Aan heteroseksuelen willen uitleggen wat homoseksualiteit is, is net zoiets als het evangelie uitleggen aan kinderen die zwaar verslaafd zijn aan televisie: het enige dat ze onthouden, zijn een os, een ezel en Mickey Mouse in het midden." (Aldo Busi, Sodomies in Elevenpoint) Met dit citaat begint de Amerikaanse auteur Gary Indiana zijn boek De laatste roes ( Three Month Fever), een reconstructie van het leven van Andrew Cunanan, die in april 1997 modeontwerper Gianni Versace vermoordde. Het uitdagende citaat én het voorwoord verraden al veel over inhoud en toon van het boek. Indiana is kwaad. Niet zozeer op de moordenaar - die naast Versace nog vijf andere mannen ombracht - maar op de huichelachtige Amerikaanse maatschappij, de sensationele Amerikaanse pers, de ondeskundige profielschetsers van seriemoordenaars, de leugenachtige bekenden en zogenaamde vrienden van moordenaar en slachtoffers, en opmerkelijk genoeg ook op het beroemdste slachtoffer, Versace, die na zijn dood ten onrechte bijna tot heilige werd verklaard. En dat voor een man die ooit poch...

Aan heteroseksuelen willen uitleggen wat homoseksualiteit is, is net zoiets als het evangelie uitleggen aan kinderen die zwaar verslaafd zijn aan televisie: het enige dat ze onthouden, zijn een os, een ezel en Mickey Mouse in het midden." (Aldo Busi, Sodomies in Elevenpoint) Met dit citaat begint de Amerikaanse auteur Gary Indiana zijn boek De laatste roes ( Three Month Fever), een reconstructie van het leven van Andrew Cunanan, die in april 1997 modeontwerper Gianni Versace vermoordde. Het uitdagende citaat én het voorwoord verraden al veel over inhoud en toon van het boek. Indiana is kwaad. Niet zozeer op de moordenaar - die naast Versace nog vijf andere mannen ombracht - maar op de huichelachtige Amerikaanse maatschappij, de sensationele Amerikaanse pers, de ondeskundige profielschetsers van seriemoordenaars, de leugenachtige bekenden en zogenaamde vrienden van moordenaar en slachtoffers, en opmerkelijk genoeg ook op het beroemdste slachtoffer, Versace, die na zijn dood ten onrechte bijna tot heilige werd verklaard. En dat voor een man die ooit pochte: "Ik kan in twee uur drie miljoen dollar uitgeven." Geilen op beroemdheden; Cunanan bestempelen als "een echte sociopaat", terwijl veel bewonderde figuren in de Amerikaanse samenleving als succesvolle sociopaten gekenschetst kunnen worden; Cunanan gretig gebruiken om de bange fantasieën van het publiek over homo's en wat ze met elkaar in bed doen aan te wakkeren: dat alles schoot Indiana zwaar in het verkeerde keelgat. Behalve schrijver is hij ook kunstcriticus, kunstenaar, filmmaker, fotograaf. Met romans als Horse Crazy en Rent Boy maakte hij naam: hardboiled verhalen over het New Yorkse homoseksuele milieu, met name de zelfkant; seks, drugs en geweld; de verwoestende invloed van aids; niet vies van thrillerelementen, snel, vaardig, vaak met zwartgallige humor geschreven. Zijn voorlaatste boek, Resentment, was een roman gebaseerd op het leven van de broers Lyle en Erik Menendez, die de Verenigde Staten een van de beruchtste oudermoordzaken bezorgden. In het voorwoord van De laatste roes benadrukt Indiana niet het true crime-genre of non-fictie à la Capote te willen bedrijven, maar "een pastiche waarin ik elk van deze onbevredigende methoden zou willen laten opgaan". Daartoe heeft hij gebruikgemaakt van romantechnieken, van de betrouwbaarste bronnen in deze zaak - onder meer politierapporten en FBI-materiaal -, van getuigenissen van informanten voor wier betrouwbaarheid hij niet altijd kan instaan, en van zijn eigen visie op personen en gebeurtenissen. Daarbij geeft hij grif toe dat het een zo geloofwaardig mogelijk, maar niet bepaald naadloos verslag is geworden, waarbij hij een onontkoombaar gefingeerd beeld heeft geschetst, met speculaties over de contacten tussen moordenaar en slachtoffers. "Het was zelfs cruciaal te speculeren over de eigenaardigheden van Cunanans psyche en solitaire gedrag - ik wilde deze persoon voor de lezer vooral áls persoon tastbaar maken." Sommige dingen weet Indiana niet zeker, maar hij voelt dat het zo gegaan moet zijn.ECHTE VRIENDEN, GROTE LIEFDESEen aanvechtbaar argument, dat wél duidelijk maakt wat de auteur de lezer biedt: Cunanan volgens Indiana. Hij heeft er ongetwijfeld a hell of a job aan gehad, zijn grondige onderzoek tot in de kleinste details is op de voet te volgen, zijn zeer gekleurde persoonlijke visie ook. Andrew Cunanans persoonlijkheid - en levensverhaal - is al fascinerend en gruwelijk op zich. Hem af te doen als een pathologische leugenaar, zoals velen die hem ontmoetten in de loop der tijd deden, zou te makkelijk zijn. Dat blijkt ook uit "de ontknoping": zes moorden, de een nog afschuwwekkender dan de ander. Een duizelingwekkende opsomming van slechts een greep uit de gegevens. Een Filipino-Amerikaan, als kind al zo begaafd dat hij op zijn zesde uit de bijbel citeerde. Moeder zeer godsdienstig, vader een loser. Kind leert al vroeg zich te presenteren zoals de mensen willen. Knap uiterlijk, onderhoudend, bereid diverse persoonlijkheden aan te nemen, als ze maar interessant en intrigerend zijn. Verzwijgt feit dat hij homo is voor zijn ouders. Trekt in high school, op de universiteit, en daarna, alle aandacht naar zich toe. Laat zich onderhouden door oudere man, met wie hij veel reizen maakt. Belezen, genereus, brengt mensen in verlegenheid met te dure cadeaus, als merkkleding. Meet zich diverse identiteiten en bijpassende namen aan. Is wanhopig op zoek naar Echte Vrienden en Grote Liefdes. Stoot mensen net zo hard weer af als hij ze aantrekt. Ontleent aan een boek de persoon die hij wil zijn: de meester, met volledige macht over zijn slaaf. SM, steroïden, Xanax, pijnstillers, later drank. Geld, succes, wanhoop, onttakeling, geen geld meer, verloren illusies, "verraad" vrienden, desastreuze afloop, stemmen in hoofd, moorden en zelfmoord. Zoals gezegd: een onmogelijke opsomming. Van een buitenstaander, een lezer. De auteur Indiana is, zoals dat heet, in het hoofd van de moordenaar gekropen. In dit geval een homoseksuele seriemoordenaar. Indiana's mengeling van stijlen, van objectieve feiten en subjectieve interpretaties is even duizelingwekkend als de opsomming. Zag Andrew Cunanan, in zijn schuilplaats na de moord op Versace, echt een poster met de tekst: "Ik heb de orkaan Andrew doorstaan"? Dacht hij toen inderdaad: "Nou, ik niet." Waarna hij ging liggen en het pistool in zijn mond stak. Ik weet het niet. Indiana weet het wel. Zoals hij ook weet dat Andrew er heel mooi uitzag, nadat de kogel was rondgestuiterd in zijn schedel zonder zijn gezicht te beschadigen, in strijd met alle berichten.Gary Indiana, "De laatste roes", Contact, Amsterdam, 286 blz., 1000 fr.Ineke van den Bergen