INFO: Frank Adam en Klaas Verplancke (illustrator), 'Wat de ezel zag', Davidsfonds/Infodok, Leuven, 104 blz., euro 15,5
...

INFO: Frank Adam en Klaas Verplancke (illustrator), 'Wat de ezel zag', Davidsfonds/Infodok, Leuven, 104 blz., euro 15,5 Frank Adam en Rik Teunis brengen het boek van Adam ook als theatervoorstelling in Tielt (051 40 29 35), Strombeek (02 263 03 43), Borgerhout (03 235 04 90), Mechelen (015 29 40 15) en Brugge (050 33 05 29).Vroeger werd een schrijver pas voor vol aanzien als hij ook een eigentijds kerstverhaal kon brengen. Van Charles Dickens tot Stijn Streuvels, van Hans Christian Andersen tot Felix Timmermans, Ernest Claes en Karel van de Woestijne: allemaal slaagden ze met glans in hun meesterproef. Na de Tweede Wereldoorlog kwam de mot echter in de mythe en het kerstverhaal. Sporadisch wordt nog wel een literair kerstboompje opgezet, maar het werk in kwestie neemt dan dikwijls een aparte bocht rond het oorspronkelijke thema. Kristien Hemmerechts ( Kerst) en Stefan Brijs ( Twee levens) vinden het stiekem plezierig om in hun morbide fabels van enkele jaren geleden de obligate kerstsfeer grondig te verpesten. Geen wonder dat steeds meer mensen op de vlucht slaan voor de kleffe kerstgezelligheid. Frank Adam, die de laatste tijd furore maakte met kinder- en jeugdliteratuur, knoopt in Wat de ezel zag weer aan bij het traditionele genre en hij slaagt daarin met verve. Niet omdat hij zich nostalgisch onderdompelt in scènes vol sneeuw en klokkengebeier, maar omdat hij de mosterd haalt waar die oorspronkelijk te vinden was: in de heilige boeken. Adam bewees in romans als Sjirk reeds dat hij als geen andere Vlaamse auteur de joodse en oosterse wijsheidsliteratuur heeft bestudeerd. Ook in deze kerstvertelling voor lezers van 10 tot 100 jaar oud duiken er Arabische letters op die verwijzen naar de sprookjes van Duizend-en-één nacht naast toespelingen op de koran, de bijbel en het boeddhisme. Je zou van minder een zwaar hoofd krijgen. Maar Adam weet de klip van de al te erudiete ernst handig te omzeilen door zijn verhaal tot een naïeve, kinderlijke vertelling om te dopen. Joseph Haydn componeerde ooit De zeven laatste woorden van onze Verlosser aan het Kruis. Adam laat zijn kerstpersonages op zoek gaan naar De zeven eerste woorden van Jezus, zoals het in de ondertitel luidt. De hoofdrol wordt vertolkt door een ezel met één oor. Hij mag dan al doof zijn, maar hij luistert van tijd tot tijd naar een innerlijke stem die hem de toekomst influistert. Zo begint Adams parabel met de geboorte van Jezus die als een ei door het dak van de armzalige woning van Jozef en Maria komt geploft. In diverse oorsprongsmythes wordt de wereld als een ei voorgesteld. Ook in de ontknoping van het verhaal laat Adam via een toverspreuk een woordenei geboren worden, waaruit een kakofonie van woorden opstijgt. Met die wonderlijke aanvangsscène is de toon van het hele boek gezet: kolderesk en uitzinnig, maar ook wijs en veelzeggend. In de loop van het verhaal treden de klassieke driekoningenpersonages op in een decor dat alles echter op losse schroeven zet. De drie koningen Kasper, Igor en Saar blijken drie vermomde oplichters te zijn. Het is pas wanneer Ali, Ollie en Eddie verjaagd worden dat de queeste naar de zeven eerste woorden van de Heiland op gang komt. De gehandicapte ezel blijkt de echte profeet, die het hard te verduren krijgt. Gelukkig krijgt die Mohammed in dierenvacht de hulp van een djinnie, een oosterse engelbewaarder, die hem op het nippertje van de dood weet te redden. In een van zijn toekomstvisioenen daalt de profeet af in het eigen verleden en ontmoet hij zijn moeder, die hij steeds heeft moeten missen. 'Mamablauw' heet de magische kleur die de ezel alle zorgen doet vergeten. Zelfs zijn zoektocht naar de zeven eerste woorden van Jezus krijgt een happy end: 'Jezus' zeven eerste woorden laten zich enkel vinden door wie ze niet zoekt.' Dat alles terwijl Maria Jezus wiegt. 'Op haar voorhoofd stond in duidelijke rimpels geschreven: "NIET STOREN! BEZIG MET GELUKKIG ZIJN".' Een mooi slot voor een eigentijdse kerstvertelling. De genereuze, surrealistische illustraties van Klaas Verplancke bij de tekst van Adam versterken de psychedelische sfeer waarin dit kerstsprookje baadt. Kerstvertellingen hoeven dus lang niet melig te zijn. Het hangt er maar van af hoe ingenieus én ongedwongen je omspringt met de geijkte thema's. Frank Hellemans