Het succes van de traditionele afdelingen van de grote academies neemt toe. Ook in de lokale academies van het deeltijds kunstonderwijs klinken triomfantelijke kreten: tot 15 procent meer inschrijvingen. In Het Laatste Nieuws lieten de directeurs van de academies van Hamme, Hove en Poperinge onlangs weten dat het tv-programma De Canvascollectie getoond heeft dat ze 'geen zondagsschilders' opleiden, dat ze voor 'echte kwaliteit' staan. Geen conceptuele kunst ('praatjes') meer, want 'de man in de straat had er niets aan'. Neen, tijd om weer te werken 'met potlood en penseel'.
...

Het succes van de traditionele afdelingen van de grote academies neemt toe. Ook in de lokale academies van het deeltijds kunstonderwijs klinken triomfantelijke kreten: tot 15 procent meer inschrijvingen. In Het Laatste Nieuws lieten de directeurs van de academies van Hamme, Hove en Poperinge onlangs weten dat het tv-programma De Canvascollectie getoond heeft dat ze 'geen zondagsschilders' opleiden, dat ze voor 'echte kwaliteit' staan. Geen conceptuele kunst ('praatjes') meer, want 'de man in de straat had er niets aan'. Neen, tijd om weer te werken 'met potlood en penseel'. Het verbrede kunstbegrip van Joseph Beuys is allang weer danig versmald. Men verwacht dezer dagen alle heil van prettige, kleurrijke dingen waarin de man in de straat iets prettigs en kleurrijks herkent. Het formaat is bij voorkeur klein, want iemand moet het kunnen kopen en boven zijn schouw hangen. Men bezoekt de academie om er de knepen van het vak te leren - soms om zelf beroepskunstenaar te worden, vaker met het oog op een vaste job in het kunstonderwijs. Eigen aan de voorstanders van het versmalde kunstbegrip is ook dat ze graag in competitie treden met elkaar, en wedstrijden winnen om tot de beste gekroond te worden en extra publiciteit binnen te rijven. Als dat voor de camera's van de openbare omroep kan gebeuren, des te beter. De format van DeCanvascollectie voldeed ruimschoots aan die verwachtingen. De guerrillero's van In Situ3, daarentegen, behoren tot de zeldzaam geworden adepten van een verbreed kunstbegrip. Bij het hele gedoe rond DeCanvascollectie hadden ze dus weinig te zoeken. Ze beperkten zich, in het beste geval, tot toekijken. Lode Geens is nog het mildst: 'Ik heb wel gekeken, omdat ik alles apprecieer wat aan beeldende kunst op tv komt. Niet dat ik het goed vond, maar ik ben al blij dat er íéts is. Vijftig procent was tenenkrullend, maar de andere vijftig procent was wel oké.' Philip Janssens was niet onder de indruk. 'Twee schilderijen en een foto, dan weet je toch genoeg', zegt hij over de gelauwerde werken van DeCanvascollectie. 'Voor wie is dat programma? Als je een educatief profiel wilt aannemen, doe het dan goed. Dat moet ordentelijk zijn. Ik begrijp het echt niet, het was net een pensenkermis. Er gebeuren toch al keiveel boeiende dingen die je kunt filmen? Wat is het nut van zoiets artificieels uit de grond te stampen?' Janssens richtte, met twee medeafgestudeerden van 2006, Lieve Sysmans en Steven Elsen, de vzw Logement op. Tot nader order is het een ambulant initiatief met projecten op bijzondere locaties. Binnenkort biedt het kunstenaars een plaats waar ze lang kunnen blijven en een project kunnen uitwerken. Voor zijn eindwerk had Janssens tweelingen verzameld in de vroegere ruimte van In Situ3 in de Lange Nieuwstraat. Hij scheidde elk paar netjes in tweeën en verdeelde de twee identieke groepen over elkaar spiegelende kamers. Een uiterst intrigerende visuele ervaring voor de bezoekers. Later herhaalde hij het experiment tijdens een rondvaart met de Flandriaboot. Ook Janssens leerde vakmanschap op prijs stellen, toen hij in het Masereelcentrum in Kasterlee met de beste drukkers te maken kreeg. Ze brachten hem de principes van de steendruk bij, en zo kan hij zich het diepste zwart voorstellen dat maar bestaat. In schril contrast met de toeloop naar het traditionele kunstonderwijs moet In Situ3 Antwerpen het - net als de vergelijkbare richting Beeld en Installatie aan de academie in Gent - met heel weinig studenten stellen. Docent Kris van 't Hof, coördinator van In Situ3, die de hele dag op de achtergrond gebleven is, zoekt naar een verklaring. Volgens hem heeft de richting haar roep tegen dat ze geen techniek en vaardigheden zou bijbrengen. Dat het juist wél gebeurt, zij het niet zo strak georganiseerd maar wel met bredere keuzemogelijkheden, lijkt nog niet te zijn doorgedrongen. Dat met het afschaffen van de ateliers voor monumentale kunst geen einde is gekomen aan gedegen vakmanschap, wil er nog niet in. Alleen gebeurt het aanleren niet klassikaal. Dat is ondenkbaar, zeker vanaf het tweede jaar, waarin ieder zijn eigen weg moet uitstippelen. Het cross-overprogramma van In Situ3 biedt voldoende ruimte voor elke student om binnen of buiten de academie om het even welke discipline te volgen, ondersteund door de eigen docenten. Individuele vrijheid en verantwoordelijkheid zijn dus doorslaggevend. Wat In Situ3 dan zelf nog aanbiedt, is niet zo duidelijk. 'We weten zelf niet wat In Situ3 ís', verhoogt Van 't Hof de verwarring. 'We kunnen alleen vertellen wat we al gedaan hebben. Er is een structuur, maar die staat open voor improvisatie en nieuwe wendingen. De student heeft de kans om te zeggen: "Wat u voorstelt interesseert mij niet, ik heb een beter voorstel". In het begin zullen ze de mogelijkheden daar nog niet van zien, omdat ze nog in het schoolse systeem vastzitten. Maar vanaf het tweede en derde jaar begint dat zulke proporties aan te nemen dat ze nu zelfs op een andere locatie gaan werken.' Maar een gemeenschappelijk project is er wel degelijk. Van 't Hof spreekt over het in kunstkringen vaak verwaarloosde 'sociale aspect'. Door een aantal groepsactiviteiten te organiseren proberen ze bij In Situ3 ook 'een beetje met elkaar samen te leven. En dan leer je op een redelijk normale manier respect en ruimte te krijgen voor elkaar', zegt hij. 'In andere situaties in de kunsten is het meer een territoriumstrijd. Met de maatschappij zouden we daar ook naartoe moeten: weer iets socialer denken.'