Zondag gaan de Fransen naar de stembus als ze tenminste niet gaan hengelen. Over de grote verdwijntruc van premier Alain Juppé.
...

Zondag gaan de Fransen naar de stembus als ze tenminste niet gaan hengelen. Over de grote verdwijntruc van premier Alain Juppé.Hoewel premier Alain Juppé een brutale campagne had voorspeld, was daar de voorbije weken maar weinig van te merken. Zeker, de socialist Jacques Delors kreeg in Grenoble een slagroomtaart (met aardbeien en blauwe bosbessen !) in het gezicht gegooid. Minister van Binnenlandse Zaken Jean-Louis Debré probeerde Jean-Marie Le Pen te overtroeven met de opmerking dat ?niemand kan accepteren dat vreemdelingen zich in zijn keuken installeren en de koelkast plunderen.? Maar de Fransen werden er niet warm of koud van. Zij vierden Pinksteren als vanouds met foie gras en een mooie Bourgogne. Als het weer een beetje meezit, wordt ?de partij van de hengelaars? zondag de grootste van Frankrijk. Een zonderling, die mei '68 nog bewust heeft meegemaakt, heeft de spuitbus weer ter hand genomen en meldt vanop de wanden van de Parijse metro : Elections, piège a cons. De kortste campagne uit de geschiedenis van de Vijfde Republiek was ook de meest verneukeratieve terwijl de Fransen wat dat betreft toch heel wat gewend zijn. Alain Juppé belooft na zijn herverkiezing ?binnen de veertig dagen? een radicale ommekeer : le changement. Je kunt je afvragen waarom hij de voorbije twee jaar niet op dat idee is gekomen. De socialistische partijleider Lionel Jospin dringt evenzeer aan op verandering, maar zelfs zijn communistische bondgenoten geloven niet meer in ?de breuk met het kapitalisme? (die François Mitterrand in 1981 ?binnen de honderd dagen? wilde bewerkstelligen). De pot verwijt de ketel : volgens Juppé is alle economische rampspoed te wijten aan het geklungel van de socialistische president Mitterrand (1981-1995), Jospin geeft de rechtse regeringen van Edouard Balladur (1993-1995) en Juppé (1995-1997) de schuld. Zowel het linkse als het rechtse blok omhelsden New Labour en bejubelden de overwinning van hun geestesgenoot Tony Blair in Groot-Brittannië. In die omstandigheden kan het nauwelijks verbazen dat volgens recente opiniepeilingen meer dan de helft van de Fransen de verkiezingen een farce noemt en geen enkel verschil ziet tussen de intenties van Juppé en Jospin. Bonnet blanc et blanc bonnet, is het algemeen gevoel. Lood om oud ijzer. STERVEN VOOR MAASTRICHT?Onze politici blijven trouw aan hun verkiezingsbeloften,? sneert politiek commentator Jacques Julliard in Le Nouvel Observateur, ?daarom herhalen ze die ook om de vijf jaar. Ik heb de programma's van de drie grootste formaties gelezen, en dit is mijn conclusie : dat van rechts is onbestaande, dat van de communisten is debiel, en dat van de socialisten is onrealistisch, of oneerlijk.? Alain Juppé bleef de voorbije weken opmerkelijk vaag over zijn plannen voor de toekomst en slaagde er op die manier in zijn tegenstanders in het defensief te dringen. Het debat, voor zover daar al sprake van is, draait om de vraag : hoe geloofwaardig is Jospin ? De socialistische leider belooft zevenhonderdduizend jongeren aan een baan te helpen (de communisten beloven zelfs anderhalf miljoen nieuwe banen en tonen daarmee aan twee keer zo links te zijn). Maar erg overtuigend klinkt dat niet. Werktijdverkorting (van 39 tot 35 uur, met behoud van loon) moet het mirakel mogelijk maken. Volgens beproefd keynesiaans recept willen de socialisten de vraag aanzwengelen, de vermogensbelasting moet omhoog, de sociale bijdragen omlaag en de rijken zullen de crisis betalen. Dat is het zo ongeveer. Komisch genoeg verschilt het programma van Jospin slechts op punten en komma's van het masterplan, waarmee Jacques Chirac in 1995 de presidentsverkiezingen won. Ook Chirac beloofde toen zevenhonderdduizend nieuwe banen terwijl inmiddels, twee jaar later, de werkloosheid alleen maar gestegen is. Il a mangé son chapeau, zeggen ze dan in Frankrijk. Dezelfde Chirac, die in 1995 nog voorstander was van een nieuw referendum over Maastricht, is nu een overtuigd Europeaan geworden en wil van de toetreding tot de Economische en Monetaire Unie de inzet van de verkiezingen maken. Dat lukt maar zeer ten dele. Chiracs premier Alain Juppé moet uiterst behoedzaam manoeuvreren populaire figuren uit zijn eigen partij als de voorzitter van de Assemblée Philippe Séguin en voormalig minister van Binnenlandse Zaken Charles Pasqua behoren tot het kamp van de eurosceptici en er zijn maar weinig Fransen die willen ?sterven voor Maastricht?. Op speciaal verzoek van Chirac treffen de Europese leiders elkaar deze week, ter voorbereiding van de Top van Amsterdam, niet in Maastricht maar in Noordwijk. De Nederlanders waren fijngevoelig genoeg om te begrijpen dat er plaatsen zijn waar een Frans politicus zich, vlak voor de verkiezingen, niet met goed fatsoen kan vertonen. Lionel Jospin, van zijn kant, moet zowel rekening houden met de communisten (voor wie Europa de belichaming is van alle kwaad) als met de ?eurofielen? binnen zijn partij, zoals Jacques Delors en diens populaire dochter Martine Aubry. Dat dwingt de socialistische leider tot adembenemende pirouettes, en af en toe zelfs tot een grand écart. Terwijl Mitterrand destijds haast nog meer van ?la Grande Europe? hield dan Helmut Kohl, verbindt Jospin nu een aantal voorwaarden aan toetreding tot de EMU. Als Frankrijk om de drie-procentsnorm van Maastricht te halen gedwongen wordt tot nieuwe bezuinigingen ?is het antwoord nee?. De invoering van de euro op 1 januari 1999 mag geen ?boekhoudkundige? operatie worden, Italië en Spanje moeten van meet af aan meedoen en er moet een ?Europese economische regering? komen als tegengewicht voor de Europese Centrale Bank. DE VERLOKKING VAN VENETIEJacques Chirac (bijnaam : Jacques de optimist) heeft met het uitschrijven van vervroegde verkiezingen een berekend risico genomen, maar hij heeft één factor onderschat : de mateloze impopulariteit van zijn premier. ?De Fransen hebben liever een joviale dikzak, die de problemen niet kent, dan een droogstoppel, die ze wél kent,? constateerde Juppé onlangs nog mistroostig. Het is een rare paradox : terwijl het rechtse blok in de opiniepeilingen langzaam maar zeker overeind krabbelt, vindt de overgrote meerderheid van de rechtse kiezers dat Juppé moet verdwijnen. De druk op Chirac om zijn vriend Juppé op te offeren, wordt met de dag groter. Voormalig president Valéry Giscard d'Estaing, nooit te beroerd om zout in de wonde te wrijven, prees publiekelijk de kwaliteiten van de premier (?de beste politicus van zijn generatie?), maar vond het desalniettemin tijd dat hij opkraste. Juppé kan de verkiezingen alleen maar winnen als hij zichzelf zoveel mogelijk onzichtbaar maakt. Partijgenoten in de provincie smeekten hem de voorbije weken om vooral niet op hun verkiezingsmeeting te verschijnen. En Juppé heeft de wenk begrepen. Hij haastte zich om te zeggen dat hij ?vanzelfsprekend niet de ambitie heeft om zichzelf op te volgen? en dat hij zich best zou kunnen verzoenen met een rustige levensavond in Venetië het hoeft niet altijd Toscane te zijn. Ook in de Franse politiek is de oude tweedeling tussen links en rechts voorbijgestreefd. In een televisiedebat tussen Delors en Balladur was zelfs met een vergrootglas geen verschil van mening meer te ontdekken. Het verkiezingsdrukwerk dat verspreid wordt, is zo slaapverwekkend, dat het eigenlijk alleen op doktersrecept bij de apotheker verkrijgbaar zou mogen zijn. Niemand gelooft nog dat een vriendelijke tuinkabouter als de communistische leider Robert Hue een handpop van Moskou zou zijn. En het vooruitzicht van een nieuwe periode van cohabitation (het samengaan van een linkse president met een rechtse premier, of omgekeerd) schrikt niemand meer af. Ook in Frankrijk zijn opiniepeilingen niet altijd even betrouwbaar en het aantal onbesliste kiezers is groter dan ooit. Maar als de laatste prognoses kloppen, krijgt de rechtse coalitie van gaullisten en liberalen opnieuw een meerderheid in de Assemblée. RPR ( Rassemblement pour la République) en UDF ( Union pour la Démocratie Française) komen in de eerste ronde uit op zo'n 39 procent. Socialisten, communisten, groenen en een aantal kleine linkse partijtjes krijgen samen een procentje meer of een procentje minder. En het Front National haalt 14 tot 16 procent. Door het Franse kiessysteem (zie kader) betekent dat dat in de tweede ronde extreem-rechtse kiezers de sleutel in handen krijgen. Jean-Marie Le Pen (die zelf overigens geen kandidaat is) heeft al laten weten dat voor hem ? Juppin en Jospé volstrekt verwisselbaar zijn?, maar dat hij, met het pistool op de borst en met dichtgeknepen neus, in de tweede ronde voor de socialisten zal kiezen van wie hij meer verzet verwacht tegen ?het Europa van Maastricht?. Het is niet duidelijk of dat stemadvies effect zal hebben. Kiest vijftig procent van de FN-kiezers in de tweede ronde voor een rechtse kandidaat, zoals dat in het verleden het geval was, dan krijgt Juppé in de Assemblée een verpletterende meerderheid. Doet maar veertig procent dat, dan is Jospin de volgende premier van Frankrijk. Zo smal zijn de marges. Zo simpel, en zo ingewikkeld, is de Franse politiek. Piet Piryns Premier Alain Juppé : oefeningen in onzichtbaarheid.