Op 24 juni 1812 zette zich in een uithoek van Europa over een front van vele honderden kilometers een enorme massa in beweging. Het was de Grande Armée van Napoleon die Rusland binnenviel, Het moet een indrukwekkend spektakel zijn geweest, waarvan de acteurs zelf sterk onder de indruk waren. Meester-regisseur Napoleon stond op een heuvel, waar zijn overbekende silhouet voor de meesten goed zichtbaar was. Het leger was in groot tenue en daalde eenheid na eenheid de helling aan de Njemen af, stak de bruggen over en spreidde zich als een reusachtige olievlek over de rechteroever uit. Met z'n zeshonderdduizend waren ze, geleid door de beste veldheer aller tijden. Ze konden het niet weten, maar de meesten onder hen gingen een vreselijke ondergang tegemoet. Hoe was het toch zover kunnen komen?
...

Op 24 juni 1812 zette zich in een uithoek van Europa over een front van vele honderden kilometers een enorme massa in beweging. Het was de Grande Armée van Napoleon die Rusland binnenviel, Het moet een indrukwekkend spektakel zijn geweest, waarvan de acteurs zelf sterk onder de indruk waren. Meester-regisseur Napoleon stond op een heuvel, waar zijn overbekende silhouet voor de meesten goed zichtbaar was. Het leger was in groot tenue en daalde eenheid na eenheid de helling aan de Njemen af, stak de bruggen over en spreidde zich als een reusachtige olievlek over de rechteroever uit. Met z'n zeshonderdduizend waren ze, geleid door de beste veldheer aller tijden. Ze konden het niet weten, maar de meesten onder hen gingen een vreselijke ondergang tegemoet. Hoe was het toch zover kunnen komen?Op het scharnierpunt tussen de 18e en de 19e eeuw was de wereld een complex kluwen. Vijf machten leefden in rivaliteit naast elkaar. De twee tenoren waren Groot-Brittannië en Frankrijk, die elkaar al meer dan een eeuw lang de heerschappij te zee en te land betwistten. De strijd om de nieuwe wereld en haar vele rijkdommen en grondstoffen was in het voordeel van de Britten beslecht. Zij heersten over de zeeroutes en waren de baas in Azië en India. Wilde Frankrijk niet definitief verliezen, was het dus aangewezen op gebiedswinst binnen het Europese continent. Ook het koninkrijk Pruisen en het Oostenrijkse keizerrijk waren rivalen, met als inzet Midden-Europa, Polen, Italië en de Middellandse Zee. Ten slotte had je nog Rusland, dat als enige van het vijftal geen echte aartsvijand had.De Russische heersers lagen niet wakker van Franse territoriale expansie, simpelweg omdat het een ver-van-hun-bedshow was. Eigenlijk had men in hoofdstad Sint-Petersburg geen last van die voortdurende vetes in West-Europa. De conflicten zorgden ervoor dat er geen ongepaste aandacht ging naar de Balkan en Polen, waar Ruslands primaire belangen lagen. Maar tegen de eeuwwisseling begon er een en ander te verschuiven. Franse annexaties van het Rijnland, Zwitserland, de Nederlanden en delen van Italië baarden de Russen zorgen, waardoor de tsaar een militaire alliantie met de Britten aanging. Ook werden de Russen niet vrolijk van de totale maatschappelijk en politieke ommekeer die Frankrijk met de rest van Europa in aanvaring bracht: de Revolutie. Wat sinds 1789 in Frankrijk was gebeurd, werd door de machthebbers in de andere landen als zeer bedreigend ervaren. De republikeinse wetten, het streven naar sociale en economische gelijkheid, politieke macht voor het volk, het afschaffen van de feodale rechten... Het waren allemaal verworvenheden of streefdoelen die in strijd waren met de belangen van de absolutistische vorsten, de kerk en al wie in de rest van Europa belang had bij het status quo.In Moskou en Sint-Petersburg werd de Franse keizer door het politieke establishment als het vleesgeworden kwaad beschouwd, maar voor de meesten was dat nog geen afdoende reden voor een regelrechte oorlog. Bij de tsaar lag dat anders. Alexander I, bijgenaamd 'de Gezegende', was een ijdele, onzekere en niet zo verstandige man die de rol op zich nam van 'de ridder die een christelijk monarchale traditie verdedigde tegen de aanval van het nieuwe barbarendom'. De revolutionaire ontwikkelingen in Frankrijk mochten in geen geval doordringen tot de paupers en de werklieden en vooral niet tot de talloze ongeletterde boeren, die in Rusland nog steeds lijfeigenen waren en misschien wel oren hadden naar een lotsverbetering. Daarom nam de regering haar toevlucht tot een middel dat zo mogelijk nog doeltreffender is dan wapens: religieuze haat. Het was een goed onderhouden traditie in Rusland om de vijand te associëren met de antichrist. Ze hadden het met de Mongolen en de Turken gedaan en ook nu leek het Moskou een bruikbaar idee. Napoleon werd afgeschilderd als Abaddon of Apollyon, de 'engel des afgronds', ook al werden Ruslands belangen nergens door Frankrijk bedreigd. De tsaar had zich een anti-Franse coalitie laten aanpraten door de vleierijen en financiële beloftes van de Britse premier Pitt.In 1807 betaalde Rusland de prijs voor dat irrationele beleid, toen Napoleon een einde maakte aan de Vierde Coalitieoorlog. Midden juni van dat jaar beging de Russische bevelhebber Bennigsen een misstap nabij het plaatsje Friedland, dat in een grote bocht van de rivier de Alle ligt (de Lyna in het hedendaagse Polen). Zowel het Franse als Russische leger was op weg naar het strategische zeer belangrijke Königsberg, en Bennigsen verkeek zich op de razende snelheid waarmee Napoleon zijn troepen kon verplaatsen. Napoleon had de Russen zo snel te grazen genomen dat de tsaar halsoverkop moest vluchten terwijl de Franse soldaten bijna letterlijk aan de slippen van zijn keizerlijke mantel trokken. Eind juni begonnen de onderhandelingen. Voor de gelegenheid werd een tentenpaviljoen gebouwd op een groot vlot dat in het midden van de Njemen werd afgemeerd. Als twee verleiders verschenen de staatshoofden ten tonele, terwijl veel van hun troepen toekeken, elk vanop hun oever.Napoleon pakte het sluw aan. In plaats van Alexander draconische voorwaarden op te leggen die hij allicht toch niet zou kunnen nakomen, begon hij de verslagen vorst te vleien. Hij behandelde de jonge Rus als zijn gelijke, spreidde de kaart van Europa uit en zei langs zijn neus weg dat zij die onder hun tweetjes konden hertekenen. In de volgende dagen werden de besprekingen opgeluisterd door het soort festiviteiten waarop de Fransen een patent lijken te hebben. De twee vorsten maakten samen ritjes te paard, ze schouwden elkaars legerparades en er werden feestbanketten ingericht waarop de nodige grootspraak werd tentoongespreid. Het ene theaterstukje na het andere werd opgevoerd. Ondertussen telde Napoleon de slagen. De Russische topfunctionarissen en generaals wisten niet waar ze het hadden toen ze na drie weken feestgedruis en charmant gepalaver werden geconfronteerd met de spijkerharde slottekst van de Vrede van Tilsit. De hoogste prijs voor die vrede werd betaald door Pruisen. Friedrich Wilhelm kon nog net zijn kroon behouden, maar het Pruisenleger moest afslanken tot een onschuldige veertigduizend man. Frankrijk kreeg honderd miljoen frank herstelbetalingen, die door de Pruisische staatskas moest worden opgehoest. In het westen moest Pruisen grote delen van Hannover (en nog wat andere kleinere gebieden) afstaan aan een 'Koninkrijk Westfalen' - een verzinsel van Napoleon, die zijn broer Jérôme Bonaparte aan het hoofd van dat pas uitgevonden land plaatste. In het oosten verloor Pruisen grote gebieden aan een nieuw op te richten hertogdom Warschau. Hier legde Napoleon de grondvesten voor het nieuwe Polen, dat in de feiten een Franse waakhond aan de Russische voordeur zou zijn.De Russen zagen de nakende komst van dat nieuwe land met 15 miljoen inwoners aan hun westelijke grens als een regelrechte bedreiging voor hun nationale veiligheid. Maar wat de Russische achterban vooral pisnijdig maakte, was dat hun land zich bij het Continentaal Stelsel aansloot, de internationale anti-Britse handelsblokkade. De zakenwereld besefte onmiddellijk dat dit tonnen geld zou gaan kosten, de ministers becijferden dat het Rijk zich in economische moeilijkheden stortte. Rusland had in Tilsit zelfs beloofd om Groot-Brittannië na de economische ook de echte oorlog te verklaren indien het geen vrede sloot met Frankrijk. De inkt van het verdrag was nog niet droog of het land ging op zoek naar een manier om ervan af te komen.In september 1808 ontmoetten beide staatshoofden elkaar opnieuw in het Duitse Erfurt. Ze zouden er hun vriendschap bevestigen en verdere plannen uittekenen. Napoleon maakte er weer een spektakel van. Feesten, bals, theatervoorstellingen, georkestreerde ontmoetingen met allerlei Parijse schoonheden, actes de présence van Duitse vorsten die kwamen tonen hoezeer ze Napoleon genegen waren. De keizer haalde alles uit de kast om Alexander weer eens in te pakken. Maar anders dan in Tilsit was diens enthousiasme voor Napoleons charmeoffensief deze keer slechts valse schijn. Erfurt werd geen openlijke mislukking - want dat kon geen van beide partijen zich veroorloven - maar Napoleons rechterhand, Caulaincourt, had een slecht buikgevoel. 'De twee keizers gingen tamelijk tevreden met hun afspraken uiteen, maar in hun diepste wezen waren ze ontevreden met elkaar', zo schreef hij. Beide staatshoofden zouden elkaar nooit meer terugzien.De Russische ongerustheid werd nog groter nadat ook het machtige Oostenrijkse leger in juli 1809 tijdens de slag bij Wagram voor de bijl was gegaan. De Oostenrijkse keizer zag zich verplicht een vrede en bovendien een bondgenootschap met Frankrijk te sluiten. Een nachtmerrie voor Sint-Petersburg, waar men lang had gehoopt dat Wenen zo verstandig zou zijn om zijn krachten te sparen tot Rusland sterk genoeg was om samen front te vormen. Nooit was Napoleons macht zo groot geweest: met Groot-Brittannië als uitzondering was heel Europa nu een deel van het keizerrijk, een vazalstaat, een bondgenoot of een verslagen vijand. Napoleon wilde van Oostenrijk te allen prijze een bevriende natie maken en zag daartoe slechts één oplossing: een keizerlijk huwelijk. In de nasleep van Wagram onderhandelde hij met het Weense hof, scheidde van Joséphine en trouwde met aartshertogin Marie-Louise, de oudste dochter van de Oostenrijkse keizer. Er bestond nu een familieband tussen de voormalige vijanden en dat was in het toenmalige Europa een in beton gegoten levensverzekering. Maar had Napoleon niet tevoren gehengeld naar de hand van de Russische groothertogin Anna, het 14-jarige zusje van Alexander? Die had geaarzeld en stond nu voor joker. In Sint-Petersburg werd het huwelijk gezien als de bezegeling van een Frans-Oostenrijks complot dat alleen maar nadelig kon uitpakken voor het tsarenrijk. Een nieuwe deuk in het pact tussen Parijs en Moskou.In 1811 was Frankrijks macht ongeëvenaard en kon Napoleons glorie niet op. 'Nu begint de mooiste periode van mijn bewind', verklaarde hij enigszins voorbarig. Maar met de grote bondgenoot boterde het niet meer. Rusland had de oude veroveringsambities richting Polen en de Balkan niet opgeborgen. Volledig tegen de geest van het vriendschapsverdrag in, stuurde het agitatoren en oproerkraaiers naar Pruisen om daar de anti-Franse sentimenten te voeden. Ze waren zelfs in Wenen actief, met nauwelijks verholen pogingen om Oostenrijk los te weken van Frankrijk. Napoleons spionnen hadden het allemaal in de gaten. In de overgang van 1810 naar 1811 werd het Napoleon duidelijk dat het machtige Russische rijk steeds meer op de golflengte van Londen zat. Er was dan wel een Frans-Russische alliantie ondertekend, maar in Parijs heerste terecht de indruk dat de tsaar die steeds vaker aan zijn doorluchtige laars lapte. Vanaf dat moment zag Napoleon in Rusland een voortdurende bedreiging voor de vrede en de stabiliteit die Frankrijk zo nodig had.Op oudejaarsavond 1810 vaardigde Alexander een decreet uit waarbij de Russische havens weer opengingen voor 'neutrale' schepen (die op Britse havens voeren). Het was een zware slag voor het Continentaal Stelsel, en in de eerste dagen van 1811 werd er in alle Europese hoofdsteden over niets anders gesproken: Rusland had gebroken met Napoleon. De maat was vol.Voor de buitenwereld begon de Franse campagne tegen Rusland als een triomftocht. Door Midden-Europa trokken eindeloze legercolonnes die van overal naar het oosten oprukten. Om zich heen had l'Empereur het grootste leger verzameld dat de wereld ooit had gezien. Naast de Franse hoofdmacht - met daarbij de Belgen en de Hollanders - waren er Beierse, Württembergse, Poolse, Italiaanse, Napolitaanse, Boheemse, Spaanse en Portugese contingenten naar het oosten getrokken. Er waren zelfs 20.000 Pruisen en 30.000 Oostenrijkers bij. Samen vormden ze een leger van bijna 600.000 manschappen. Een ware kolos, maar dat was geen overbodige luxe. Rusland was niet meer de makkelijke prooi van zes jaar voordien. De tsaar had nu zelf ook een leger van naar schatting 400.000 man, onder wie 30.000 Kozakken.Het kolossale Franse leger kon niet in één grote formatie optrekken en werd daarom opgesplitst. Dat zou een heel belangrijk verschil uitmaken met alle vorige campagnes van Napoleon. Het was altijd zijn sterkte geweest om snel en flexibel te manoeuvreren, de troepen op de juiste plek en op het juiste moment samen te trekken en de tegenstander te vermorzelen nog voor die eigenlijk doorhad wat er precies aan de hand was. Deze keer zouden de omstandigheden maar ook de omvang van zijn eigen leger dit soort flexibiliteit aanzienlijk bemoeilijken. Het was Napoleon niet ontgaan dat de grens aan de Njemen zeer ver weg lag en dat de legers door minstens 300 kilometer onvruchtbare gebieden moesten trekken om die grens te bereiken. Daarna moest nog eens 950 kilometer worden afgelegd tot Moskou, waarvan zeker 500 kilometer door zeer arm en onherbergzaam gebied, vol moerassen en een wirwar van rivieren en bossen. De wegen waren primitief in Rusland, de afstanden buiten proportie, de steden lagen op zeer grote afstand van elkaar, het platteland was dunbevolkt en arm. Deze keer zou de Grande Armée niet van het land kunnen leven, zoveel was duidelijk. Er wachtten enorme bevoorradingsproblemen en Napoleon opperde aan maarschalk Davout dat ze deze keer 'alles zouden moeten meenemen'.En toch zweefde over het Franse kamp al de sfeer van de overwinning. Er waren ook gegronde redenen om de situatie positief te bekijken. Nog nooit was de Grande Armée in aantallen zo sterk geweest. Napoleon was vergezeld van zijn beste bevelhebbers: Berthier, Oudinot, Davout, Murat, De Beauharnais en Ney. Allen waren ze ervan overtuigd dat de Russen in de volgende dagen aan de andere kant van de Njemen slag zouden leveren om de aanval in de kiem te smoren. De Franse overmacht en het genie van hun opperbevelhebber zouden de klus in een of twee veldslagen klaren, zo was de algemene overtuiging bij soldaten en officieren. Dat de keizer zelf daar hetzelfde over dacht, was zijn eerste grote misrekening in de Russische veldtocht.Nam Napoleon zijn wensen voor werkelijkheid, onder druk van de nijpende bevoorradingsproblemen en de onvruchtbaarheid van de uitgestrekte vlakten waarop ze zich bevonden? Snelheid was altijd cruciaal geweest in de uitvoering van Napoleons plannen, maar ze was nu meer dan ooit levensnoodzakelijk. De grond brandde de Grande Armée onder de voeten als nooit tevoren. Snel afrekenen met de vijand was de enige optie. Dat was echter precies wat de tegenstander had verwacht.De Russische spionnen Chernyshev en Nesselrode waren er in Parijs achter gekomen dat Napoleon op grote veldslagen en snelle overwinningen rekende en ze beseften dat hij die ook zou krijgen als het Russische leger het waagde hem bij de grens aan te vallen. Ze hadden lang van gedachten gewisseld met Franse officieren die 'geen sympathie koesteren voor de huidige regering', zo schreven ze in hun uiterst geheime rapporten aan de tsaar. Hun Franse bronnen 'raadden hen aan om Napoleon niet te geven wat hij wilde, hem het binnenland in te laten trekken en te zorgen dat het Russische leger daar grote reserves achter de hand hield waarmee ze de oorlog gedurende minstens drie campagnes konden rekken'.De Pruisische adviseurs van Alexander I stelden de tsaar een nieuwe strategie voor, die erop was gericht beslissende gevechten uit de weg te gaan en de Fransen het diepe binnenland in te lokken waar ze hopelijk afgeschrikt zouden worden door een aanslepende uitputtingsoorlog. Wat er ook van zij, beide partijen hebben zich grondig vergist in elkaars wilskracht en vastberadenheid. De Fransen verslikten zich in de onmetelijkheid van het Russische territorium en de verbetenheid van de Russische soldaten, die ondanks pandoeringen en nederlagen erg gedisciplineerd en standvastig bleken te zijn. De Russen van hun kant hadden niet verwacht dat Napoleon tot in Moskou zou doorzetten. Zo kwam het dat de Grande Armée zich steeds verder en verder in Rusland moest wagen, op zoek naar een onzichtbare vijand. Napoleon holde gefrustreerd de Russen achterna, terwijl zijn soldaten bij bosjes ziek werden en de voorraden slonken. Alles wat van nut kon zijn voor de Fransen werd verbrand of verwoest door Russische Kozakken.Tegen het einde van juli was de bevoorrading een complete chaos geworden. Napoleon liet duidelijk verstaan dat de soldaten moesten pakken wat ze nodig hadden. Die staken voor hun plezier huizen en schuren in brand en piekerden er geen seconde over dat niet alleen de eigenaars maar ook hun achterop liggende medesoldaten die goederen nog hard nodig zouden hebben. De Franse opmars was nu diep doorgedrongen, maar het leger hing nog slechts als los zand aan elkaar. Hele regimenten waren zoek, er waren duizenden achterblijvers. Intussen ruilden de Russen nog steeds land in voor tijd. Zonder noemenswaardige tegenstand leverden ze Smolensk over aan de Fransen, nadat ze de stad zelf in brand hadden gestoken.Het liep dus bepaald niet gesmeerd, en intussen werd Napoleon ook in beslag genomen door de oorlog in Spanje, waar de Fransen langzaam werden teruggedreven door het Spaans-Britse leger onder leiding van de hertog van Wellington. Napoleon wist dat hij daar in het zuiden beter vroeger dan later de teugels opnieuw zelf in handen kon nemen, want als het zo doorging zouden de Britten misschien wel Zuid-Frankrijk bedreigen. En hoe zou de toestand in Parijs dan evolueren? Dus zat er in Rusland maar één iets op: verder trekken. Hij moest in deze ongewone campagne gokken en heeft meer dan eens verkeerd gegokt. Maar één gok had hij juist: de Russen konden Moskou niet opgeven zonder een grote slag te leveren. Daar lag de grote kans op een eindbeslissing. Er restten nog twee maanden fatsoenlijk weer, de Fransen waren nog steeds de sterkste en ze naderden Moskou tot op slechts 124 kilometer. De Russen konden niet anders dan voor dit nationale symbool te vechten.Allicht voor het eerst was de kwaliteit van de Grande Armée ondermaats. De Franse eenheden waren uitgedund, hadden veel goeie krachten verloren en waren nu zelfs numeriek in de minderheid. Maar ze werden wel geleid door Napoleon. Zo werd het zeven september, de datum waarop de Russische veldheer Koetoezov besloot om halt te houden en de slag met de Franse keizer aan te gaan. Het werd misschien wel de duurste dag uit de wereldgeschiedenis. In Borodino leverden de Fransen en de Russen een uitzinnige veldslag, waarbij zelfs de Eerste Wereldoorlog verbleekt. Tussen dageraad en zonsondergang kwamen 74.000 soldaten om, waaronder niet minder dan 71 generaals. Dat is alsof er elke acht minuten een volle Airbus neerstort op een oppervlakte niet groter dan Anderlecht of Deurne. Een generaal omschreef het slagveld als 'het meest weerzinwekkende tafereel' dat hij ooit had gezien. Na twaalf uur van zeer verbeten strijd moest Napoleon vaststellen dat hij geen definitieve overwinning had geboekt. De Russen waren gevlucht, maar verslagen had hij ze niet.In het andere kamp was de situatie nog rampzaliger. Koetoezov besloot om Moskou zonder strijd op te geven. Opnieuw vechten was zelfmoord. Maar zijn oordeel was schrander. 'Napoleon is een stormvloed en we ze zijn nog niet sterk genoeg om die in te dammen', zo luidde zijn uitleg. 'Moskou is de spons die hem zal opzuigen.' Die analyse heeft het lot van Napoleon bezegeld.De Fransen waren nog met honderdduizend man, één op de drie had een verwonding en iedereen was hongerig, dorstig en doodop. Op 14 september troffen ze een haast leeggelopen Moskou aan en sloegen aan het plunderen. Napoleon zelf verscheen de volgende ochtend in de stad en sloeg zijn hoofdkwartier op in het Kremlin. Onmiddellijk werd hem gemeld dat verschillende delen van de stad in een vuurzee waren herschapen. Brandstichting door Russische elite-eenheden. Zienderogen breidde het vuur zich uit, tot het tegen 4 uur in de ochtend van 16 september 1812 zelfs het Kremlin bedreigde. Napoleon wilde niet inzien dat de brand doelbewust was aangestoken en hield vol dat hij het werk was van plunderaars en ander geboefte. De waarheid was te onheilspellend om onder ogen te zien.Achteraf bekeken lijkt het wel of de brand precies dat ene katalyserende feit was dat Alexander nodig had om het tij te doen keren. Niet geheel onvoorspelbaar keerde in het Russische kamp de stemming na een paar dagen van verslagenheid om in hardnekkige vastberadenheid. Algauw was iedereen het erover eens: de Franse keizer had hun mooiste stad moedwillig vernietigd en zou nu moeten boeten voor zijn wandaad. De propaganda in Sint-Petersburg aarzelde niet en gebruikte de brand om de vaderlandsliefde bij de bevolking en de troepen nieuw leven in te blazen en ze te motiveren om nieuwe, ongeziene oorlogsinspanningen te leveren.In het brandende Moskou leek Napoleon niet te begrijpen dat hij zijn hoofd in een wespennest had gestoken. Tot nu toe was de gedachte bij de Fransen dat er na de val van Moskou in Sint-Petersburg een politieke crisis zou uitbreken, die Alexander zou dwingen een vredesakkoord te sluiten. Het feit dat dit niet gebeurde, sloeg Napoleon met verstomming. Ook bleef hij de brand als het werk van gestoorde criminelen afdoen en weigerde hij in te zien dat het een duidelijk signaal van onverzettelijkheid was. Het ontging hem dat hijzelf de schuld zou krijgen van de ramp, die de Russische eenheid en vastberadenheid alleen maar zou versterken. Deze opeenstapeling van verkeerde conclusies leidde ertoe dat de Fransen veel te lang in Moskou bleven en een behouden terugkeer dag na dag onwaarschijnlijker werd.Dag na dag bleef Napoleon nadenken en tijd verliezen. Wat was dat toch met die Russen? Waarom leek hij bij elke overwinning verder van het einddoel verwijderd te raken? Er moest iets gebeuren.Op de avond van 18 oktober heerste binnen de stadsmuren van Moskou een waar feestgedruis. De soldaten maakten zich op voor het vertrek, maar wilden zich eerst nog eens goed laten gaan. Dames van lichte zeden hadden de handen meer dan vol. Onderofficieren hulden zich in hermelijnvachten en marterpelzen en zwoeren dure eden van trouw aan hun Russische, Chinese, Mongoolse en Indische liefjes. In de warme herenhuizen, de intieme alkoven en de bruisende gelagzalen sloegen militairen nog een laatste slok Jamaicaanse rum achterover en lieten een dure geur van rose indienne uit hun ivoren tabakspijpen opwolken. De opgewekte stemming was echter niet van lange duur. Meteen na het vertrek werd het lang uitgerekte Franse konvooi verschillende keren aangevallen. Er heerste nu onrust in de ordeloze rangen.In de namiddag van 25 oktober riep de keizer de zes voornaamste bevelhebbers bij zich in het dorp Gorodnia. Ze gingen in een boerderij aan tafel zitten en Napoleon legde hen het vraagstuk voor: wilden ze deze weg aanhouden, dan zouden ze opnieuw slag moeten leveren en gingen ze opnieuw veel mensen verliezen. Terugtrekken was al evenmin aantrekkelijk, want dan ging de terugtocht langs dezelfde weg als zes weken eerder. Dat hield in dat ze opnieuw door het vermaledijde gebied zouden trekken dat ze in de voorbije veldtocht al hadden doorkruist en leeggeplunderd en waar de Russen alle infrastructuur hadden verwoest. Uiteindelijk hakte Napoleon de knoop door en koos voor de voorzichtige optie, zeer tegen zijn gewoonte in. Om Koetoezov uit de weg te gaan, besloot hij de zuidelijke route te verlaten en nog zuidwestelijker op te trekken. Het resultaat van die beslissing was dat de Fransen nu weliswaar - tijdelijk - verlost waren van het Russische hoofdleger, maar ze moesten terugkeren door een puinhoop die zich honderden kilometers ver voor hen uitstrekte. Het was een plan dat voorbestemd was om te mislukken, en Koetoezov kon zijn geluk niet op. Hij schrok zich een hoedje toen hij enkele dagen later ontdekte dat hij niet langer de prooi maar de jager was. En dat de echte prooi zichzelf de fuik in werkte.Nu ze de Fransen zo verzwakt wisten, cirkelden de Kozakken voortdurend rond de terugtrekkende troepen. Ze voerden 's nachts schijnaanvallen uit waardoor niemand nog een oog dichtdeed en hun voortdurende aanwezigheid een demoraliserend effect kreeg. De Franse infanteristen wisten dat er nauwelijks nog cavalerie voorhanden was om hen te beschermen en de Kozakken slaagden er elke dag in om kleinere eenheden of achtergebleven groepjes soldaten te omsingelen en te doden. Een irrationele angst maakte zich van vele soldaten meester en alleen al de kreet 'Kozakken!' zorgde in vele rangen voor paniek. De grognards van de Garde Impériale waren de enigen die er rustig onder bleven.Tot overmaat van ramp daalden de temperaturen scherp en sneeuwde het nu geregeld. De weg was inmiddels door tienduizenden voeten, hoeven en wielen omgeploegd tot een ruwe moddervlakte als het nat was en een schaatsbaan als het sneeuwde. Het laatste restje voedsel langs de weg was verzwolgen en het beschikbare onderdak was afgebroken door voorgangers op zoek naar brandhout. De weg was bezaaid met achtergelaten rijtuigen en wagens, dode paarden en afgedankte bagage. Het ergste van alles was dat de volgende colonnes voortdurend op een traag bewegende verkeersmassa stuitten. Toen sloeg de winter pas echt toe.Napoleon wist nog net Smolensk te bereiken, maar de temperatuur daalde zienderogen. Het werd een wedloop tegen de tijd. En tegen de achtervolgers. Aan het hoofd van de Garde verliet hij op 15 november 1812 de stad. Hij moest nu nog twee lastige rivieren over: de Dnjepr en ten slotte de Berezina. De temperatuur bedroeg overdag 25 graden onder het vriespunt. Men kon alleen nog hopen dat bij dit felle vriesweer delen van de stroom dichtgevroren waren en het ijs er dik genoeg zou zijn om de duizenden manschappen en paarden te laten oversteken.De Grande Armée was nu volkomen ontregeld. Van samenhorigheid was geen sprake meer, het recht van de sterkste was de norm. In sommige legeronderdelen maakte het geen verschil meer uit of je soldaat of officier was. Officieren moesten soms hun eigen mannen wegjagen die op zoek waren naar brandhout en van buitenaf de hut aan het slopen waren waar hun oversten in overnachtten. Er werd gevochten om elk lapje stof. Wie sliep, kon niet zeker zijn dat hij 's ochtends nog zijn schoeisel of hoofddeksel zou terugvinden. Stervenden werden niet geholpen maar uitgekleed door hun makkers, van wie elkeen zich als eerste de warmste stukjes uniform wilde toe-eigenen Men verlaagde zich tot het uiterste om aan eten te komen. De kadavers van de paarden waren bij deze temperaturen te hard om nog te versnijden, dus werd het belangrijk om nog levende paarden te vinden. Soldaten gingen achter ruiters aanlopen en wachtten een onbewaakt moment af om met hun mes een homp vlees uit het achterste van het paard te snijden. Door de kou voelde het dier dat meestal niet en de wonde bevroor meteen dicht. De dieren bleven nog dagenlang rondlopen met diepe wonden in de billen.Half november sloot de val zich rond de restanten van Napoleons leger. Hij vernam dat de oversteek van de Berezina bij Borisov door Russische troepen was ingenomen. De voorhoede van admiraal Tchitchakov had het vitale bruggenhoofd veroverd op het Poolse garnizoen dat Napoleon er had geposteerd. Achter hem voelde hij de hete adem van zijn belangrijkste en meest dreigende belager Koetoezov. Vanuit het noordwesten zakte Wittgenstein af en vanuit het zuiden rukten de legers van Tormasow en Tchitchakov naar de Berezina op. Napoleon zat gevangen. Maar hij was nog altijd Napoleon, zelfs toen zijn laatste ontsnappingsmogelijkheid in de as was gelegd. 'Ieder ander zou verpletterd zijn geweest', schreef Caulaincourt later. 'De keizer toonde zich echter tegen de rampspoed bestand. Deze tegenslagen hebben hem niet ontmoedigd, integendeel. Ze brachten alle energie in deze grote figuur naar boven; hij liet zien wat indrukwekkende moed en een dapper leger kunnen uitrichten, zelfs als alles in het honderd is gelopen.'Napoleon leek inderdaad plots weer helemaal de oude en toonde groot leiderschap en tactisch inzicht. Hij speelde het klaar om het leger van admiraal Tchitchakov in een valstrik te laten lopen. De keizer stuurde een kleine troepenmacht zuidwaarts langs de oever om voor te wenden dat men ten zuiden van Borisov wilde oversteken. De list werkte. Tchitchakov trok aan de overkant mee zuidwaarts en verliet de regio van Borisov. In het holst van de nacht liet Napoleon vervolgens het korps van Oudinot twaalf kilometer noordwaarts trekken, waar Poolse lansiers een oversteekplaats hadden ontdekt bij het dorp Studienka. De rivier was daar nauwelijks twee meter diep en twintig meter breed, maar met moerassige en ongelijke oevers. Terwijl de vijand zuidwaarts trok, kregen de pontonniers (in bruggenbouw gespecialiseerde genietroepen) van generaal Eblé het haastige bevel om onder bewaking van Oudinots eenheden twee noodbruggen te bouwen. Het werd een race tegen de klok.Terwijl honderden sappeurs de houten huizen ontmantelden en alle bomen kapten, sleepten andere soldaten het hout naar de oevers in een tempo dat duidelijk maakte dat hun leven ervan afhing. Terwijl de ijsschotsen door een langzame maar krachtige stroom voorbijdreven, bleven de pontonniers van Eblé in het water. Duizenden soldaten stonden op de oevers toe te kijken hoe de koortsachtige strijd tegen het water, de kou en de tijd verliep.Intussen stapte Napoleon onophoudelijk van het ene regiment naar het andere. De nacht van 25 op 26 november 1812 werd een van de meest cruciale die het Franse leger ooit had beleefd. Het weer speelde hen opnieuw parten, schreef kapitein Benthien: 'De vorst viel, zodat de rivieroevers met ijs werden bedekt. Ondanks alle moeilijkheden was de eerste brug binnen de acht uur klaar voor gebruik. Meteen werd de Garde Impériale naar de overkant gestuurd. Napoleon kon opnieuw ademhalen. In de daarop volgende uren werd Studienka het nieuwe, finale verzamelpunt van alles wat Frans was. Duizenden soldaten staken het water over, maar de Russen waren aangkomen. Een waar inferno brak nu los. Russische kanonnen bestookten de vluchters vanop de heuvels. Delen van de bruggen stortten in en werden prompt hersteld. In de vooravond van 27 november was het grootste deel van het leger aan de veilige kant van de Berezina geraakt. Het was een fenomenale strategische overwinning voor Napoleon, maar de kostprijs was gigantisch. Niemand heeft ooit precies kunnen berekenen hoeveel mensen in die driedaagse operatie aan de Berezina zijn omgekomen. De meest waarschijnlijke schatting houdt het op 25.000 actieve soldaten, achterblijvers en burgers.In de nacht van 29 november 1812 werd het plots nog kouder. Er stak een sneeuwstorm op en de dokters van Napoleon namen de maat van het weer: min dertig graden. De uithoudingsproef was nog lang niet voorbij. Het grootste deel van de laatste voorraden en hulpmiddelen was aan de andere oever van de Berezina achtergelaten, de schoenen van de meeste soldaten waren helemaal kapot, mantels hingen aan flarden. Buiten enkele laatste eenheden van de Garde was het leger nu in volledige staat van ontbinding, zonder enige vorm van discipline. Tegen beter weten in verlieten soldaten de rangen om uit te zwermen over het platteland, op zoek naar eten. Dat was precies wat de Kozakken wilden. Ze maakten jacht op de verwilderde, geïsoleerde soldaten en kregen er duizenden te pakken. Het werd 5 december. Bij een temperatuur van min 37,5 graden besloot Napoleon om het voor gezien te houden. Hij keerde terug naar Parijs en liet het leger achter onder bevel van Murat. Heeft Napoleon zijn leger in de steek gelaten? Objectieve historici denken van niet. Hij had zijn soldaten bijna tot aan de Njemen gebracht en mocht er eigenlijk van uitgaan dat zijn bevelhebbers het verder wel zonder hem af zouden kunnen. Nog langer in dit onveilige gebied blijven, hield nog een ander gevaar in. Sommige bondgenoten, zoals de Duitsers, zouden misschien in verleiding komen om zijn terugkeer naar Frankrijk te belemmeren nu hij in een heel kwetsbare positie zat. Of zoals hij aan Caulaincourt zei: 'Ik kan in de huidige toestand alleen nog mijn greep op Europa behouden vanuit de Tuilerieën.' Het was allicht een juiste beslissing.Veel minder oordeelkundig was de aanstelling van zijn zwager Murat, die er als nieuwe opperbevelhebber niet in slaagde om de situatie onder controle te krijgen. De veilige stad Vilnius gaf hij op. Wat restte van het leger, klapte in elkaar. Op die manier eindigde het tragische epos van de Grande Armée, het machtige keizerlijke leger van zelfverzekerde soldaten dat die zomer triomfantelijk de Njemen was overgestoken. Het is onmogelijk om met absolute zekerheid vast te stellen hoe de ware balans eruitziet. Op 24 juni waren een slordige 600.000 Franse troepen de Njemen overgestoken. Tegen Nieuwjaar bleven daar nog 93.000 man van over. De grootste verliezen werden bovendien geleden in de hoofdmacht van Napoleon, bij Ney en Murat. Zij hadden 450.000 soldaten onder hun hoede, waarvan amper 25.000 verhakkelde overlevenden weer bij de Njemen raakten. De flanklegers verging het net iets beter. Schwarzenberg, Macdonald, Augereau en Reynier konden samen nog een kleine 70.000 actieve soldaten Rusland uit krijgen. Hoe al die verliezen er in detail uitzien, is tot op heden een puzzel. Afhankelijk van de verschillende berekeningswijzen die de historici van de betrokken landen hanteren, variëren de verliezen aan Franse zijde van minstens 250.000 tot zelfs 400.000 mensen. Slechts een kwart van die slachtoffers zou gevallen zijn in echte gevechten, de rest bezweek onderweg aan ziekte en koude. Minstens 50.000 mannen deserteerden.Ook de Russen kregen formidabele klappen, met naar schatting 300.000 doden, van wie er 175.000 tijdens gevechten zijn gevallen. De verliezen waren zo enorm dat maarschalk Koetoezov ze uiteindelijk zelfs niet aan zijn eigen officieren durfde te vertellen. Van de 97.000 man die hij enkele weken voor het jaareinde had, was rond Nieuwjaar minder dan de helft nog beschikbaar. Maar de klus was geklaard. De oude maarschalk was apetrots maar relativeerde zijn overwinning meteen zelf. Koetoezov was verbaasder dan wie ook dat hij Napoleon had verjaagd: 'Als iemand twee of drie jaar geleden tegen me had gezegd dat het lot mij zou uitkiezen om Napoleon ten val te brengen, de reus die heel Europa bedreigt, had ik hem in zijn beker gespuugd.' Koetoezov was terecht een zeer bescheiden overwinnaar, want de grootste tegenstander van Napoleon in Rusland was hijzelf geweest.Vanaf dag 1, nog voor één Franse soldaat een voet op Russische bodem had gezet, heeft de keizer fouten gemaakt die de uitkomst van de campagne hypothekeerden. Om te beginnen was het hoogmoedig om twee grote campagnes tegelijkertijd te voeren. Op een of andere wijze had Napoleon eerst een oplossing in Spanje moeten bedenken vooraleer hij het enorme Rusland aanviel. De Spaanse oorlog blokkeerde tweehonderdduizend van zijn beste soldaten. Doordat die niet beschikbaar waren, moest Frankrijk zijn Duitse bondgenoten goedschiks en kwaadschiks dwingen om troepen te leveren voor de Russische veldtocht. Zijn afhankelijkheid van Oostenrijkse en Pruisische soldaten en officieren die nog niet zo lang voordien zijn vijanden waren geweest, betekende een onmiskenbare verzwakking de Grande Armée. Het was ook een politieke blunder om die landen te betrekken in een oorlog die was begonnen om de economische sancties van het Continentaal Stelsel af te dwingen, terwijl die sancties even slecht vielen in Wenen en Berlijn als in Sint-Petersburg. Daarbij kwam nog het taalprobleem tussen al die deelnemende naties, waardoor de toch al moeilijke communicatie op dat enorme terrein nog hachelijker werd. En hoe kon je hopen op een goede samenwerking tussen bijvoorbeeld troepen uit Polen en Pruisen, terwijl beide landen onderling in diepe twisten verwikkeld waren?Hoogmoed lag ook aan de basis van zijn onderschatting van tsaar Alexander. Die was niet langer de naïeveling van Tilsit, maar Napoleon bleef hem systematisch onderschatten. Zo had hij niet voorzien dat Alexander plots een vredesakkoord met Turkije sloot waardoor tienduizenden extra Russische soldaten tegen de Fransen konden worden ingezet. Napoleon vond ze op zijn weg aan de Berezina, waar Tchitchakov hem bijna de pas kon afsnijden. Het allergrootste probleem dat Napoleon voor de aanvang van de campagne onopgelost liet, was echter de bevoorrading. Er waren wel degelijk voorraden, alleen kwamen ze zelden aan op de juiste bestemming. Ontelbaar veel Franse soldaten zijn buiten de gevechten omgekomen, simpelweg omdat ze geen eten hadden en er te weinig paarden overbleven om de voorraden door de eindeloze Russische wildernis te slepen.Ten slotte was de campagne in Rusland eigenlijk een tocht naar nergens. Ze had geen duidelijk objectief. Bij aanvang was het nooit Napoleons bedoeling geweest om tot in Moskou te gaan, maar een ander exact geografisch doel had hij evenmin. Enkele stevige veldslagen en het zou voor elkaar zijn, was zijn gedachtegang. Dat gebrek aan visie leidde tot twijfel en cruciaal tijdverlies, zowel in Smolensk, waar hij te lang wachtte om naar Moskou te trekken, als in Moskou zelf, waar hij bleef denken dat Alexander nu wel genoeg klop had gekregen. De fatale vergissing maakte hij echter meteen na het vertrek uit Moskou. De aanvankelijke keuze om terug te keren via de vruchtbare en nog ongerepte provincie Kaluga was de juiste. Het leger zou er eten vinden en Smolensk kunnen bereiken met behoud van de meeste paarden, mannen en kanonnen. Maar één enkele confrontatie met Koetoezov in Maloyaroslavets, die hij dan nog won, deed hem op zijn beslissing terugkeren. Hij stuurde het leger opnieuw langs de totaal leeggeplunderde westelijke route, waar sneeuw en koude hen opwachtten. Die ene denkfout, die ene fundamentele beslissing, genomen in een povere boerenhut in Gorodnia, heeft het lot van de Grande Armée en eigenlijk van het hele keizerrijk bezegeld. Niet één keer hebben Koetoezov, tsaar Alexander of eender welke andere Russische leider het initiatief in 1812 in handen gehad. Het was Napoleon zelf die in Rusland tegen de limieten van zijn kunnen aanbotste.