Toen donderdag de eerste berichten over aanslagen in Londen doorsijpelden, stemden kijkers overal ter wereld af op de BBC. Wie anders zou hun nieuwshonger kunnen stillen? Dat bleek al snel tegen te vallen. Wie de uitzendingen van de BBC volgde, kreeg gaandeweg de indruk dat ze daar meer wisten dan ze wilden meedelen. Geen beelden van slachtoffers, geen chaos, geen tranen en al zeker geen bloed. De hele dag lang, tot diep in de namiddag, hield de BBC het bij de officiële dodentol: twee slachtoffers. Dat er ook een bus was ontploft en dat daar ook doden en gewonden waren, bleek al snel uit ooggetuigenverslagen, maar de BBC gaf geen krimp. Pas toen de politie officieel meldde dat er 37 doden waren, ging de BBC overstag. Geen paniek zaaien en zeker geen fouten maken, leek voor de fel geplaagde Britse openbare omroep belangrijker dan snelheid en directheid.
...

Toen donderdag de eerste berichten over aanslagen in Londen doorsijpelden, stemden kijkers overal ter wereld af op de BBC. Wie anders zou hun nieuwshonger kunnen stillen? Dat bleek al snel tegen te vallen. Wie de uitzendingen van de BBC volgde, kreeg gaandeweg de indruk dat ze daar meer wisten dan ze wilden meedelen. Geen beelden van slachtoffers, geen chaos, geen tranen en al zeker geen bloed. De hele dag lang, tot diep in de namiddag, hield de BBC het bij de officiële dodentol: twee slachtoffers. Dat er ook een bus was ontploft en dat daar ook doden en gewonden waren, bleek al snel uit ooggetuigenverslagen, maar de BBC gaf geen krimp. Pas toen de politie officieel meldde dat er 37 doden waren, ging de BBC overstag. Geen paniek zaaien en zeker geen fouten maken, leek voor de fel geplaagde Britse openbare omroep belangrijker dan snelheid en directheid. De terughoudendheid van de BBC is het gevolg van de nieuwe Editorial Guidelines (redactionele richtlijnen) die in juli in werking traden. Na de gruwelijke aanslag in de school in Beslan (Noord-Ossetië) brak er in het Ver-enigd Koninkrijk een hevig debat los over de vraag of al die verschrikkelijke beelden wel moesten worden getoond. De directie besloot daarop om voortaan 'gevoelige' of 'controversiële' beelden met een paar seconden vertraging uit te zenden. Zo zou de eindredacteur van dienst de kans krijgen om al te gortige beelden weg te snijden. 'Het zal alleen maar gebeuren in uitzonderlijke situaties', zei de BBC bij de bekendmaking van de richtlijnen in juni. Het moet wel gezegd dat de ordediensten het de journalisten niet gemakkelijk maakten. De getroffen metrostations werden hermetisch afgesloten. Terwijl de BBC en de andere beroepsmedia - gewild of noodgedwongen - op de vlakte bleven, namen de amateurjournalisten op het internet hun taak moeiteloos over. Om 9.18 uur (Britse tijd) had Wikipedia, een encyclopedie die door iedereen kan worden aangevuld, al een overzichtspagina online. Die werd die eerste dag maar liefst 2800 keer aangevuld. Ondertussen is ze uitgegroeid tot dé referentie voor iedereen die op zoek is naar nieuws en achtergrond over 07/07. Wie fouten ziet, moet ze gewoon zelf verbeteren. Da's meer dan je van kranten of tv-zenders mag verwachten. Honderden bloggers in Londen brachten verslag uit over hun wedervaren in de ochtendspits. Anderhalf uur na de ontploffingen telde Technorati, een site die het blogverkeer in kaart brengt, al 1300 posts. Ambulancier Tom Reynolds, bijvoorbeeld, bracht op zijn eigen blog verslag uit van de reddingswerken. Zijn blog werd gelinkt aan collectieve blogs zoals Londonist.com of BoingBoing.com, zodat je alles op de voet en bijna in real time kon volgen. De enige échte beelden van de aanslagen komen ook van ' citizen journalists'. Adam Stacey zat op de metro die getroffen werd in King's Cross. Hij nam een foto met zijn gsm en stuurde die door naar een vriend die hem op de fotoblog moblog.co.uk plaatste. Via Wikipedia kwam de foto uiteindelijk bij Sky News en Associated Press terecht. De foto mocht vrij verspreid worden op voorwaarde dat de naam van Stacey vermeld werd. Hij is immers onderworpen aan een Creative Commons-licentie bedoeld om het vrije verkeer van ideeën en informatie uit de commerciële sfeer te halen. Flickr. com, een 'photo sharing blog'van Yahoo, bracht in een mum van tijd honderden amateurfoto's samen. Zo ook die van Steve Thornhill die het moment vastlegde waarop de bus in Tavistock Square ontplofte. De enige bewegende 'actiebeelden' kwamen opnieuw van 'burgerjournalisten': Alexander Chadwick filmde de evacuatie van King's Cross. De mainstream media moesten vrijdag en zaterdag ootmoedig erkennen dat ze glansrijk geklopt waren door de 'upstream media'. Deze term van de Amerikaanse publicist Gary North is goed gekozen. De internetrevolutie heeft het produceren van nieuws én het verdelen ervan spotgoedkoop gemaakt. Iedereen kan zijn verhaal zelf 'uploaden' en daardoor hoeven kijkers en lezers zich niet langer door de nieuwsstroom te laten meedrijven. Ze kunnen tegen de traditionele nieuwsstroom op roeien of zelf alternatieve nieuwsstromen verkennen. Volgens North betekent deze evolutie het einde van de mainstream media. Toch valt het op dat kranten en tv-stations zich niet zomaar gewonnen geven. Allemaal riepen ze hun lezers via hun website op om hun bijdrage te leveren. Door simpelweg de alternatieve blogs te plunderen, verrijkte de BBC zijn aanbod aanzienlijk. Ook de tv-stations putten gretig uit de amateurbeelden die op het internet circuleerden en kranten compileerden de zelfgeschreven ooggetuigenverslagen in plaats van eigen verslaggevers ter plekke te sturen. Soms wordt het wel al te gortig: zo verspreidden zowat alle professionele fotoagentschappen foto's van amateurkiekjes die werden getoond... op televisie en boden die dan aan de schrijvende pers te koop aan. Dat snelheid niet alles is, blijkt uit een cijfer van The New York Times: de meest gelezen artikels over 7/7 waren niet de feiten van de dag, maar wel de opiniestukken en de analyses van de senior writers van de krant. Want als de lezer weet wat er gebeurd is, blijft hij met één vraag achter: waarom? Karl van den BroeckTerwijl de BBC en de andere beroepsmedia - gewild of noodgedwongen - op de vlakte bleven, namen de 'citizen journalists' op het internet hun taak moeiteloos over.