Lauwers heeft de afgelopen tien jaar een opmerkelijk palmares met stukken van Shakespeare verzameld. Niet qua kwantiteit, want met Needcompany's King Lear grijpt hij 'slechts' voor de vierde keer naar een tekst van de Engelse bard. Het is trouwens opvallend dat Lauwers steeds die auteur - en met name diens tragedies - verkiest als hij met bestaand toneelrepertoire gaat werken. Nu zijn er wel allerlei valabele redenen te bedenken waarom een beetje theaterman met Shakespeare aan de slag wil, maar in het geval van Lauwers trekken de Shakespeare-ensceneringen de lijn verder die hij met eigen montageproducties (onder andere The Snakesong Trilogy) heeft uitgezet. Op een vaak ingrijpende manier. Want hoewel Lauwers Shakespeares werk ve...

Lauwers heeft de afgelopen tien jaar een opmerkelijk palmares met stukken van Shakespeare verzameld. Niet qua kwantiteit, want met Needcompany's King Lear grijpt hij 'slechts' voor de vierde keer naar een tekst van de Engelse bard. Het is trouwens opvallend dat Lauwers steeds die auteur - en met name diens tragedies - verkiest als hij met bestaand toneelrepertoire gaat werken. Nu zijn er wel allerlei valabele redenen te bedenken waarom een beetje theaterman met Shakespeare aan de slag wil, maar in het geval van Lauwers trekken de Shakespeare-ensceneringen de lijn verder die hij met eigen montageproducties (onder andere The Snakesong Trilogy) heeft uitgezet. Op een vaak ingrijpende manier. Want hoewel Lauwers Shakespeares werk veel respect betoont, is het resultaat toch altijd honderd procent Lauwers. Dat blijkt weer eens in de nieuwe productie. Needcompany's King Lear is een ongepolijste versmelting geworden van het universum van Shakespeare en dat van Lauwers. De beginscène zet meteen de toon: in het halfduister voert danseres Tijen Lawton een kleine, vloeiende choreografie uit (van de hand van Needcompany-lid Carlotta Sagna) die af en toe bruusk tot stilstand komt. Pure beweging, zou je op het eerste gezicht zeggen, maar dat verandert als een springerige popcollage van The Residents invalt en de eenvoud overklast. Gedaan met de naïeve rust. Onrust en chaos steken nu de kop op. Met deze proloog vat Lauwers als het ware de grimmige filosofie samen van Shakespeares King Lear: de mens is de grootste verliezer in het labiele evenwichtsspel dat leven heet. "Nothing will come of nothing", drukt de koning zijn al te oprechte dochter Cordelia - de enige die echt van hem houdt en daarom niet op zijn bezit aast - op het hart. Na die haast symbolische proloog schakelt Lauwers over op King Lear van Shakespeare en volgt hij in grote lijnen de tekst en het dramatisch verloop ervan. Het verhaal van de koning die alles verliest - zijn koninkrijk, de liefde voor zijn dochters, zijn verstand en ten slotte ook zijn leven - wordt op een demonstratieve en afstandelijke manier uit de doeken gedaan. Het is een stijlkenmerk van Lauwers' werk, maar het blijft toch altijd even wennen. Van enige inleving, psychologische trucs of emotionele effecten is ook in Needcompany's King Lear geen sprake. Lauwers analyseert en etaleert. Net alsof de beeldend kunstenaar - die Lauwers van opleiding is - een installatie maakt. Neem bijvoorbeeld de manier waarop hij met tekst omspringt. Terwijl de hoofdzakelijk Nederlandstalige cast (onder wie Dirk Roofthooft, Tom Jansen en Grace Ellen Barkey) de tekst met een zekere afstand vertolkt, wordt de Nederlandse vertaling van Hugo Claus op een elektronisch bord boven hun hoofd geprojecteerd, zoals dat bij anderstalige voorstellingen gebeurt. In snelle of lawaaierige passages heeft die boventiteling enig praktisch nut, maar in andere scènes leidt ze de aandacht af. De tekst wordt als het ware een scenografisch 'beeld' in de voorstelling, een Fremdkörper dat een eigen leven leidt. Eenzelfde behoefte aan objectivering en esthetische ontmanteling past Lauwers toe op de dramatische handeling. Terwijl Shakespeare die omstandig uit de doeken doet, reduceert Lauwers ze tot haar kille essentie. Daarbij hanteert Needcompany's King Lear een grillig ritme. De voorstelling snelt bijwijlen door de emotioneel beladen scènes uit het toneelstuk (waaronder de waanzinscène en de sterfscène) en staat dan weer op onverwachte momenten ingetogen stil. Tranerigheid krijgt op die manier geen kans. In plaats daarvan komen verwarring en ontsteltenis, direct en onvoorzien. Het raadsel dat deze voorstelling oproept, blijft tenslotte bestaan. "Needcompany's King Lear", van 16 t/m 19.2 in Gent (Vooruit), 24.2 in Turnhout (De Warande), 4.3 in Tongeren (De Velinx), 7.3 in Leuven (Stadsschouwburg), 15 t/m 18.3 in Antwerpen (Bourla) en 24.3 in Kortrijk (Stadsschouwburg).Paul Verduyckt