Artikel 23 van de Universele Verklaring zegt het volgende.
...

Artikel 23 van de Universele Verklaring zegt het volgende. 1. Een ieder heeft recht op arbeid, op vrije keuze van beroep, op rechtvaardige en gunstige arbeidsvoorwaarden en op bescherming tegen werkloosheid. 2. Een ieder, zonder enige achterstelling, heeft recht op gelijk loon voor gelijke arbeid. 3. Een ieder, die arbeid verricht, heeft recht op een rechtvaardige en gunstige beloning, welke hem en zijn gezin een menswaardig bestaan verzekert, welke beloning zo nodig met andere middelen van sociale bescherming zal worden aangevuld. 4. Een ieder heeft het recht om vakverenigingen op te richten en zich daarbij aan te sluiten ter bescherming van zijn belangen.Stel je voor dat een burger een bedrijf binnenstapt met Artikel 23 van de Universele Verklaring in de hand, en aan de directeur zegt: "Ik heb recht op werk, geef er me een job in uw bedrijf!" Het lijkt belachelijk, maar nochtans heeft de Staat de verplichting opgenomen om dit Mensenrecht effectief te maken. Het recht op werk is niet alleen vastgelegd in het Pact van de Verenigde Naties over sociale, economische en culturele rechten (1966) dat door België is geratifieerd, het is zelfs ingeschreven in de Belgische grondwet. De actie van de overheid in de meeste westerse landen beperkt zich meestal tot de verbetering van de toegang tot de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld door vormingsprogramma's, of tot het opvangen of reclasseren van werklozen. Kan het recht op werk - in zijn algemeenheid - door wetteksten geregeld worden? Kan een ongunstige economische conjuctuur het niet respecteren van dit recht door de overheid verantwoorden? Welke is de bewegingsruimte van een politieke overheid in dit soort dossiers?DE HEFBOOM TOT DE ONTWIKKELINGDe zeven basisconventies van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) garanderen de fundamentele mensenrechten rond arbeid in de wereld: de vrijheid van vereniging, het recht op collectieve onderhandelingen, de gelijke beloning van man en vrouw en niet-discriminatie in het algemeen, het verbod op dwangarbeid en het verbod op kinderarbeid. De IAO werkte recent een achtste basisconventie uit over de meest onduldbare vormen van kinderarbeid. Deze basisnormen van de IAO overal ter wereld doen naleven, blijft een belangrijk doel voor de arbeiders- en de derdewereldbeweging, die mekaar daarrond alsmaar beter vinden. Arbeid, tevens een hefboom tot ontwikkeling, wordt immers door de economische globalisering wereldwijd bedreigd: arbeidsomstandigheden verslechteren en veel banen verdwijnen. In eigen land was Renault Vilvoorde een pijnlijk maar sprekende illustratie van dit fenomeen. Globalisering verloopt via privatisering, liberalisering en deregulering op de wereldmarkt, waarbij multinationale ondernemingen en internationale financiële instellingen een sleutelrol spelen. Sociale organisaties - vakbonden, niet-gouvernementele ontwikkelingsorganisaties, mensenrechtenorganisaties, milieuorganisaties, volksorganisaties - moeten meer greep krijgen op multinationale ondernemingen en de financiële sector. In Vlaanderen werkt "Werk aan de Wereld" (een uniek samenwerkingsverband tussen vakbonden en ngo's) mee aan consumentenacties, die van bedrijven uit de kleding- en de sportschoenensector betere arbeidsomstandigheden willen afdwingen. Naast consumenten- en vakbondsacties is ook politieke regelgeving door nationale en internationale overheden nodig. Op dit terrein formuleerde "Werk aan de Wereld" een politiek dossier met eisen aan de Belgische regering. Tijdens de slotmanifestatie op 18 oktober op de Heizel in Brussel worden de standpunten geconfronteerd met de reacties van de regering.Erik Todts, Oxfam-Solidariteit, Voorzitter stuurgroep "Werk aan de Wereld". Meer informatie: Werk aan de Wereld, Vlasfabriekstraat 9 1060 Brussel Tel: 02/5392620 work.world@ncos.ngonet.be Web: http://www.waw.ngonet.be/ Deze reeks is een gemeenschappelijk initiatief van de Liga voor Mensenrechten, Amnesty International Vlaanderen, Artsen zonder Grenzen, Oxfam-Solidariteit en de uitgever van Knack.