als een wereldhaven profileren. Met een goed stadion en Europees voetbal kon de stad hier goedkoop aan het eigen imago werken. Neen, den baron moest zo nodig dwars gaan liggen." Er kwam dus geen nieuw, neutraal stadion. De bal lag weer in het kamp van Antwerp en van voorzitter Eddy Wauters. Jaren geleden al liep Wauters rond met oogverblindende plannen voor een overdekte voetbaltempel, maar die verdwenen samen met general-manager Georg Kessler. GEEN VRAAG, GEEN ANTWOORDIn december 1996 stelde Antwerp in het provinciehuis met de nodige poeha een ander plan voor. De Nederlands-Antwerpse groep BAM-Kairos zou het stadion op de Bosuil bouwen, met de steun van de Londense roodwitte club Arsenal. "Antwerpen aan de winnende hand", zo klonk het motto van deze voorstelling. Kort nadien stuikte de constructie in mekaar. Voorzitter Wauters weigerde in zijn club een stap opzij te zetten voor de nieuwe geldschieters. De investeerders haakten af. Ook een andere geïnteresseerde, gespecialiseerd in de bouw van zogeheten baanwinkels, hield het na een aanvankelijk engagement bij Wauters en Antwerp voor bekeken. Otto International Leasing uit het Duitse Düsseldorf was de volgende in de rij. Met deze groep wilde de gewezen bankier verder gaan, maar dan moest de stad de bouwvergunning uitbreiden, die ze in december 1997 had afgeleverd. Er was namelijk weer sprake van een dak - Georg Kessler was intussen trouwens ook weer in Antwerpse loondienst. De stad weigerde de oude vergunning te wijzigen. Die zei dat in het Antwerpstadion bovenop het voetbal nog eens vijf megamanifestaties mochten worden georganiseerd. Meer zag het stadsbestuur niet zitten: een kilometer verder ligt het Sportpaleis, dat door stad en provincie nog maar net van de ondergang werd gered en waarin een extern management nieuw leven blaast. Wauters wilde van de stad een nieuwe vergunning, zonder dat hij een aanvraag indiende. "We kunnen een niet gestelde vraag niet beantwoorden", reageerde de stad koeltjes. Wauters weer furieus: de stad keldert mijn voetbalplannen. Het was niet de eerste keer dat het er tussen stad en Antwerp bovenarms opzat. Antwerp is de enige wat grotere club die in een eigen stadion speelt - Beerschot, Germinal en Berchem spelen in een stedelijk stadion, al heeft Ekeren zwaar in de infrastructuur geïnvesteerd (120 miljoen frank). Antwerp liet zijn stadion verkommeren en moest in het begin van het seizoen weken wachten voor het op de eigen Bosuil mocht aantreden. Zelfs nette heren van een keuringscommissie van Binnenlandse Zaken konden met hun zondagse schoenen het beton van de staanplaatsen simpel loswrikken. "De stad sluit ons stadion", schreeuwde Wauters verontwaardigd. Intussen is een gedeelte van het Antwerpstadion gesloopt. Over de wederopbouw heerst grote onzekerheid. Deze week vertelt het clubbestuur meer over de toekomst van de gedegradeerde ploeg. Volgens Jean Fraiponts van Germinal is "Wauters voorzitter van een club zonder stadion, zonder ploeg en zonder geld. Wauters zelf is een voorzitter zonder vrienden in het voetbal." Hoe het verder moet met de andere clubs, is evenmin duidelijk. Beerschot is volgens Karel Poma "een club die leeft van de ene dag op de andere, zonder bestuur en zonder visie." Zo hoort u het eens van een supporter. Toch gelooft Poma dat het Beerschotstadion snel en goedkoop kan worden opgekalefaterd tot een klein maar gezellig stadion (13.000 zitplaatsen) dat voldoet aan de Europese normen. Berchem, ooit in de rol van Germinal als sympathieke derde, is tegenwoordig al tevreden met een behoorlijk seizoen in vierde klasse. Het speelt in een stadion dat alleen archeologische waarde bezit. Maar het Rooi is wel goed gelegen, vlakbij de autoweg en op één rechte lijn van Berchem station - handig om baldadige zogenaamde supporters te begeleiden. Bij eerdere plannen voor een nieuw stadion stak de chique Fruithoflaan de zwarte vlag uit - naar een nieuwe confrontatie kijkt wellicht niemand in het college uit, zo kort voor de verkiezingen van 2000.MIJN COLLEGA WEEGT WAT TE LICHTIn eerste klasse blijft alleen Germinal over. De Noord-Antwerpse club acteerde 25 jaar geleden nog in een veredelde zandbak in de provinciale reeksen, maar speelt nu al drie jaar na elkaar Europees voetbal. Helaas voldoet het stadion niet aan de Europese normen. Bovendien hield de stad haar belofte van vorig jaar september niet om in de kortste keren te investeren in het stadion. De voetbalkenners op het stadhuis hoopten wellicht dat Germinal niet opnieuw Europees zou spelen. Ekeren onderzocht al of het zijn Europese thuismatchen in Beveren kon spelen. Omdat er in Antwerpen geen geschikt stadion is. Uitbreiden kan de ploeg in het groene Veltwijckpark evenmin. Vandaar het voorstel van Germinal om een nieuw stadion op te trekken op de Ekerse oefenvelden aan de Rozemaai, nabij de Havenweg. Een week eerder was Germinal-voorzitter Jos Verhaegen voor zijn doen fors uitgevallen naar de stad die haar beloften niet nakwam. Als het zo voortging, zou Germinal op termijn de weg van de andere Antwerpse clubs volgen. Het stadsbestuur begreep niets van sport, behalve schepen Verstraelen - zijn zoon speelt bij Germinal. Verstraelen sloeg in paniek. Hij kondigde aan dat de stad een nieuw stadion zou bouwen - het college wist van niets. Zijn collega Marc Wellens (CVP) oordeelde daarop dat het voetbaldossier voor Verstraelen iets te zwaar was geworden. Een goede verstaander begreep dat, volgens Wellens, schepen Verstraelen politiek iets te licht woog. De SP gaf geen signaal om kameraad Verstraelen te steunen. Na een pittige politieke week kondigde burgemeester Leona Detiège (SP) vorige week aan dat Verstraelen tegen september een businessplan van het Antwerps voetbal zou klaarstomen. Antwerp mocht verderbouwen, als het dat wilde. Met Germinal zou worden gesproken, in de hoop dat de thuismatchen niet in Beveren moeten worden afgewerkt. "Antwerpen zag het belang van sport nooit in", zegt Antwerp-man Rik Schepers. "Destijds stapte schepen Frans Detiège naar mij toe en zei: die zotte Tijsmans wil den Beerschot kopen. We zullen hem maar laten doen." Beerschot werd voor een prikje (50 miljoen) gekocht. Maar schepen Frans Tijsmans (CVP) stierf snel. Er was weer minder aandacht voor het voetbal. Schepers pakt het clubblad van 2 november 1983. Toen speelde Antwerp in de Uefacup thuis tegen de club van het Franse mijnstadje Lens. In een interview legt de socialistische burgemeester André Delelis van Lens uit dat de club het uithangbord is van de stad. Hij vertelt over de plannen om de capaciteit van het stadion tot 52.000 plaatsen op te trekken. "Volgend jaar zullen we er zeker bij zijn als Frankrijk de Europabeker voor landenteams organiseert en wie weet ook als hier ooit nog eens het wereldkampioenschap wordt gehouden." Dat was vijftien jaar geleden. Vorig weekeinde speelde Antwerp zijn voorlopig laatste wedstrijd in eerste klasse. Voor de derby tegen Germinal kwamen nog tweeduizend mensen in de half afgebroken Bosuil opdagen. Het grote nieuws was dat de supporters niet gewelddadig waren. Minder belangrijk was dat Antwerp de wedstrijd won. In Frankrijk speelde Lens landskampioen. Deze zomer organiseren onze zuiderburen het wereldkamioenschap. Ook in Lens. Antwerpen zal er in 2000 niet bij zijn.Peter Renard