?Als ik de Vlaming zou moeten omschrijven, dan is dat iemand die van hard werken houdt en een heel grote prestatiedrang heeft. Werk en sociale status zijn heel belangrijk. Het moet zichtbaar zijn, het moet erkend worden door de anderen. De Vlaming wil niet alleen een degelijke wagen maar ook een recent model, en ook wat kleding en andere zaken betreft, is hij in zekere zin materialistisch, wil hij een zekere klasse.? Dat vertelt zangeres Jo Lemaire aan Jean Nizet en Denise Van Dam, sociologen aan de Universiteit van Namen, in hun zojuist verschenen boek over de verschillen tussen Vlamingen en Walen, Wallonie Flandre (Presses universitaires de Namur/De Boek).
...

?Als ik de Vlaming zou moeten omschrijven, dan is dat iemand die van hard werken houdt en een heel grote prestatiedrang heeft. Werk en sociale status zijn heel belangrijk. Het moet zichtbaar zijn, het moet erkend worden door de anderen. De Vlaming wil niet alleen een degelijke wagen maar ook een recent model, en ook wat kleding en andere zaken betreft, is hij in zekere zin materialistisch, wil hij een zekere klasse.? Dat vertelt zangeres Jo Lemaire aan Jean Nizet en Denise Van Dam, sociologen aan de Universiteit van Namen, in hun zojuist verschenen boek over de verschillen tussen Vlamingen en Walen, Wallonie Flandre (Presses universitaires de Namur/De Boek). ?Wat het imago van Vlaanderen vormt, is de geschiedenis van opeenvolgende bezettingen, waardoor we een volk zijn van underdogs die nooit hard kraaien maar veel werken?, legt politicus Jean-Marie Dedecker (VLD) uit aan de Naamse hoogleraren. ?Mijn overgrootvader ging werken in de vlasvelden in Noord-Frankrijk, mijn grootvader ging werken in de Borinage. De plattelandsmentaliteit van de naarstige, zwijgende arbeider zit er nog steeds in.? Maar Frie Leysen van het KunstenFESTIVALdesArts is genuanceerder: ?De zelfgenoegzame Vlamingen kunnen op dit ogenblik wel schimpen op de luie Walen, maar niet zo lang geleden was het net omgekeerd. Toen waren wij de arme sukkelaars en floreerde de Franstalige kant.? Hebben de Vlamingen andere waarden en een andere mentaliteit dan de Walen en de Brusselaars? Of zijn de zogenaamde verschillen niet meer dan achterhaalde clichés? ?Eigenlijk zijn we vrij slecht geïnformeerd over heel veel aspecten van het dagelijks leven?, zegt de socioloog Ignace Glorieux bij de Onderzoeksgroep TOR van de Vrije Universiteit Brussel. Met zijn medewerkster Jessie Vandeweyer is hij nagegaan in welke mate de cultuurverschillen tussen Vlamingen en Walen zich weerspiegelen in de manier waarop ze hun tijd besteden. Hij baseerde zich daarbij op de tijdsbudgetstudie die het Nationaal Instituut voor de statistiek (NIS) in 1999 uitvoerde bij 8382 Belgen van 12 tot 95 jaar. ?Opvallend maar niet verrassend zijn de gemeenschappelijke tendensen?, vervolgt Glorieux. Slapen en rusten zijn de belangrijkste activiteiten van de bevolking (zie tabel 1): meer dan eenderde (ongeveer 38 procent) van de beschikbare tijd per week wordt daaraan besteed. Gemiddeld wordt ongeveer acht uur per dag in bed doorgebracht. Maar de Vlamingen lijken iets minder te slapen, zelfs één uur en tien minuten minder per week dan de Walen. Bevestigt het onderzoek dan het stereotiepe beeld van de hardwerkende Vlaming? De totale werklast van Vlaamse mannen en vrouwen (loonarbeid, huishoudelijk werk, kinderverzorging en opvoeding) bedraagt 37.27 uur. Het gaat om een gemiddelde dat zowel de beroepsbevolking als de studenten en de gepensioneerden betreft. In Brussel en Wallonië ligt de werklast lager. Brusselaars en Vlamingen besteden ruim vijftien uur aan loonarbeid, aanzienlijk meer dan de Walen (?maar? 12.34 uur). ?Dat kan verklaard worden door de samenstelling van de bevolking, met name door het aantal werklozen in Wallonië?, legt Glorieux uit. ?Want Walen, Vlamingen en Brusselaars van hetzelfde geslacht, opleidingsniveau en van dezelfde leeftijd, in dezelfde werksituatie en met evenveel kinderen verrichten ongeveer evenveel loonarbeid.? Walen besteden meer tijd aan huishoudelijk werk (20.26 uur per week). Het verschil met de Brusselaars bedraagt ongeveer drie uur. Vlamingen hebben meer tijd over voor de kinderen (3.12 uur), al hebben ze minder jonge kinderen dan de Walen en vooral dan de Brusselaars. Bovendien maken de Walen veel tijd vrij voor persoonlijke verzorging. ?Het is interessant vast te stellen dat deze verschillen bijna volledig toe te schrijven zijn aan eten en drinken. De Walen blijken er een meer Bourgondische levensstijl op na te houden. Ze zitten een uur per week langer aan tafel dan Vlamingen en bijna een half uur langer dan de Brusselaars.? Ze lijken ook socialer en gemoedelijker. Ze besteden meer dan tien uur per week aan sociale participatie. Walen en Brusselaars hebben ook meer vrije tijd (ongeveer één uur meer per week) dan de Vlamingen. ?Wanneer we wat gedetailleerder gaan kijken naar de aard van de activiteiten, zien we dat Brusselaars de grootste lezers zijn. Walen kijken meer naar televisie en video.? Het huishoudbudgetonderzoek van het NIS (2000) bevestigt deze vaststellingen. De uitgaven van een gemiddeld huishouden zijn groter in Vlaanderen (a 29.431,08) dan in Brussel (a 27.916,18) en in Wallonië (a 26.587,92). Maar toch besteden de Walen iets meer geld aan eten en drinken (tabel 2). Volgens de gedetailleerde lijst van het NIS kopen ze vooral meer vers vlees, boter, wijn en aperitieven. De Vlamingen verkiezen vers fruit, alcoholvrije dranken en bier. De Brusselaars nemen liever bereide gerechten. Maar de Vlamingen besteden veel meer geld aan kleding en schoeisel (a 1.554,57) dan de Brusselaars (a 1.323,85) en de Walen (a 1.094,62). Het grootste verschil betreft de dameskleding. Want de Walen en de Brusselaars kopen meer kleren voor baby?s en meisjes. ?Vlaanderen is kleinburgerlijker gebleven?, zegt Glorieux. ?Twintig of dertig jaar geleden droeg iedereen ? arbeider, werknemer of industrieel ? op zondag een kostuum met das. De auto?s en de huizen moeten ook mooi zijn. De vensters moeten blinken.? Wonen blijft het duurst in Brussel. De huur hapt er een grotere brok uit het huishoudbudget dan elders. Misschien omdat ze minder vaak in een appartement wonen, geven de Vlamingen meer uit voor verwarming, verlichting en water dan de Brusselaars. De gezondheid is duurder in de hoofdstad, in het bijzonder de erelonen van artsen. De Vlamingen besteden het meest aan vervoer en communicatie, met name aan het gebruik van voertuigen. De Brusselaars nemen vaker dan de anderen het openbaar vervoer. Wat vrije tijd betreft, zijn de Vlamingen vrijgeviger. Ze kopen vooral meer (of duurdere) televisie- en videotoestellen, sport- en campingartikelen, bloemen en planten, speelgoed en leermiddelen. De Brusselaars investeren liever in boeken en in computers. In vergelijking zijn de uitgaven van de Walen voor informatica bijzonder laag. Verder geven de Brusselaars veel uit aan zaken als lichaamsverzorging, juwelen... Maar het zijn de Vlamingen die het vaakst naar de kapper, het restaurant of het café gaan. De Bourgondische levensstijl is hen ook niet helemaal vreemd. En ze reizen veel, vooral in eigen land. De Brusselaars gaan liever naar het buitenland. De Walen blijven thuis. ?Het belang van vrije tijd en van vrienden is in Vlaanderen groter dan in Brussel en Wallonië? staat te lezen in het boek Verloren zekerheid (Lannoo/Koning Boudewijn stichting). Dat blijkt uit de derde editie van het Europees waardeonderzoek (European Values Study, EVS). Hebben de Vlamingen, de Walen en de Brusselaars nog gemeenschappelijke waarden? In 1999 werden 1912 interviews afgenomen in België in het kader van de EVS. Volgens deze studie is het gezin het belangrijkst in het leven. Maar daarna is de volgorde niet dezelfde in de drie gewesten (tabel 3). ?In Vlaanderen vindt men dan arbeid iets minder belangrijk dan in de twee andere regio?s?, zegt Jan Kerkhofs, emeritus professor aan de faculteit godgeleerdheid van de KULeuven en initiatiefnemer van het Europees waardeonderzoek. Die (verrassende) tendens keert terug bij de opvoeding van de kinderen. Kerkhofs probeert na te gaan welke eigenschappen ouders bij voorkeur aan hun dochter of zoon wensen mee te geven (tabel 4). De drie belangrijkste ?waarden? zijn dezelfde in de drie gewesten (met kleine verschillen in percentages): verdraagzaamheid, verantwoordelijkheidsgevoel en goede manieren. Die laatste worden toch vooral in Vlaanderen beklemtoond. Daarna scoort het ?hard werken? hoger in Brussel dan in de beide andere gewesten. Spaarzaamheid wordt vooral in Wallonië gewaardeerd. ?Waarschijnlijk, menen de Vlamingen dat ze te hard werken en verlangen ze meer vrije tijd?, vervolgt Kerkhofs. Omdat er bij de Walen meer werkloosheid is, vinden ze misschien dat hun kinderen harder moeten werken. Wat nog niet betekent dat die dat ook doen.? Het Europees waardeonderzoek bevestigt ook de verschillen in de sociale identiteiten. Om geïntegreerd te zijn in de samenleving, behoort men tot een aantal ?groepen?. De respondenten werd gevraagd spontaan een groep op te geven. Bijna één op de drie geeft dan geen antwoord of beweert aan geen enkele groep te hechten (tabel 5). Het hoogst scoort hier Brussel, waar een op de twee huishoudens maar uit één persoon bestaat. Ruim eenderde van de ondervraagden ? en zelfs bijna één op de twee Walen ? hecht vervolgens het grootste belang aan ?primaire groepen?, zoals het gezin, vrienden, kameraden, buren... Het sociaal leven van de Vlamingen is het meest gestructureerd. Bijna één op de vier Vlamingen (22 %) vermeldt levensbeschouwelijke of religieuze groepen als belangrijkste referentiekader, tegenover 11,8 procent van de Franstalige Brusselaars en 4,7 procent van de Walen. De andere verenigingen (sport, hobby, muziek, jeugdbewegingen, enz.) hebben de grootste betekenis voor ongeveer 11 procent van de Vlamingen en de Brusselaars, tegenover maar 7 procent van de Walen. Slechts 5 procent van de bevolking verwijst spontaan naar institutionele en geopolitieke verbanden, zoals Europa, België, Vlaanderen, enz. Jaak Billiet, directeur van het Interuniversitair Steunpunt Politiek Opinieonderzoek (ISPO) aan de KULeuven, heeft de identificatie met deze ?officiële? bestuursniveaus uitvoerig gepeild. Zijn vaststellingen? In het algemeen hebben de Vlamingen meer dan de Franstaligen het gevoel tot een taalgemeenschap te behoren. De Walen voelen zich vaker Belg. Relatief meer Brusselaars voelen zich ?altijd? of ?zeer dikwijls? Europeaan. ?Maar zowel in Vlaanderen als in Wallonië en Brussel zijn de verschillende geopolitieke identiteiten van de meeste burgers niet in tegenspraak maar complementair?, legt Billiet uit. ?Ze hebben er geen probleem mee om zich bijvoorbeeld én als Vlaming én als Belg te beschouwen. Hetzelfde geldt nog meer voor de Walen.? Voor Billiet is er een verband tussen deze ?dubbele? identiteit en de houding tegenover vreemdelingen. ?We weten uit vroeger onderzoek dat er, inzake het zich bedreigd voelen door de immigranten, geen verschillen zijn tussen Vlamingen en Walen. Maar de cultuurafstand blijft toch groter in Vlaanderen.? Volgens de EVS wijst ongeveer één op de vier Vlamingen buren als moslims en immigranten af, in Wallonië is dat ruim tien procentpunten minder. Brussel zit tussen beide scores in. Ander cijfer: ruim 55 procent van de Vlamingen voelt zich niet betrokken bij de levensomstandigheden van de immigranten. Dat daalt tot 43 procent in Wallonië en zelfs tot 33 procent in Brussel. Uiteindelijk beklemtoont Billiet een zekere asymmetrie. ?In Vlaanderen gaat een uitgesproken identificatie met de Vlaamse nationaliteit vaak met een negatieve houding tegenover de vreemdelingen gepaard. De Vlamingen, die voor de Belgische identiteit kiezen, zijn daarentegen geneigd een positievere houding tegenover vreemdelingen aan te nemen. In Wallonië is dat precies het tegenovergestelde: hoe meer de Walen zich met Wallonië identificeren, hoe positiever hun houding tegenover vreemdelingen. Hoe meer ze zich evenwel met België identificeren, hoe negatiever hun opstelling tegenover vreemdelingen.? Voor de Leuvense socioloog heeft dit allicht te maken met een zeker etnocentrisme: de Vlamingen verwijzen vaak naar de historische wortels van hun culturele identiteit, die moet worden verdedigd tegen vreemde invloeden. De Belgische identiteit biedt daarentegen de mogelijkheid tot samenwerking tussen mensen die verschillende talen spreken. In Wallonië vindt Billiet niet zo?n sterk ?etnisch nationalisme?, maar wel een ?republikeins discours?. In dit geval wordt de Waalse identiteit veeleer gezien als een ?samenwerkingsverband? tussen burgers. Of men tot die gemeenschap behoort, hangt niet van de afkomst af, maar van de bereidheid om de basisregels te aanvaarden. Dorothie Klein