Een bankrekening in het buitenland ? De fiscus wil het voortaan weten van de belastingplichtige.
...

Een bankrekening in het buitenland ? De fiscus wil het voortaan weten van de belastingplichtige.De verplichting geldt voor het eerst voor aanslagjaar 1997 of met andere woorden voor de aangifte die u van begin maart af in de bus kan verwachten. Er komt waarschijnlijk een speciaal vakje op het hertekend formulier, waarin het bestaan van een buitenlandse rekening bevestigd of ontkend wordt, plus hoort het betrokken land vermeld. Het nummer zelf moet de belastingplichtige niet opgeven, evenmin als de ?inhoud? van de rekening(en). De verplichting slaat terug op alle mogelijke buitenlandse tegoeden, ook die van echtgenotes, van kinderen, die bij wisselagenten, spaarinstellingen of banken. En wie slim dacht te zijn met al dan niet sluimerende rekeningen snel dicht te smijten, komt te laat : de referentiedatum is namelijk niet 1 januari 1997, wel 27 september 1996. Het waarom stond in het Belgisch Staatsblad : ?Alzo, zonder aan de maatregel een tot 1 januari 1996 terugwerkend effect te geven, is het mogelijk te vermijden dat rekeningen, die afgesloten zijn terwijl deze maatregel wordt onderzocht, aan de verplichting van aangifte ontsnappen.? Volgens hetzelfde Staatsblad past de wet in het ?verscherpen van de controle op de roerende inkomsten? en wie er zich aan onttrekt, wacht zowel strafrechtelijke als administratieve boetes. De eerste vormen een zaak van het parket, de tweede zijn volgens het kabinet van Financiën meteen toepasbaar. In praktijk betekent dat straffen van tweeduizend tot vijftigduizend frank en wanneer bij latere controle het bestaan van niet aangegeven, belastbare inkomsten blijkt, ook nog een mogelijke boete van tien tot tweehonderd procent van het ontdoken bedrag. Financiën wijst er op dat het vermelden van de rekeningen en het bestaan van belastbare inkomsten twee afzonderlijke dingen zijn. Toch kan de fiscus voortaan de rekeninguittreksels en alle ?andere bescheiden? daarrond opvragen, maar stipuleert het kabinet de buitenlandse rekeningen vallen onder een vergelijkbare regeling als de Belgische. Ze zouden dus in zekere zin beschermd zijn door het bankgeheim en daardoor kunnen de controlediensten een zuivere privé-rekening alleen openbreken bij vermoedens van fraude of ontduiking en in het kader van het onderzoek naar een bezwaarschrift. Deze uitleg vormt echter een interpretatie, over de bescherming valt in de wetteksten geen letter terug te vinden. EEN CHALET IN ZWITSERLANDVictor Dauginet, advocaat en buitengewoon docent fiscaal geschillenrecht aan de Antwerpse universiteit, vindt de toelichting dan ook ?flauwekul? zonder meer. ?Als de administratie de ruziemakende BBI'ers laat doen, zeggen die gewoon : Meneer, dat staat nergens in de wet, punt. Je moet dus alle stukken voorleggen. Heb je een chalet in Zwitserland en een rekening daar om de kosten van het buitenverblijf te betalen, dan moet je naar Zwitserland rijden om de afschriften op te halen en voor te leggen. Is dat nog redelijk ?? Dauginet wil zich niet laten verketteren als een verdediger van fraude of ontduiking, maar bestrijdt de nieuwe verplichting omdat ze ?ingaat tegen alle elementaire rechtsbeginselen.? Hij is er overigens in gezelschap van eminente collega's van overtuigd dat de recente wet een controlemaatregel vormt en die hoort niet thuis in een aangifte. De burger meldt namelijk zijn inkomsten via een aangifte die geacht wordt correct te zijn. Om de juistheid ervan de beoordelen, beschikt de administratie over een arsenaal aan wettelijke middelen, controlemiddelen. Maar met de verplichting tot opgave van buitenlandse rekeningen zitten we uitgerekend midden in die controlemiddelen. De wetgever verlegt dus de bewijslast van de administratie naar de belastingplichtige, vermengt aangifteplicht met controlemiddelen en stipt Dauginet aan ?de rechtspraak wil of wenst dit helemaal niet.? Volgens Financiën zet je met zo'n redenering heel ons fiscaal stelsel op losse schroeven. Neem een loontrekkende. Zijn werkgever vergeet op het einde van het jaar een loonfiche op te stellen. Ontslaat dat de werknemer van de plicht dat inkomen aan te geven ? Neen en ondanks het ontbreken van de fiche, moet hij zijn loon toch vermelden op zijn belastingaangifte. Dauginet stelt koel dat de vergelijking nergens op slaat. De loonfiche, dat gaat over het correct aangeven van inkomsten, dat moet, net zoals buitenlandse inkomsten horen aangegeven te worden. Maar het vrijwillig melden van buitenlandse rekeningen, dat gaat uitsluitend over controle. De advocaat voorspelt overigens een stortvloed aan rechtszaken over dit heikel onderwerp, gewoon omdat de maatregel slecht in mekaar zit. ?De administratie kan met eigen middelen niet nagaan of iemand een rekening bezit in Zwitserland of Luxemburg, want die is beschermd en zelfs via de zogenaamde dubbel-belastingverdragen geraakt de fiscus niet aan die informatie. Omdat hij er op geen enkele wettelijke manier aan geraakt, neemt hij dan zijn toevlucht tot cowboy-achtige maatregelen : Beken maar dat u een buitenlandse rekening heeft of u vliegt meteen de bak in.? J.G. Rekeningen in het buitenland ? Bekennen of de bak in.