Het kon niet uitblijven dat na het succes van Het bezoek van de lijf-arts, de historische roman waarmee Per Olov Enquist (1934) een jaar geleden in onze contreien doorbrak, ook ander en eerder werk van de Zweedse schrijver vertaald zou worden. De uitgever had kunnen opteren voor de heruitgave van romans die lang geleden al eens met minder succes door andere uitgeverijen in het Nederlands waren uitgebracht, zoals Het record en Geen asiel voor legioensoldaten. Beide boeken waren zogenaamde documentaire romans, dat wil zeggen verhalen waaraan intens onderzoekswerk was voorafgegaan. Het record gaat over een kogelslingeraar die bedrog pleegt door te gooien met een kogel waarvan het gewicht frauduleus lichter is gemaakt. De publicatie van dit verhaal, waarin Enquist met kennis van zaken de geldbelangen achter het sportbedrijf 'ontmaskerde', was een evenement in de jaren zeventig, want een sportroman was...

Het kon niet uitblijven dat na het succes van Het bezoek van de lijf-arts, de historische roman waarmee Per Olov Enquist (1934) een jaar geleden in onze contreien doorbrak, ook ander en eerder werk van de Zweedse schrijver vertaald zou worden. De uitgever had kunnen opteren voor de heruitgave van romans die lang geleden al eens met minder succes door andere uitgeverijen in het Nederlands waren uitgebracht, zoals Het record en Geen asiel voor legioensoldaten. Beide boeken waren zogenaamde documentaire romans, dat wil zeggen verhalen waaraan intens onderzoekswerk was voorafgegaan. Het record gaat over een kogelslingeraar die bedrog pleegt door te gooien met een kogel waarvan het gewicht frauduleus lichter is gemaakt. De publicatie van dit verhaal, waarin Enquist met kennis van zaken de geldbelangen achter het sportbedrijf 'ontmaskerde', was een evenement in de jaren zeventig, want een sportroman was (en bleef) een zeldzaamheid. Zijn roman Geen asiel voor legioensoldaten wekte opschudding omdat Enquist er een schandalig historisch feit in etaleerde. Zweden, dat altijd trots op zijn onbezoedeld blazoen was geweest, had in 1946 een groep Balten die - sommigen vrijwillig, anderen onder dwang - onder Hitler hadden gediend, aan de Sovjet-Unie uitgeleverd. Voor de publieke opinie was het duidelijk dat de Balten, die met het wapen van de hongerstaking een gunstiger wending aan hun lot trachtten te geven, geen enkele kans maakten om in de Sovjet-Unie aan de dodelijke wraak van Stalin te ontsnappen. Om na te gaan wat een hongerstaking met een mens deed, raakte Per Olov Enquist zelf zijn voedsel gedurende een aantal dagen niet aan. Op die manier poogde hij zich beter in het onderwerp van zijn roman in te leven. In een begeleidend woord dat destijds bij de publicatie van Het record werd gevoegd, merkte vertaler Bernlef op dat dit boek, net als Geen asiel voor legioensoldaten, tot Enquists 'reportageromans' behoorde, in tegenstelling tot zijn allereerste romans, die helemaal tot de wereld van de fictie moesten worden gerekend. Bernlef doelde op vier romans die allemaal in de jaren zestig verschenen, waaronder ook De vijfde winter van de magnetiseur die nu, bijna veertig jaar later, in het Nederlands is vertaald. Maar bij nader toezien gaat het ook hier om een verhaal dat zijn wortels in de geschiedenis heeft. Bovendien zijn de historische feiten slechts hulpmiddelen die dienen om het fabuleren op gang te brengen. In De vijfde winter van de magne- tiseur maken we kennis met Friedrich Meisner, een zwerver die eind achttiende eeuw een levende weerlegging lijkt te zijn van het rationalisme dat in heel Europa veld wint. Voor Claus Selinger, die zelf arts is in het Duitse plaatsje Seefond waar Meisner zich vestigt, is de komst van de wonderdokter een bron van gewetenskwellingen. Selinger, die weet dat Meisner niet eens de elementairste regels van de geneeskunst beheerst, raakt toch helemaal in de ban van de goeroe. Meisner is immers geslaagd waar alle anderen faalden: na enkele behandelingen heeft hij Anna, de blinde dochter van Selinger, van haar kwaal genezen. Het meisje kan weer zien. Maar het geloof van Selinger in de miraculeuze krachten van Meisner neemt weer af als hij de charlatan, die zich snel verrijkt en terloops ook wel eens een vrouwelijke patiënt verkracht, op flagrant bedrog betrapt. Het verhaal heeft niet veel om het lijf. Het is niet verkeerd om er een illustratie in te zien van de strijd tussen bijgeloof en rationalisme. Maar de kern van de zaak is toch wel dat Enquist hier de parabel opvoert van het onstuitbaar succes van de rattenvanger, van de valse leider en de charlatan die carrière maakt in een wereld die snakt naar wonderen en verlossing. Hier en daar smokkelt Enquist verwijzingen naar de jaren dertig en naar de opgang van Hitler mee in het verhaal en ontneemt hij ons de zekerheid dat zulke rampspoed zich niet meer zal voordoen. Uiteindelijk zie je dat deze roman van Enquist zich steeds verder van zijn historische bronnen verwijdert en een meditatie wordt over de vermommingen van het kwaad dat onuitroeibaar is. Of het nu gaat om de Führer of om een andere verleider die volkeren in de vernieling meesleurt, ook voor hen geldt wat volgens Enquist voor Meisner opgaat: 'Hij zal niet sterven, hij zal leven. Hij zal voortdurend voor ons staan, verleidend en overtuigend, vervuld van de macht die onze geestdrift hem geeft.'De vijfde winter van de magnetiseur, die niet al te best is vertaald, is echter geen meesterwerk. De taal is vaak melig en pseudo-diepzinnig. Het is maar de vraag of de uitgever met de late publicatie van dit jeugdwerk de schrijver van de onvolprezen roman die Het bezoek van de lijfarts is, wel een dienst heeft bewezen. Piet de MoorPer Olov Enquist, 'De vijfde winter van de magnetiseur', uit het Zweeds vertaald door Cora Polet, Ambo/Amsterdam, 232 blz., a 22,50. De taal is vaak melig en pseudo-diepzinnig.