Met Tom Tykwer ("Winterschläfer" nu in de bioscoop, "Lola rennt" volgt over enkele weken) heeft Duitsland eindelijk weer een jonge cineast die kwaliteit en kassa weet te verzoenen - in Duitsland is die tegenstelling kennelijk nog moeilijker te overbruggen dan elders in Europa. Al blijft het zeer de vraag of er al van een wederopstanding van de Duitse film kan gesproken worden.
...

Met Tom Tykwer ("Winterschläfer" nu in de bioscoop, "Lola rennt" volgt over enkele weken) heeft Duitsland eindelijk weer een jonge cineast die kwaliteit en kassa weet te verzoenen - in Duitsland is die tegenstelling kennelijk nog moeilijker te overbruggen dan elders in Europa. Al blijft het zeer de vraag of er al van een wederopstanding van de Duitse film kan gesproken worden. Bondskanselier Gerhard Schröder betuigde zijn geloof in de nationale productie door de 49ste Berlinale officieel te openen. De film die op de nonchalante toespraak volgde, zorgde meteen al voor een koude douche. In "Aimée & Jaguar" heeft Max Färberböck het over de liefde in oorlogstijd van een Berlijnse "Hausfrau" - getrouwd met een verstokte nationaal-socialist - voor een vrijgevochten jonge vrouw, die voor een nazikrant werkt maar als jodin informatie doorspeelt aan een verzetsorganisatie. De twee hoofdrolspeelsters, Maria Schrader en Juliane Köhler, deelden de prijs voor beste actrice in deze film vol goede bedoelingen, die ondanks het keurmerk "waar gebeurd" vaak erg ongeloofwaardig overkomt en even stuntelig als schematisch is. Zoals vele festivalfilms stond "Aimée & Jaguar" ook in het teken van de blijvende herinnering aan het duistere verleden. Festivalbaas Moritz de Hadeln wijdde in de catalogus een apart hoofdstuk aan de holocaust en verwees naar de talrijke documentaires of fictiefilms over de jodenvervolging en andere vormen van intolerantie. Dit ging van "The Last Days", een door Steven Spielberg geproduceerde documentaire over de moord op de Hongaarse joden tot "Un spécialiste" van de Israëliër Eyan Sivan, een twee uur lange montage uit de 350 uur videobeelden van het proces tegen oorlogsmisdadiger Adolf Eichmann. Misschien is de nood aan ernstige documentaires en getuigenissen groter dan ooit nu de kampkomedie kennelijk een lucratief genre aan het worden is, zie het verbijsterend succes van "La Vita e Bella". Ook het Berlijnse hoofdprogramma telde een penibel voorbeeld van een film die inspeelt op deze onsmakelijke trend, de Spaanse inzending "La Nina de Tus Ojos". Fernando Trueba schildert een Spaans gezelschap dat anno 1938 in de Berlijnse UFA-studio's een Andalusische musical komt draaien. Nazi-propagandaminister Goebbels bezwijkt voor de Latijnse charmes van de pittige steractrice (Pénélope Cruz). Maar de flauwste gein wordt gereserveerd voor de tribulaties van de zigeuner die uit het concentratiekamp wordt geplukt om als stuntman te figureren. VERSTARD PROCEDEGelukkig waren niet alle Europese films die in het Zoo-Palast werden afgedraaid van hetzelfde lage peil. Nadat vorig jaar in Cannes "Idioterne" van Lars Von Trier en "Festen" van Thomas Vinterberg in première gingen, pakte Berlijn uit met de derde Deense film vervaardigd volgens de strenge richtlijnen van het Dogma 95 manifest, "Mifune's Last Song" van Soren Kragh-Jacobsen. De titel slaat op de Japanse acteur Toshiro Mifune, favoriet acteur van de hoofdpersoon, een succesvolle yuppie in Kopenhagen die zijn bescheiden afkomst verloochent. Als zijn vader plots overlijdt, moet hij tijdens zijn wittebroodsweken halsoverkop terug naar zijn geboorteplaats op het afgelegen eiland Lolland. Daar moet hij voor zijn zwakbegaafde broer zorgen. De huishoudster die hij inhuurt, blijkt een op de vlucht geslagen hoer te zijn die zijn rustig leventje helemaal overhoophaalt. De vaudeville rond familiegeheimen en kleinburgeridealen is wel grappig, maar de zogezegde nieuwe visuele grammatica van Dogma 95 (geen kunstlicht, geen camerastatief) is na drie toepassingen in één jaar tot een procédé verstard. Realisme zonder modegevoelige dogma's kregen we in "Karnaval", het debuut van Thomas Vincent. Net als veel van zijn jonge collega's zoekt hij zijn inspiratie ver buiten Parijs, hier het grijze verre noorden. De film speelt zich af tijdens de feestroes van de jaarlijkse carnavalsviering in Duinkerken, waar een jonge Arabier de rust verstoort van een jong paar en hun leven ingrijpend verandert. Een simpel gegeven, maar fors en intens uitgewerkt, met een camera die dicht op de huid van de spelers kruipt. Een knappe verstrengeling van reportage en strak geënsceneerd sociaal drama. Ook veteraan Bertrand Tavernier stelde zijn camera op in het sociaal verloederde noorden van Frankrijk. Hij toont in "Ça commence aujourd'hui" de dagelijkse strijd van een hoofdonderwijzer (Philippe Torreton) om zijn basisschooltje draaiende te houden in een voormalige mijnstreek nabij Valenciennes. Hij krijgt zowel te kampen met de onverschilligheid van de bureaucratie als met de nieuwe armoede die tot onaanvaardbare tragedies leidt. Ondanks de uit de actualiteit gegrepen wantoestanden en malaises krijgen we geen litanie van ellende, maar een kroniek van het gevecht van individuen die blijven geloven in solidariteit, generositeit, rechtvaardigheid. Alleen iemand met het aangeboren filmisch talent van Tavernier kan verhinderen dat het allemaal in Bond Zonder Naam-slogans vervalt. Hollywood gebruikt dit eerste groot Europees festival van het jaar al langer als generale repetitie voor de oscars. Het zeven keer genomineerde poëtisch oorlogsepos "The Thin Red Line" van Terrence Malick (Knack 7) was meteen goed voor de Gouden Beer. De grote oscarfavoriet (dertien nominaties) "Shakespeare in Love" van de Engelse regisseur John Madden blijkt ondanks het uitzinnig lofconcert toch vooral van verregaande flauwheid te getuigen. Tom Stoppard schreef in 1967 een clever toneelstuk "Rosencrantz and Guildenstern are dead", waarin hij de Hamlettragedie bekeek vanuit het standpunt van twee marginale personages in het stuk. In zijn scenario voor de kostuumfilm "Shakespeare in Love" bouwt hij een fantasie rond de ontstaansgeschiedenis van "Romeo and Julia". We schrijven 1593, de jonge Will (Joseph Fiennes) is een ongelukkige, gefrustreerde broodschrijver, jaloers op het succes van tijdgenoot Christopher Marlowe (Rupert Everett). Zijn nieuw stuk, "Romeo and Ethel, The Pirate's Daughter" wil maar niet vlotten. Alles verandert wanneer hij verliefd wordt op de mooie aristocrate Viola de Lesseys (Gwyneth Paltrow), liefde die aanvankelijk niet zo vanzelfsprekend is omdat de vrouw zich als jongen heeft verkleed om zich bij het toneelgezelschap te kunnen voegen. Eerst zijn er nadrukkelijk veel anachronistische grappen die de link moeten leggen tussen het Elizabethaans theater en de Broadway-showbusiness. Daarna wordt het een gemakkelijk spelletje met smachtende romantiek, theatrale verwikkelingen, rollenspel en insiderjokes.VERKLEEDSTUNTSNu we het toch over oscargeilheid hebben: Meryl Streep stak voor haar vertolking in de multikleenex-smartlap "One True Thing" haar elfde Academy Award-nominatie op zak. Als we zien hoe overdreven ze acteert als ze achter haar fornuis staat, wat moet het dan worden als ze ongeneeslijk ziek wordt? In flashbacks legt regisseur Carl Franklin de gefolterde relaties bloot in een uiterlijk idyllisch gezinsleven. Streep is de huismoeder die door ziekte wordt geveld, William Hurt de vader, een pompeuze literatuurprofessor, en Renee Zellweger de dochter die het als journaliste in New York wil maken, maar op 24-jarige leeftijd nog altijd naar de goedkeuring van haar pa hunkert. Streep verschijnt voor het eerst in de film verkleed als Dorothy in de Judy Garland-klassieker "The Wizard of Oz". Haar verkleedstunt wordt misschien alleen geklopt door Nick Nolte in dameslingerie in "Breakfast of Champions", helaas het enige memorabele beeld in deze foeilelijke verfilming van de profetische tragikomische roman van Kurt Vonnegut uit 1973 over een autoverkoper (Bruce Willis) die zijn American Dream in een nachtmerrie ziet veranderen. Vonneguts cultroman werd lange jaren onverfilmbaar geacht: wie deze satirisch bedoelde film van Alan Rudolph zag, zal dit zeker niet tegenspreken. Rudolphs mentor Robert Altman, bijna vijfenzeventig maar actiever dan ooit, leerde zijn jonge collega's een lesje met "Cookie's Fortune", een excentrieke komedie die hij ogenschijnlijk met het grootste gemak uit zijn mouw schudde. Altmans liefde voor acteurs knalt van het doek in dit uitbundig moordmysterie in een klein stadje in Mississippi. Hollywoodveterane Patricia Neal maakt haar comeback als de zonderlinge erfgename, wier laatste wilsbeschikking haar intrigerende nicht Glenn Close tot het uiterste drijft inzake Deep South-hebzucht en -hysterie. Een andersoortig en aanzienlijk grimmiger moordraadsel krijgen we voorgeschoteld in "8 MM". Je moet waarschijnlijk Joel Schumacher heten om over "snuff movies" een film te maken die spannend noch akelig is. Ten eerste geloven we er geen snars van: de wijze waarop detective Nicolas Cage infiltreert in de porno- en mensenhandel in Los Angeles lijkt wel kinderspel. Bovendien combineert Schumacher zijn vigilante propaganda met een totaal misplaatst "family values"-sermoen. Je mag er niet aan denken wat bijvoorbeeld een David Cronenberg van een soortgelijk gegeven had kunnen maken. Maar die verkiest in "eXistenZ" zijn eigen wereld te creëren, zoals het trouwens een bespiegeling over een virtueel spelletje betaamt. SF EN WESTERNIn deze "low tech" speculatieve SF-film werden zowel de computer, de video als de digitale software uit de virtuele spelletjes geweerd. Deze worden voortaan rechtstreeks op het lichaam aangesloten: de perfecte fusie van technologie en menselijke organen waar Cronenberg al jaren zijn stokpaardje van maakt. Dat levert weerom de schokkende beelden op waarvoor de naam Cronenberg garant staat: in de wervelkolom wordt een aarsachtige opening gedreven, waardoor de zogenaamde "bioport" direct tot het centrale zenuwstelsel kan doordringen en met een navelstrengstekker (een "UmbyCord") wordt aangesloten op het organisch toestelletje ("MetaFlesh Game-Pod"), een vies levend spul dat al strelend gestimuleerd wordt. U merkt dat seksuele connotaties niet worden geschuwd. Een Canadese bewonderaar van de meester beschreef "eXistenZ" kernachtig als "a fantasy of having a second asshole". Voor Cronenberg gaat het echter heel wat dieper. Zoals de titel al laat uitschijnen, offreert "eXistenZ een filosofische illustratie van existentialistische principes". Onvermijdelijk wordt de beschouwing over de virtuele wereld en de meta-menselijkheid ook uitgebreid tot een bespiegeling over de realiteit van het beeld en van de film. De terroristen die het op de uitvindster van het spel gemunt hebben, noemen zich niet voor niets "realisten". Jennifer Jason Leigh speelt de ontwerper van het spel waarmee de speler zijn diepste angsten en geheime verlangens kan beleven. Na een mislukte aanslag slaat ze op de vlucht met een bewakingsagent (Jude Law) die ze niet vertrouwt. De enige manier om aan hun belagers te ontsnappen is dat ze zelf een partijtje eXistenZ spelen. De toeschouwer deelt zeer snel hun verwarring over wat nu reëel en virtueel is. De Britse regisseur Stephen Frears maakt met het door Martin Scorsese geproduceerde "The Hi-Lo Country" een al te bestudeerde western. Alle visuele en dramatische ingrediënten van het genre zijn van de partij. Maar dit oud Sam Peckinpah-project, geschreven door Walon Green, de scenarist van "The Wild Bunch", blijft een western van iemand die zijn handen niet wil vuilmaken. En zoals haast alle recente westerns is dit een film over het einde van het Westen. Twee gezworen kameraden keren na de Tweede Wereldoorlog terug naar hun stadje in New Mexico, waar de industriële veefokkerij hun toekomst in gevaar brengt. Pete en Big Boy vallen voor dezelfde getrouwde vrouw (Patricia Arquette, miscast als rustieke femme fatale), maar uiteindelijk triomfeert hun viriele vriendschap zoals in eender welke klassieke western waarin stoere mannenliefde voor de nodige dubbelzinnigheid zorgt. De overdreven esthetisering maakt van Woody Harrselson en nieuwkomer Billy Crudup modellen uit een sigaretvrije commercial voor Marlboro country.EEN BEPROEFD RECEPTDe Panoramasectie van de Berlinale toonde een van de favoriete films van het Sundance festival in Utah, het jaarlijkse onderonsje van de Amerikaanse "independent cinema". "Trick" van Jim Fall is een eigentijdse homovariante op een beproefd recept uit het Hollywood-blijspel: twee geliefden die allerlei hindernissen op hun weg vinden. Een brave musical-minnende jongen scharrelt in de New Yorkse metro een go-go boy op, maar door allerlei omstandigheden slagen ze er niet in hun "one night stand" te consumeren. Alhoewel alles draait om seks, is deze bescheiden kleine productie in de eerste plaats een romantische film over langzaam ontluikende gevoelens van verliefdheid. De zesentwintigjarige Tony Bui, geboren in Vietnam maar grootgebracht in Californië, maakte met "Three Seasons" een poëtische puzzel gedraaid in de dichtbevolkte straten van Saigon en de lotusvijvers buiten de stad. Vier verhalen uit het moderne Vietnam worden in elkaar verweven: de obsessie van een riksjaloper voor de jonge prostituee die hij vervoert; de zoektocht van een Amerikaanse oorlogsveteraan (Harvey Keitel die ook coproduceerde) naar zijn verloren dochter; de belevenissen van een knaap die zijn spullen probeert te slijten in bars en hotels; de aanbidding door een jong meisje van een aan lepra wegkwijnende meester. Deze eerste in Vietnam gedraaide Amerikaanse productie is heel mooi, maar haalt nooit de authenticiteit en intensiteit van "Cyclo". "Miss Saigon zonder de songs" luidde het vernietigende oordeel van de Financial Times. Het nevenfestival "Internationales Forum des Jungen Films" ging prat op zijn sterke Aziatische selectie, maar een van de opmerkelijkste films uit het Oosten was te bewonderen in het hoofdprogramma. "Keiho", de nieuwe film van Yoshimitsu Morita ("The Family Game" en het wondermooie "Lost Paradise", onlangs bij ons uitgebracht), bezit de kracht en het streng esthetisch raffinement van de hoogdagen van de Japanse cinema uit de jaren zestig - je denkt vooral aan de Oshima van "Death by Hanging". In het persdossier wordt "Keiho" (Strafwetboek in het Japans) nogal sensationeel omschreven als een psychothriller, wat niet helemaal de lading dekt. De film is minder een afdaling in de zieke geest van een psychopaat dan een bespiegeling over rechtspraak, schuld, verantwoordelijkheid, dit alles verwerkt in een raadselachtige puzzel van een moordonderzoek. We begonnen dit stuk met een Duitse film en besluiten met een Japanse, helemaal in de geest dus van de nieuwe festivallocatie. Voor de vijftigste verjaardag, die samenvalt met het nieuwe millennium, verhuist de Berlinale naar de Potsdamer Platz, een totaal nieuwe stad met als grootste bouwpromotoren Daimler-Benz en Sony Entertainment.Patrick Duynslaegher