Een Franse rechtbank oordeelde op 20 november dat Yahoo, de grootste portaalsite ter wereld, Franse surfers van sommige webpagina's moet weren. Verschillende burgerrechtenbewegingen hadden de internetgigant beschuldigd van het aanzetten tot discriminatie en rassenhaat. Op de veilingsite van Yahoo kun je namelijk antisemitische memorabilia kopen, zoals badges, wapens en uniformen. De verkoop daarvan is in Frankrijk verboden, maar niet in de Verenigde Staten. Yahoo verwijderde de inhoud al van de Franse website, maar dat bleek niet voldoende. De Fransen kunnen immers een omweg la...

Een Franse rechtbank oordeelde op 20 november dat Yahoo, de grootste portaalsite ter wereld, Franse surfers van sommige webpagina's moet weren. Verschillende burgerrechtenbewegingen hadden de internetgigant beschuldigd van het aanzetten tot discriminatie en rassenhaat. Op de veilingsite van Yahoo kun je namelijk antisemitische memorabilia kopen, zoals badges, wapens en uniformen. De verkoop daarvan is in Frankrijk verboden, maar niet in de Verenigde Staten. Yahoo verwijderde de inhoud al van de Franse website, maar dat bleek niet voldoende. De Fransen kunnen immers een omweg langs de Amerikaanse site maken. Met de uitspraak is een precedent geschapen: een nationale regering legt haar plaatselijke wetten op in een wereld die tot nu toe alle grenzen oversteeg. Maar het belang daarvan moet niet overdreven worden. Een internationaal opererend bedrijf dient zich aan de lokale wetgeving aan te passen. Dat geldt voor gewone multinationals, dus waarom niet voor internetbedrijven? Bovendien verbiedt de portaalsite uitdrukkelijk het veilen van organen, drugs, sigaretten en levende wezens. Ondanks het door de Amerikanen zo gekoesterde recht op vrije meningsuiting. Eerder dit jaar argumenteerde Yahoo dat het weghouden van Franse surfers technisch onmogelijk is, maar drie opgetrommelde experts dachten daar begin deze maand anders over. Volgens hen kan tot negentig procent van de Franse surfers de toegang tot de bewuste pagina's worden geweigerd. Twintig procent zou wegblijven door het screenen van zoektermen of het laten invullen van een vrijwillige 'verklaring van identiteit'. Zeventig procent zou de toegang ontzegd worden op basis van zijn IP-adres. Het controleren van het IP-adres gebeurt nu al op grote schaal, onder andere door Yahoo zelf. De techniek laat het toe gerichter te adverteren en bijvoorbeeld ook verschillende prijzen per land te hanteren. Als je op een buitenlandse site vooral Nederlandstalige reclamebanners te zien krijgt, mag je ervan uitgaan dat je IP-adres werd geverifieerd. Dat betekent overigens nog niet dat ze weten wie je bent. Wie met een analoge modem op internet gaat, krijgt telkens weer een ander nummer toegewezen (er is een beperkt aantal nummers voor een grotere groep mensen. Daarom is de lijn soms bezet). Een breedbandverbinding biedt wel een uniek IP-adres, maar sommige providers veranderen dat nummer op geregelde tijdstippen om te verhinderen dat surfers zelf een server gaan opzetten. Ook de nationaliteit is niet altijd te achterhalen. Er zijn websites die het toelaten je IP-adres tijdens het surfen door elkaar te gooien (bijvoorbeeld www.anonymizer.com). Dat soort sites is een hulpmiddel voor mensen die zich zorgen maken over hun privacy. Je kunt er anoniem mee surfen en zo verhinderen dat je persoonlijke gegevens worden misbruikt. Maar je kunt er ook de filter van Yahoo mee omzeilen. De virtuele 'grenscontrole' is dus niet sluitend, maar dat is ook het geval in de echte wereld. Kris De Decker