Na de verwoestende bomaanslagen van 1998 op de Amerikaanse ambassades in Nairobi (Kenia) en Dar-es-Salaam (Tanzania), waarbij in totaal 231 doden en duizenden gewonden vielen, wordt nog maar eens op een pijnlijke manier duidelijk dat het wijdvertakte netwerk van de terreur ook een African connection kent.
...

Na de verwoestende bomaanslagen van 1998 op de Amerikaanse ambassades in Nairobi (Kenia) en Dar-es-Salaam (Tanzania), waarbij in totaal 231 doden en duizenden gewonden vielen, wordt nog maar eens op een pijnlijke manier duidelijk dat het wijdvertakte netwerk van de terreur ook een African connection kent. Kenia, dat goede banden onderhoudt met de Verenigde Staten én Israël, mag dan wel niet figureren op de lijst van 'schurkenstaten' die onderdak verlenen aan terroristen, toch beschikt het over een aantal troeven die het tot een geschikt actieterrein maken voor islamitische terreurgroepen. Zo heeft het land, dat een aanzienlijk aandeel moslims telt, de twijfelachtige eer een van de meest corrupte staten ter wereld te zijn. Via het doorschuiven van de nodige steekpenningen wordt het bemachtigen van vervalste paspoorten en andere documenten er haast gereduceerd tot een formaliteit. De buitenlandse daders van de dubbele aanslag van 1998 maakten daar handig gebruik van. Een en ander verklaart bovendien waarom enkele van de vroegere spilfiguren binnen het al-Qaeda-netwerk, zoals Wadih El-Hage en Mohammed Odeh - die veroordeeld zijn geweest wegens hun betrokkenheid bij de ambassade-aanslagen - hun thuisbasis hadden in Mombasa. In deze havenstad vormen de moslims bovendien een meerderheid en de plaats is dan ook sporadisch het toneel van verhitte anti-Amerikaanse manifestaties waarbij meer dan eens openlijk mondelinge steun wordt verleend aan Osama bin Laden en al-Qaeda. Bovendien grenst Kenia aan Somalië, een vrijwel homogeen islamitisch land, gekenmerkt door het ontbreken van een effectief centraal gezag en daardoor reeds jaren overgeleverd aan de sinistere machtspolitiek van lokale krijgsheren. Het belang hiervan kwam treffend tot uiting tijdens de onderzoeken die gevoerd werden in de nasleep van de aanslagen van 1998. Zo bleken verscheidene in Kenia werkzame humanitaire organisaties van islamitische signatuur betrokken geweest te zijn bij het binnensmokkelen van wapens vanuit Somalië. Bovendien vormt dit land de uitvalsbasis van een brede waaier van extremistische groeperingen, waaronder Al-Ittihaad al-Islami (Islamitische Unie), een terreurgroep die nauwe banden zou onderhouden met al-Qaeda en streeft naar de vestiging van een fundamentalistisch regime in Somalië en eveneens tot doel heeft de naburige staten te destabiliseren. Het mag dan ook geen verwondering wekken dat men het netwerk rond Osama bin Laden verdenkt trainingskampen te hebben in Somalië, tot in het zuiden aan de grens met Kenia toe. Sommigen gaan er zelfs van uit dat Bin Laden, nadat het Taliban-regime in Afghanistan ten val was gebracht, zijn hoofdkwartier in Somalië wilde vestigen. Feit is dat zowel de zwakheid van het centrale overgangsregime als de marginale aanwezigheid van internationale instanties meebrengen dat Somalië een 'grijze zone' vormt voor het wereldwijde netwerk van inlichtingendiensten. Deze blinde vlek zou dan ook wel eens de achilleshiel kunnen worden van de global war against terrorism van de Amerikaanse president George W. Bush. Mogelijk met die bekommernis in het achterhoofd hebben de Verenigde Staten de afgelopen weken zowat 700 Special Forces geposteerd in de voormalige Franse kolonie Djibouti, die grenst aan Somalië. Omtrent de concrete opdracht van deze elite-eenheden hangt voorlopig nog een oorverdovende stilte. Mocht die aanwezigheid inderdaad verband houden met de ontwikkelingen in Somalië, dan is een dergelijke discretie weinig verrassend. De Verenigde Staten hebben reeds traumatische herinneringen aan dit land. De brutale afslachting van 18 Amerikaanse soldaten in de Somalische hoofdstad Mogadishu, tijdens de operatie 'Restore Hope' in 1993, vormt nog steeds een deel van Amerika's onverwerkt verleden. Vooralsnog hebben de internationale gemeenschap en de Amerikaanse oorlogsmachine echter voornamelijk Irak in het vizier. Maar de overtuiging groeit dat ook Somalië niet vrijuit kan blijven gaan. Dit land in de Hoorn van Afrika vormt immers al jaren een factor van instabiliteit voor heel de regio en groeit steeds meer uit tot een thuishaven voor allerhande obscure fundamentalistische groepen en terroristische organisaties. Mogelijk is Kenia daar voor de tweede maal het slachtoffer van geworden. Waarmee duidelijk wordt dat de dreigende internationale terreur in de Hoorn zijn niche kan hebben gevonden. Gunter LauwersSomalië zou ook wel eens de achilleshiel kunnen worden van Bush' globale oorlog tegen het terrorisme.